Interstate Highway
Het Dwight D. Eisenhower National System of Interstate and Defense Highways, doorgaans het Interstate Highway System is een netwerk van autosnelwegen in de Verenigde Staten, en is vernoemd naar de president die het systeem bedacht heeft; Eisenhower. Het Interstate-systeem is een systeem in het grotere nationale hoofdwegennet van de Verenigde Staten. Het Interstate Highway System had in 2004 een totale lengte van 46.876 mijlen, oftewel 75.440 kilometer. Dit aantal omvat waarschijnlijk een aantal dubbelnummeringen.
Het snelwegensysteem krijgt de financiering van de nationale federale overheid, maar de wegen worden gebouwd, en zijn in het beheer van de staten of de tolmaatschappijen. Het systeem bedient bijna alle grote Amerikaanse steden. In tegenstelling tot snelwegen in Europa gaan Interstate Highways altijd dwars door het centrum van de stad. Omdat de meeste Amerikaanse stadscentra geen historisch centrum, maar een kantorencentrum kennen, werd de autosnelweg de belangrijkste vorm van vervoer naar het werk.
Het systeem is een prominent gegeven in de Amerikaanse samenleving. De distributie van alle goederen en het woon-werkverkeer maken gebruik van het snelwegennet. Een derde van de totale vervoersprestatie wordt gereden over een Interstate Highway.
Inhoud |
Naam
De Interstate Highway verwijst naar het systeem. Het is geen synoniem voor "autosnelweg" of "freeway". Wel zijn op enkele zeer minieme uitzonderingen na, alle Interstate Highways snelwegen. Echter lang niet alle snelwegen in de Verenigde Staten zijn Interstate Highways. Het niet-Interstate snelwegennet is ongeveer 25.000 kilometer lang en bestaan voornamelijk uit US Highways, State Routes en ongenummerde reference routes. Het Interstate Highway systeem is goed voor circa 75% van alle snelwegen in de Verenigde Staten. Het Interstate Highwaysysteem groeit amper nog, de meeste nieuwe snelwegen in de Verenigde Staten zijn US Highways of State Routes.
Netwerk
Hoofdroutes
Zie ook Lijst van Interstate Highways in de Verenigde Staten
Het netwerk bestaat uit één- en tweecijferige hoofdroutes die een gridsysteem vormen in het hele land, met uitzondering van Alaska. Het netwerk is niet sequentieel genummerd, zo zijn er slechts 3 Interstates met één cijfer, de I-4, de I-5 en de I-8. Het netwerk wordt doorgaans aangeduid door Interstate XX of I-XX.
Even nummers zijn oost-westlopende snelwegen. Het laagste nummer is de I-4 in Florida, en het hoogste nummer is de I-96 in Michigan. Oneven nummers vormen de noord-zuidassen, het laagste nummer is de I-5 langs de Pacifische Oceaan, en het hoogste nummer is de I-99 in Pennsylvania, alhoewel het meest oostelijke continue nummer de I-95 is van Florida tot aan Maine.
Het schema voor de Interstate-nummering is ontworpen door de AASHTO in 1957. Snelwegen beheerd door de federale overheid buiten continentaal-Verenigde Staten hebben een eigen nummering, zoals de interstates op Hawaii en Puerto Rico. In Alaska zijn ook interstates, maar dit zijn geen snelwegen.
Aan het wegnummer is niet de belangrijkheid van de route af te leiden, alhoewel de nummers met 10-tallen van de oost-westassen, en de 5-tallen van noord-zuidassen doorgaans de belangrijkste routes vormen, is dit niet altijd het geval. Zoals de I-45 die van Galveston naar Dallas loopt, een afstand van slechts 457 kilometer. De meeste even wegnummers op tientallen, de I-10, I-80 en I-90 lopen van de westkust naar de oostkust. De I-20, I-30 en I-40 vormen ook zulke routes, maar beginnen niet aan de westkust. De I-50 en I-60 bestaan niet. Oneven nummers die eindigen op een -5 lopen meestal van de Mexicaanse grens of de zuidkust naar de Canadese grens. Ook hier zijn uitzonderingen op, zoals de I-45 en de I-85.
Voor de efficiëntie lopen sommige nummers over langere afstand samen. Zo lopen de I-80 en I-90 in Indiana en Ohio over maar liefst 450 kilometer over dezelfde route. Tussen Madison en Portage in Wisconsin lopen drie Interstates samen, de I-39, de I-90 en de I-94, de langste driedubbel-nummering in de Verenigde Staten.
Alhoewel de naam Interstate doet vermoeden dat een Interstate altijd meerdere staten verbindt, is dit (lang) niet altijd het geval, met name met de 3-cijferige hulproutes.
Hulproutes
Een hulproute of afgeleide is een 3-cijferige interstate die zijn nummer ontleent van de hoofdroute waar deze aan begint, of vlakbij loopt. Deze snelwegen vormen meestal korte ringwegen of bypasses in stedelijke gebieden.
Door het grote aantal hulproutes aan één hoofdroute kan een 3-cijferig nummer diverse malen voorkomen, ze mogen echter niet tweemaal binnen één staat voorkomen. In sommige staten is de hele set nummers verbruikt, zoals in New York, waar van de I-90 de I-190, I-290, I-390, I-490, I-590, I-690, I-790, I-890 en I-990 gebruikt zijn.
Ringsnelwegen behouden doorgaans één nummer, ongeacht welke andere hoofdroutes de weg kruist. De I-275 rondom Cincinnati is de enige 3-cijferige Interstate die door 3 staten loopt. Veelal loopt een 3-cijferige Interstate door slechts één staat, maar dat is niet overal het geval, met name in grote agglomeraties bij staatsgrenzen.
Geschiedenis
Het Interstate Highway System was begonnen door de autorisering van de "Federal Aid Highway Act" van 29 juni 1956, beter bekend als de "National Interstate and Defense Highways Act of 1956". Deze wet is er gekomen door lobby van Amerikaanse autofabrikanten en president Dwight D. Eisenhower, geinspireerd door de bouw van de Duitse autobahnen. Behalve voor privétransport zou het ook van grote waarde zijn voor transportroutes van militaire voorraden en troepenverplaatsingen ten tijde van noodsituaties. Destijds was er de dreiging van de Koude Oorlog.
De eerste federale wegenplanning begon in 1921, toen het bureau van openbare wegen het leger om een lijst had gevraagd van noodzakelijk geachte wegen voor defensie, de zogenaamde "Pershing Map". Later in de jaren 20 begon zich rondom New York een systeem van zogenaamde "Parkways" te ontwikkelen, de eerste aanzet tot de autosnelweg zoals we die nu kennen. Toen het aantal voertuigen op de weg begon toe te nemen begon ook de noodzaak tot een doorgaand snelwegennet toe te nemen om het bestaande hoofdwegennet van de US Highways aan te vullen. Eind jaren 30 van de 20e eeuw begon de planning tot een autosnelwegennet, de zogenaamde "Superhighways". In 1938 werd er door de Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt een eerste handgetekende plankaart aan het bureau van openbare wegen, de BPR, uitgereikt. Deze kaart bevatte 8 geplande superhighways die bestudeerd moesten worden. De "General Location of National System of Interstate Highways" ook wel het "Yellow book" genaamd, was een uitgebreide documentatie inclusief kaarten waar voor elke stad het Interstate Systeem gepland was. Dit werd uitgegeven in 1955.
Alhoewel de aanleg van het Interstate Highway System tot op de dag van vandaag nog doorgaat, wordt het verwijderen van de laatste verkeerslichten op de I-90 in Wallace, Idaho vaak geciteerd als de completering van het systeem op 15 september 1991. De eerste schattingen voor de kosten waren 25 miljard dollar over 12 jaar. Uiteindelijk kostte het systeem 114 miljard dollar (425 miljard dollar met de inflatie doorgerekend tot 2006), en kostte het 35 jaar om te voltooien. Gemiddeld heeft het interstate-systeem dus 5,6 miljoen dollar of 4 miljoen euro per kilometer gekost.
Door het afblazen van de Somerset Freeway is de I-95 onderbroken in New Jersey. Wanneer het I-95 Interchange Project wordt voltooid in 2009 zal de hele corridor compleet zijn.
Missouri en Kansas hebben geclaimd dat de "I-70 de eerste Interstate Highway was. (Missouri zegt ook dat de I-44 de eerste was). De eerste 3 contracten waren getekend in Missouri op 2 augustus 1956. Kansas claimt dat de I-70 het eerste gedeelte was dat geasfalteerd was uit het programma, echter planning van deze weg was al begonnen voordat het Interstate Highway-programma werd opgezet. De Pennsylvania Turnpike, welke geopend is op 1 Oktober 1940 zegt dat het de eerste snelweg was van de Verenigde Staten.
De meeste Interstate Highways zijn in de jaren 50, 60 en 70 aangelegd. De aanleg ging daarna door, maar op een veel lager pitje. De meeste ontbrekende schakels in het systeem zijn al decennia geleden voltooid. De focus ligt tegenwoordig meer op het vernieuwen van het systeem. Veel Interstate Highways hebben nog het originele betonwegdek en zijn regelmatig in slechte staat. Daarnaast zijn veel kunstwerken in slechte staat, en moeten vervangen worden. In steden worden sommige Interstates beter ingepast, zoals de Interstate 93 in Boston, het beroemde "Big Dig"-project. Omdat onderhoud steeds meer geld kost worden veel wegverbredingen via tolstroken, zogenaamde HOT-lanes, uitgevoerd.
Openstellingen per jaar
Bron:[1]
| Jaar | Openstelling (km) | Cumulatief (km) | % opengesteld[2] |
|---|---|---|---|
| <1956 | 3511 | 3511 | 5,1% |
| 1956 | 868 | 4389 | 6,4% |
| 1957 | 3595 | 7974 | 11,6% |
| 1958 | 2890 | 10865 | 15,8% |
| 1959 | 3052 | 13917 | 20,2% |
| 1960 | 2895 | 16811 | 24,4% |
| 1961 | 2890 | 19801 | 28,7% |
| 1962 | 3284 | 23085 | 33,5% |
| 1963 | 3574 | 26659 | 38,7% |
| 1964 | 3967 | 30626 | 44,4% |
| 1965 | 3488 | 34114 | 49,5% |
| 1966 | 3689 | 37803 | 54,9% |
| 1967 | 3488 | 41291 | 59,9% |
| 1968 | 3160 | 44451 | 64,5% |
| 1969 | 3275 | 47726 | 69,3% |
| 1970 | 3069 | 50795 | 73,7% |
| 1971 | 2326 | 53120 | 77,1% |
| 1972 | 2263 | 55384 | 80,4% |
| 1973 | 1719 | 57102 | 82,9% |
| 1974 | 1308 | 58410 | 84,8% |
| 1975 | 1803 | 60213 | 87,4% |
| 1976 | 1273 | 61485 | 89,2% |
| 1977 | 1167 | 62652 | 90,9% |
| 1978 | 814 | 63466 | 92,1% |
| 1979 | 588 | 64054 | 92,9% |
| 1980 | 765 | 64819 | 94,1% |
| 1981 | 615 | 65434 | 95,0% |
| 1982 | 379 | 65812 | 95,5% |
| 1983 | 184 | 65997 | 95,8% |
| 1984 | 557 | 66553 | 96,6% |
| 1985 | 256 | 66809 | 96,9% |
| 1986 | 279 | 67087 | 97,4% |
| 1987 | 318 | 67406 | 97,8% |
| 1988 | 234 | 67640 | 98,2% |
| 1989 | 696 | 68335 | 99,2% |
| 1990 | 154 | 68489 | 99,4% |
| 1991 | 104 | 68593 | 99,5% |
| 1992 | 154 | 68747 | 99,8% |
| 1993 | 80 | 68827 | 99,9% |
| 1994 | 12 | 68839 | 99,9% |
| 1995 | 24 | 68863 | 99,9% |
Ontwerpeisen
hoofdartikel over ontwerpeisen van Interstate Highways
De AASHTO heeft een set standaarden ontwikkeld die van toepassing zijn op alle Interstate Highways, tenzij er een uitzonderingpositie wordt gemaakt door de Federal Highway Administration (FHWA). De ontwerpeisen zijn strenger geworden in de afgelopen decennia. De belangrijkste ontwerpeis betreft de gecontroleerde ongelijkvloerse toegang tot de Interstate Highway. Op een paar uitzonderingen na mogen verkeerslichten alleen voorkomen bij tolstations en toeritdoseringslichten.
Maximumsnelheden
Hoofdartikel Maximumsnelheden in de Verenigde Staten
Interstate Highways hebben doorgaans de hoogste snelheidslimieten van de Verenigde Staten. Maximumsnelheden worden vastgesteld per staat, vanwege lokale verschillen tussen de staten. In landelijke gebieden lopen de maximumsnelheden uiteen van 65 mijl tot 85 mijl (100 tot 135 kilometer per uur). Maximumsnelheden van 80 of meer komen alleen voor in Texas. Stedelijke Interstates kennen doorgaans een snelheidslimiet van 50 tot 65 MPH (80 tot 105 km/h). De hoogste maximumsnelheden komen doorgaans in het westen en midden voor, de lagere in het oosten. De meeste maximumsnelheden zullen door Europeanen doorgaans als laag worden beschouwd.
Multifunctioneel ontwerp
Naast dat de Interstates zijn ontworpen om personen en goederen te vervoeren, zijn de snelwegen ook ontworpen voor militaire operaties, met name troepenverplaatsingen.
Een ander gebruik van de Interstates zijn die voor evacuaties als gevolg van kernoorlog. Dit systeem wordt al gebruikt ten tijde van evacuatieroutes voor orkanen of ander natuurgeweld. Om dit zo efficiënt mogelijk te maken is de Contraflow ontworpen, zodat alle rijstroken in één richting beschikbaar zijn. Dit is voor het eerst toegepast in 1999 op de I-16 tijdens de evacuatie van de stad Savannah voor orkaan Floyd. In 2004 is dit toegepast in Tampa, Florida voor orkaan Charley, en langs de Golf van Mexico voor orkaan Ivan. Het is hierna nogmaals gebruikt in 2005 voor de evacuatie van New Orleans en Houston voor de komst van de orkanen Katrina en Rita. Alhoewel deze evacuaties doorgaans zeer chaotisch verlopen met gigantische files hebben ze veel levens gered, door de verdubbeling van de capaciteit om de stad uit te komen.
Een zogenaamde urban legend is dat één mijl van de 5 of 10 mijl van de Interstate kaarsrecht gebouwd moest worden zodat ze landingsbanen waren voor vliegtuigen tijdens oorlogssituaties. In tegenstelling tot deze populaire aanname zijn de Interstates niet ontworpen om te functioneren als landingsbaan.
Toepassing
De interstates vormen het belangrijkste doorgaande systeem, en vaak de belangrijke rondwegen rondom agglomeraties. Zo loopt een één- of tweecijferige Interstate vaak dwars door de stad, in een oost-west of noord-zuidrichting. 3-cijferige Interstates vormen doorgaans ringwegen of bypasses. Binnen stedelijke gebieden zijn er heel veel afslagen, vaak met elke straat, wat soms resulteert in meerdere afslagen binnen één kilometer. Hiervoor zijn vaak borden geplaatst met de afstand tot de volgende drie afslagen.
Binnen grote agglomeraties vormen Interstate Highways vaak de minderheid van de snelwegen. Vaak zijn er ook vele US Highways en State Highways die de belangrijkere forensenroutes vormen. In New York komen ook Parkways voor, dit zijn snelwegen in parkachtige omgevingen en met een verbod voor vrachtwagens. Sommige Parkways zijn ongenummerd, en kennen alleen een naam.
Naamgeving
Veel Interstate Highways en andere wegen hebben ook een naam. In sommige agglomeraties zoals New York en Los Angeles staan ze zelfs beter bekend onder de naam dan het nummer. Namen komen vooral voor op de snelwegen in agglomeraties, in landelijke gebieden hebben slechts enkele snelwegen een naam.
De meeste snelwegen zijn vernoemd naar geografische punten, zoals steden of lokale objecten zoals een haven. Ook zijn enkele snelwegen vernoemd naar presidenten.
Financiering
Ongeveer 70 procent van de aanleg en onderhoudskosten worden gedekt door wegen- en brandstofbelastingen, en tol op enkele wegen en bruggen. De rest van de kosten wordt gedekt door de federale overheid. Dit in tegenstelling tot Europese snelwegen, waar de opbrengsten uit wegenbelastingen en brandstofaccijnzen vaak veel hoger zijn dan de uitgaven aan het wegennet. In het oosten van de Verenigde Staten waren en zijn enkele snelwegen tolwegen, die zijn gepland of gebouwd voor het Interstate-plan van 1956.
Daar Amerikaanse steden soms enorme oppervlaktes kennen, met een vrij lage dichtheid, nemen de kosten van snelwegaanleg toe. Hiertoe zijn in enkele agglomeraties ook tolsnelwegen aangelegd. In sommige steden worden HOV-lanes (High Occupancy Vehicle, voertuigen met meer dan 2 personen aan boord) of Toll-lanes aangelegd, die een meer filevrije doorgang moeten garanderen. In met name Los Angeles, maar ook in andere steden zijn de HOV-lanes vrij succesvol, in tegenstelling tot de Nederlandse carpoolstrook op de A1 bij Muiden, die later is omgebouwd in een wisselstrook. HOV-lanes zijn niet altijd fysiek gescheiden van de overige rijstroken, vaak alleen door middel van 2 doorgetrokken strepen. Deze HOV-lanes hebben minder afslagmogelijkheden dan de gewone rijstroken.
Tol
Ongeveer 4.700 kilometer van de Interstate Highways zijn tolwegen, vaak Turnpikes genaamd. De wet die het Interstate Highway-systeem mogelijk maakte, verbiedt tol op Interstates. De meeste tolwegen zijn echter van voor het Interstate Highwaysysteem in 1956 en zijn later onderdeel geworden van het systeem. Hierdoor kan er alsnog tol geheven worden. Regionale tolwegen worden soms tolvrij nadat de snelweg is afbetaald, maar dit is veelal niet het geval in het Interstate Highway systeem, met name in de regio New York City waar de meeste bruggen al decennia geleden zijn afbetaald, maar waar de tolinkomsten door de lokale wegenautoriteit aan andere doelen gewend wordt, prominent het openbaar vervoer. Tolwegen in het Interstate Highwaysysteem komen doorgaans niet in aanmerking voor financiering voor upgrades uit belastinggeld. Ze moeten zelfvoorzienend zijn.
Bewegwijzering
Zie Bewegwijzering in de Verenigde Staten.
Een Interstate-route is te herkennen aan een blauw schild met een rode bovenkant met in het rode vlak "Interstate" geschreven, en daaronder het wegnummer in het blauwe schild. Zo'n schild is 91 centimeter hoog, en 91 centimeter breed bij 2-cijferige nummers, en 112 centimeter bij 3-cijferige nummers.
De Interstates hebben een afritnummering, die kan verschillen per staat. Zo worden in het oosten vaak (maar niet altijd), opeenlopende afritnummers gebruikt, terwijl andere staten in het midden en westen doorgaans afritnummering gebruiken op basis van de dichtstbijzijnde milemarker, de Amerikaanse equivalent van een hectometerpaal. Een aparte situatie bestaat op de Interstate 19 in Arizona, waar de afritnummering is gebaseerd op kilometers.
California is een staat die jarenlang geen afritnummering gebruikte. Het kreeg een uitzonderingsstatus in 1950, omdat het Interstatenetwerk in die staat toen al grotendeels af was. Een afritnummering alsnog invoeren werd te duur geacht. Sinds 2002 is California afritnummering aan het invoeren op alle wegen die snelwegstatus hebben. Dit wordt alleen gedaan wanneer er noodzaak is tot een aanpassing aan de weg of bewegwijzering, om de kosten te drukken.
Op even wegnummers loopt de afritnummering op richting het oosten, oneven wegnummers hebben een afritnummering die oploopt naar het noorden. Hier zijn een paar uitzonderingen op.
De bewegwijzering maakt gebruik van zogenaamde control cities, belangrijke doelen op de route. Deze staan dan aangegeven. Dit concept is echter niet overal even duidelijk of consequent doorgevoerd. Soms worden hele kleine stadjes gebruikt als enige control city, en op sommige plekken staan helemaal geen control cities, alleen "Thru traffic", "North" "Northwestern Suburbs" of simpelweg alleen het wegnummer. Verder wordt veel gebruik gemaakt van de windrichtingen, daar Amerikaanse snelwegen doorgaans alleen in de 4 windrichtingen lopen vanwege het gridpatroon. In veel steden is het stratenpatroon ook exact noord-zuid of oost-west. Dit is een geheel ander concept dan in Europa, en kan voor Europeanen even wennen zijn.
Alhoewel Amerikaanse snelwegen bekend staan als een weg met heel veel rijstroken valt dit in de praktijk wel mee. In Los Angeles zijn bijvoorbeeld nauwelijks snelwegen te vinden die meer dan 5 rijstroken per richting tellen. In extreme gevallen zijn er wegen met 8 rijstroken naast elkaar, zoals op de I-75 in Atlanta. Dit zijn doorgaans korte stukjes. Niet altijd worden alle rijstroken aangegeven met pijlen, soms staat er alleen een aanduiding "Sacramento left 3 lanes" of "Atlanta right 2 lanes". Dit kan verwarring opleveren bij ter plekke onbekenden.
Trivia
- De drukste Interstate is de I-405 in Seal Beach bij Los Angeles, met gemiddeld 382.000 voertuigen per dag.
- Het rustigste gedeelte is de I-95 in Houlton, Maine, bij de Canadese grens rijden gemiddeld slechts 1.880 voertuigen per dag.
- Het noordelijkste punt van het Interstate-systeem bestaat uit de I-5, I-15 en I-29 die allemaal eindigen aan de Canadese grens.
- Het zuidelijkste punt is de H-1 op Hawaii. Binnen het vasteland van de Verenigde Staten is de I-95 bij Miami het zuidelijkst.
- Het oostelijkste punt is de I-95 bij Houlton, Maine aan de Canadese grens.
- Het westelijkste punt is de H-1 op Hawaii. Op het vasteland is de I-5 bij Wolf Creek in Oregon het westelijkst.
- Het hoogste punt in het Interstate-systeem is in de Eisenhower tunnel in de I-70 in Colorado, op de Continental Divide op 3401 meter hoogte. Dat is twee keer zo hoog als de hoogste Europese snelweg.
- Het laagste punt op het land is de I-8 bij Seeley California, op -16 meter. Het laagste punt onder water is de I-95 in de Fort McHenry tunnel in Baltimore, op -32 meter.
- De langste Interstate is de I-90, welke 4.987 kilometer lang is tussen Seattle en Boston. De langste noord-zuidas is de I-95, welke wanneer voltooid, 3101 kilometer lang is tussen Miami en Houlton, Maine.
- De kortste snelweg is de niet bewegwijzerde I-878 bij John F Kennedy Airport in New York City, 1,1 kilometer lang. De kortste bewegwijzerde Interstate is de I-375 in Detroit, deze is 1,71 kilometer lang.
- De staat met de meeste Interstates: New York, 29 routes
- De staat met de meeste hoofdroutes: Illinois, 12 routes met 1 of 2 cijfers
- De Interstate die de meeste staten bedient: Interstate 95, 15 staten en het District of Columbia
- Langste Interstate netwerk in één staat: Texas, 5.204 kilometer (17 routes) (waarvan 3.400 kilometer door I-10, I-20 en I-35)
- Grootste stad niet bedient door een hoofdroute: San Jose, California (997.000 inwoners)
- Grootste stad niet bedient door enige Interstate: Fresno, California (505.000 inwoners)
- Staat met de grootste Interstate dichtheid: Indiana.
- Hoofdsteden van staten zonder Interstates: 5 stuks; Juneau, AK, Dover, DE, Jefferson City, MO, Carson City, NV, Pierre, SD.
- Breedste Interstate: Interstate 5 in San Diego, 21 rijstroken
- Breedste middenberm: I-8 CA, I-84 OR, I-24 TN, meer dan 2 kilometer
- Smalste Interstate: Interstate 93 in New Hampshire, deels een super-two. Interstate 81 in New York voor de Canadese grens idem
Externe links
Kaartje van het grid van Interstate Highways
Referenties
- ↑ USA Interstate Highway System: Miles/Kilometers Opened by Year | publicpurpose.com
- ↑ ten opzichte van het netwerk in 1995
| Interstate Highways in de Verenigde Staten |
|---|
|
4 • 5 • 8 • 10 • 12 • 15 • 16 • 17 • 19 • 20 • 22 • 24 • 25 • 26 • 27 • 29 • 30 • 35 • 37 • 39 • 40 • 43 • 44 • 45 • 49 • 55 • 57 • 59 • 64 • 65 • 66 • 68 • 69 • 70 • 71 • 72 • 73 • 74 • 75 • 76 • 77 • 78 • 79 • 80 • 81 • 82 • 83 • 84 • 85 • 86 • 87 • 88 • 89 • 90 • 91 • 93 • 94 • 95 • 96 • 97 • 99 Auxiliary routes: Lijst van hulproutes van Interstate Highways • Business routes • Dubbelnummeringen • Federal Aid Highway Act • Langste Interstate Highways |

