Modal split

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

De modal split is letterlijk vertaald de vervoerwijzekeuze. De geeft de verhouding van het aantal reizigers(kilometers) tussen de verschillende modaliteiten (vervoerwijzes) aan, meestal gerekend in de auto (bestuurder), auto (passagier), trein, bus/metro/tram, fiets, bromfiets/scooter en lopen. De modal split kan op diverse manieren berekend worden, gebruikelijk zijn het aantal reizigerkilometers, vervoersprestatie, het absolute aantal reizigers en het aantal verplaatsingen.

Bij het bepalen van de cijfers wordt hoofdzakelijk gebruik gemaakt van enquetes en mobiliteitsonderzoeken (MON). Daarbij geldt dat alleen de hoofdverplaatsing wordt meegerekend. Wanneer mensen voor een verplaatsing meerdere modaliteiten gebruiken (bv eerst fiets, dan trein, dan bus) dan wordt alleen de trein als verplaatsing meegerekend. Evenzo is dit het geval wanneer mensen eerst naar de auto moeten lopen. Het lopen wordt in dit geval niet als verplaatsing meegerekend.

Een ander probleem doet zich voor bij zogenaamde ketenverplaatsingen. Een ketenverplaatsing is dat men op één rit meerdere motieven heeft. Dit zijn bijvoorbeeld verplaatsingen waarbij eerst het kind naar school wordt gebracht, men daarna naar het werk doorrijdt en dan ook nog even wat boodschappen doet. Problemen kunnen hierbij voorkomen in de betrouwbaarheid van de gegevens.

In acht genomen moet worden dat voorzichtigheid is geboden met het interpreteren van dit soort gegevens. Deze kunnen een vertekend beeld geven. Een hoog aandeel in het aantal gemaakte kilometers houdt niet gelijk in een hoog aandeel in het aantal verplaatsingen.

Inhoud

Vervoersprestatie Nederland

de Modal split in 2007.

In Nederland zijn de verhoudingen als volgt

Totaal Autobestuurder Autopassagier Trein Bus/tram/metro Brom/snorfiets Fiets Lopen Overig
197,2 97,5 52,0 15,7 5,8 0,9 14,2 4,5 6,7

Tabel 1: Vervoersprestatie Nederland, 2007, hele bevolking, in miljarden kilometers.[1]

In percentages naar aantallen kilometers betekent dat voor de belangrijkste modaliteiten dat 75,8% van de auto gebruik maakt, 10,9% met het OV gaat en 7,2% met de fiets gaat.

Trend

De vervoersprestatie wordt sinds 1985 door het CBS berekend. In die tijd is de modaliteit trein procentueel het meeste gegroeid, met zo'n 50%. Uit onderzoek is gebleken dat dit voornamelijk komt door de invoering van de OV-studentenkaart in 1990. De bus/tram/metro hebben sindsdien licht verloren en ook de brom/snorfiets heeft ingeboet in reizigerskilometers. Het gebruik van de fiets is licht gestegen, en het gebruik van de auto is in totaal met zo'n 40% gestegen. De totale vervoersprestatie steeg met 37%.

Verplaatsingen in Nederland

Kijken we naar het aantal verplaatsingen in 2007 per persoon per dag, dan komen er hele andere getallen uit:

Totaal Autobestuurder Autopassagier Trein Bus/tram/metro Brom/snorfiets Fiets Lopen Overig
Verplaatsingen per dag 2,99 0,99 0,46 0,06 0,08 0,02 0,78 0,56 0,05
Verplaatsingen in % 100 33 15 2 3 1 26 19 2

Tabel 2: Aantal verplaatsingen per persoon per dag, 2007, hele bevolking. [2]

Uit tabel 2 valt af te leiden dat met de auto de meeste verplaatsingen per dag worden gemaakt, in circa 50% van de gevallen. Hierbij valt op dat de fiets en lopen bij elkaar meer verplaatsingen zijn dan trein, bus, tram en metro bij elkaar. Zo bezien kan er gesteld worden dat het openbaar vervoer vaak geen concurrent is van de auto, maar dat dit de fiets en lopen zijn.

Op stedelijk niveau zijn er ook grote verschillen waarneembaar. Steden met een consistent mobiliteitsbeleid kennen een groter aandeel verplaatsingen fiets dan steden met een wisselend mobiliteitsbeleid. In steden als Groningen, Leeuwarden en Zwolle ligt het aandeel verplaatsingen van de fiets in de modal split boven de 35% (37% resp. 36% resp. 35%). Dit is fors hoger dan het landelijk gemiddelde van 26%. Daarentegen ligt het aandeel verplaatsingen voor de fiets in Heerlen op het laagste niveau van Nederland, met een schamele 10,7%. [3]

Het openbaar vervoer heeft op veel plaatsen weinig een beperkte modal share. Maar ook hier komen grote verschillen voor. Zo wordt er op het platteland nauwelijks van het openbaar vervoer gebruik gemaakt, terwijl aandeel openbaar vervoer in sommige stedelijke kernen stijgt tot circa 40%. Dit is het geval in de 4 grote steden in de spits.

Europa

Het aandeel auto in het totale aantal personenkilometers in 2008.[4]

Land  % auto (pkm)
Litouwen 90,9
IJsland 88,6
Noorwegen 87,6
Verenigd Koninkrijk 86,8
Nederland 86,5
Slovenië 86,2
Polen 85,5
Portugal 85,5
Duitsland 85,1
Finland 84,5
Frankrijk 84,2
Luxemburg 84,2
EU15 83,8
Ierland 83,8
EU25 83,5
EU27 83,3
Zweden 83,3
Italië 82,4
Kroatië 82,2
Griekenland 80,8
Letland 80,6
Spanje 80,1
Denemarken 79,4
Estland 79,4
Oostenrijk 78,6
België 78,4
Macedonië 78,3
Roemenië 77,2
Tsjechië 76,0
Bulgarije 75,9
Slowakije 74,9
Hongarije 62,1
Turkije 51,0

Goederenvervoer

   vrachtwagen
   schip
   trein

Zie ook

De modal split verandert door processen als de

Referenties

  1. CBS
  2. CBS
  3. Fietsberaad
  4. transportstatistieken op eurostat.eu
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Hulpmiddelen
Hosting-sponsor

TNX