Motorway
Een Motorway is de Engelse term voor een autosnelweg. De term wordt voornamelijk gebruikt in het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Pakistan, Australië en Nieuw Zeeland. In de Verenigde Staten en Canada is de term ongebruikelijk, hier spreekt men van freeway of expressway. In veel Europese landen wordt het woord "motorway" gebruikt waar Engels niet de voertaal is om een autosnelweg aan te duiden. Regelmatig wordt ook echter highway genoemd, wat een breder begrip is dan strikt een autosnelweg.
In sommige gevallen wordt ook wel de term "motorroad" gebruikt, maar dit komt vaker overeen met de Nederlandse autoweg, dan strikt een autosnelweg. In sommige landen, als bijvoorbeeld Pakistan en Groot-Brittannië, zijn in het verleden en tegenwoordig veel motorways direct met 2x3 rijstroken aangelegd.
Inhoud |
Standaardvarianten Verenigd Koninkrijk
In het Verenigd Koninkrijk kent men drie standaardvarianten voor motorways:
| Type | Type-aanduiding | Verwachte intensiteiten openingsjaar (mvt/etm) | Maximale intensiteit (mvt/etm) |
|---|---|---|---|
| Dubbelbaans tweestrookssnelweg | D2M | <41.000 | 65.000 |
| Dubbelbaans driestrookssnelweg | D3M | 25.000 - 67.000 | 97.000 |
| Dubbelbaans vierstrookssnelweg | D4M | 52.000 - 90.000 | 130.000 |
Verenigd Koninkrijk
zie ook Lijst van motorways in het Verenigd Koninkrijk
Geschiedenis
Voorgeschiedenis
In 1920 werd het wegenfonds opgericht, dat gefinancierd werd door een accijns op voertuigen. Het verkeer begon in de jaren 20 toe te nemen, maar het wegennet was vaak in slechte staat. Na de eerste wereldoorlog was de werkloosheid hoog, en in de jaren 20 werd twee maal een programma uitgevoerd om de werkloosheid te verlagen door middel van wegenbouw. Tegen 1935 waren 800 kilometer aan bypasses opengesteld, ongeveer de helft van het beoogde aantal bypasses. In 1934 werd de eerste hoogwaardige interstedelijke weg opgeleverd met een scheiding van snel- en langzaam verkeer bij Liverpool. Gedurende de jaren 30 werden de eerste plannen opgesteld voor een snelwegennet, en de toenmalige minister van transport bezocht Duitsland om te kijken bij de bouw van de Autobahn. De start van de bouw van de snelwegen werd door het uitbreken van de tweede wereldoorlog echter vertraagd. Gedurende de oorlog werden opnieuw plannen gemaakt voor een landelijk snelwegennet. In 1949 werd hiervoor speciale wetgeving doorgevoerd die het verkrijgen van een right of way mogelijk maakte.
Eerste snelwegen
De eerste snelweg van het Verenigd Koninkrijk was de Preston Bypass in 1958, tegenwoordig onderdeel van de M6. Het Verenigd Koninkrijk was hiermee één van de laatste west-Europese landen die zijn eerste autosnelweg bouwde, Nederland en Duitsland waren ruim 20 jaar eerder. De eerste lange-afstandssnelweg die opende was de M1 tussen London en Rugby. De eerste snelwegen waren uniek omdat ze direct vanaf de opening 2x3 rijstroken telden, indertijd voor verkeersintensiteiten van amper 20.000 voertuigen per etmaal. Het bouwen van snelwegen met 2x3 rijstroken bleek een ontwerpstandaard te worden. In 1962 opende de eerste snelweg in Noord-Ierland, de M1.
Highway revolts
Begin jaren 60 werden plannen gemaakt voor stedelijke snelwegen, daar verwacht werd dat het verkeer explosief zou toenemen, en de bereikbaarheid van steden, en uiteindelijk de Britse concurrentiepositie, sterk zou verslechteren. In 1966 werden de ontwerpstandaarden aangepast om kosten te besparen, door de bermen te versmallen en de redresseerstrook aan de middenberm te verwijderen. Dit zou circa 22.000 pond per mijl schelen. Gedurende de jaren 60 werden massaal snelwegen aangelegd, een bouwschema vergelijkbaar met dat in Nederland. In 1972 was de eerste 1.000 mijl (1.609 km) aan autosnelwegen opgeleverd. Lange-afstandssnelwegen werden gedurende de jaren 70 gewoon doorgebouwd, maar de stedelijke snelwegen liepen tegen sterke tegenstand vanuit de lokale bevolking aan, vergelijkbaar met de Freeway revolts in de Verenigde Staten. Een serie van 5 ringwegen om de hoofdstad London werd toen afgeblazen. Eind jaren 70 nam het bouwtempo sterk af, mede door de oliecrises en een periode die bekend stond als "the troubles", het Noord-Ierse conflict.
Stagnatie
De regering van Margareth Thatcher in 1979 nam een meer pro-wegenpositie aan, en werden diverse snelwegen verbreed en de M25 rond London voltooid. Tussen 1985 en 1995 nam het wegennet met 24.000 mijl toe, maar het snelwegennet groeide niet zo snel. In 1994 werd door de recessie een flink aantal wegenprojecten geschrapt. De M3 werd bekend door zijn hardline protesten tegen de aanleg die de aanleg fors vertraagde. Mede door de extra inpassingseisen stegen de kosten van de snelwegbouw met 50 - 100%, waardoor de overheid minder ruimte kreeg om nieuwe wegen te bouwen, of bestaande te verbreden. De laatste nieuwe snelweg van het Verenigd Koninkrijk was de M3 in Noord-Ierland in 1994. In 1996 was het snelwegennet 2.000 mijl (3.200 kilometer) lang, gezien de bevolkingsdichtheid van het land bijzonder weinig vergeleken met landen als Frankrijk, Duitsland of Italië. Nadat Labour aan de macht kwam in 1997 werden vrijwel alle nog bestaande plannen afgeblazen. Tussen 1980 en 2005 nam het verkeer met 80% toe, terwijl de wegcapaciteit met slechts 10% toenam.
| Autosnelwegnamen in de wereld |
|---|
|
Autobahn • Autobunn • Autocesta • Auto-estrada • Autokinetodromos • Autópálya • Autopista • Autoput • Autoroute • Autosnelweg • Autostrada (Italië) • Autostrada (Polen) • Autostradă (Roemenië) • Autovía • Avtocesta • Avtomagistral • Avtomagistrala • Avtopat • Diaľnica • Dálnice • Expressway • Freeway • Moottoritie • Motorvei • Motorvej • Motorväg • Motorway • Otoyol |