Afsluitdijk

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Afsluitdijk
NLA007.svg
A7 Afsluitdijk-2.jpg
Kruist IJsselmeer/Waddenzee
Lengte 32.000 meter
Openstelling 1932
Intensiteit 19.500 mvt/dag
Locatie kaart

De Afsluitdijk is een 32 kilometer lange dam in het noorden van Nederland en vormt de scheiding tussen de Waddenzee en het IJsselmeer. De Afsluitdijk verbindt de provincies Noord-Holland en Friesland en er overheen loopt de autosnelweg A7. De Afsluitdijk heeft twee waterdoorgangen; de Stevinsluizen aan de Noord-Hollandse zijde en de Lorentzsluizen aan de Friese zijde.

Geschiedenis

Al in de zeventiende eeuw ontstond het idee om de Zuiderzee af te sluiten[1]. Dijkdoorbraken en verzilting van landbouwgrond waren hier de aanleiding voor. De Zuiderzee zou ingepolderd worden wat geld zou kunnen opleveren door het nieuw ontstane landbouwgebied. Gebrek aan machines om het vele water weg te pompen verhinderden verdere uitwerking van deze plannen van Stevin. Eind negentiende eeuw leefden de plannen weer op en voor het binnenhalen van rijksgelden werd een commissie opgericht met als adviseur Cornelis Lely. In 1913 werd het Koninklijk Besluit genomen het plan uit te voeren. De uitvoering werd gedwarsboomd door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Die oorlog maakte wel duidelijk dat Nederland behoefte had aan landbouwgrond om aan haar eigen consumptie te voldoen. Dat, samen met de Zuiderzeevloed (of Watersnoodramp) van 1916 - die grote delen van Noord-Holland onder water zette - wekte nieuwe interesse voor de inpoldering. In 1918 werd het wetsontwerp door de Tweede Kamer aangenomen, waarna de werkzaamheden in 1920 startten. In 1932 was de dam voltooid en werd de eerste weg geopend. Er was nu sprake van het IJsselmeer. De plannen tot inpoldering zijn sterk beperkt tot wat we nu kennen als Flevoland.

Kazematten

Het toenmalige Ministerie van Oorlog (nu: Ministerie van Defensie) wenste een verdedigingslinie op de Afsluitdijk, deel uitmakend van de "Vesting Holland." Nadat de benodigde fondsen beschikbaar waren gesteld, verrees bij Kornwerderzand een voor die tijd uiterst moderne verdedigingslinie bestaande uit 17 zware betonnen kazematten. Duitse aanvallen op 12 en 13 mei 1940 werden hierdoor afgeslagen. In het Kazemattenmuseum kan men hier alles over vinden.

De verkeersweg

De Afsluitdijk, datum onbekend.
De bouw van de Afsluitdijk in 1932.
De Afsluitdijk.

In 1929-1930 werden werkzaamheden uitgevoerd om een spoorlijn over de Afsluitdijk aan te leggen. De gronden waren al grotendeels door het Rijk aangekocht. In Wieringen was zelfs al een sleuf uitgegraven voor de aanleg van de spoorlijn. In december 1930 verwachtte men dat de spoorlijn in 1934 of 1935 zou kunnen worden geopend, maar dat zou niet zo lopen. De aanleg werd als gevolg van de crisis al snel stilgelegd en in 1934 werd de doelmatigheid ernstig in twijfel getrokken in het blad “De Ingenieur”. Over de aanleg van de spoorlijn op de noordelijke strook van de dijk gaf de Minister in 1936 aan dat er “voorloopig niets van zal komen”.

Ondertussen was op 28 mei 1932 het laatste gat in de dijk gedicht en werd de wegverbinding in 1932 opengesteld in het bijzijn van de minister van Waterstaat, Ir. J.A. Kalff, en de directeur-generaal van de Zuiderzeewerken, Ir. De Blocq van Kuffeler. Voor het gebruik van de weg moest in eerste instantie een bedrag van 1 gulden worden betaald aan het 'Crisis-comité', hetgeen in Noord-Holland en Friesland de nodige kritiek opleverde. Op 25 september 1933 werd de verkapte tolheffing (die het crisiscomité ruim 100.000 gulden had opgeleverd) opgeheven en mocht iedereen onbeperkt van de weg over de dijk gebruik gaan maken.

In augustus 1940 had de “Algemeene Nederlandsche Verkeersfederatie” een nogal negatieve publicatie uitgebracht omtrent het feit dat de overheid nog altijd de spoorlijn in de plannen had staan. Dat werkverschaffing belangrijker werd geacht dan een maatschappelijk volstrekt onrendabel project werd onaanvaardbaar gevonden. De vraag of een spoorlijn over de Afsluitdijk moest worden aangelegd zou nog zo'n 25 jaar lang voort blijven slepen.

Ondertussen was in 1955 de Afsluitdijk de eerste Nederlandse rijksweg die van communicatiemiddelen werd voorzien: om de 5 kilometer werden telefoonpalen geplaatst ten behoeve van gestrande weggebruikers. Dit waren nog geen praatpalen zoals we die later zijn gaan gebruiken.

Monument op de Afsluitdijk

In de jaren '60 was duidelijk dat de aanleg van een spoorlijn over de Afsluitdijk maatschappelijk volstrekt onrendabel was, terwijl de roep om een betere wegverbinding van autosnelwegkwaliteit tussen Leeuwarden en Amsterdam steeds luider werd. Vandaar dat eind jaren '60 het besluit werd genomen om de weg over de Afsluitdijk om te bouwen tot autosnelweg. Op 4 juni 1969 werd de tweede rijbaan op de Afsluitdijk over 9 kilometer tussen Breezanddijk en de Lorentzsluizen door minister Bakker in gebruik genomen. Daarmee was de Afsluitdijk nog lang niet geheel autosnelweg: bij het monument en bij Breezanddijk moesten viaducten worden aangepast c.q. gebouwd en er waren nog heel wat kilometers te verdubbelen. Bovendien waren bij de sluizen nog nieuwe bruggen aan te leggen. Bij de bouw van de bruggen bij de sluizen kon gebruik worden gemaakt van voorwerk: de nieuwe rijbaan kwam immers op de plek te liggen die voorzien was voor de spoorlijn en er waren al pijlers aanwezig. Overigens was de verdubbeling, gebruik makende van het spoortracé, slechts voorzien voor 10 tot 15 jaar, want men ging ervan uit dat bij de voorziene verhoging van de Afsluitdijk de A7 verlegd zou moeten worden. Het in 1970 gerealiseerde viaduct bij Breezanddijk paste binnen deze dijkverbredingsplannen omdat deze op die locatie meteen werden uitgevoerd; de extra breedte van het viaduct aan de IJsselmeerzijde was gereserveerd voor een extra parallelweg. De Afsluitdijk zou in de plannen namelijk zo'n 40-50 meter breed worden en aan beide zijden een parallelweg krijgen. Tussen de beide sluiscomplexen is alleen bij Breezanddijk dit bredere dijkprofiel met verschuiving van het rijkswegtracé gerealiseerd. Tussen de Lorentzsluizen en knooppunt Zurich is de verbreding van de dijk met verschuiving van de rijksweg en de aanleg van parallelwegen wel meteen uitgevoerd. Op 3 december 1975 werd dit stuk als allerlaatste deel van de Afsluitdijk verdubbeld, waarmee de A7 tussen Sneek en Den Oever volledig autosnelweg was geworden. Na 1975 is de situatie tussen Den Oever en Zurich weinig veranderd. Van een dijkverbreding en verlegging van de snelweg tussen de Stevinsluizen en de Lorentzsluizen is na ruim 40 jaar nog altijd geen sprake.

De sluizencomplexen

In de Afsluitdijk zit een tweetal sluizencomplexen, elk bestaande uit een spuisluis voor de beheersing van de waterhuishouding in het IJsselmeer en schutsluizen voor de scheepvaart. De complexen zijn in 1931 en 1932 opengesteld bij het gereedkomen van de dijk. Hoewel de Stevin- en Lorentzsluizen op het oog er hetzelfde uit zien verschillen ze op een paar punten wel van elkaar.

Stevinsluizen

De Stevinsluizen bevinden zich vlak bij Den Oever in de provincie Noord-Holland. Het complex is genoemd naar Hendrik Stevin (1613-1669), een ingenieur in dienst van het Nederlandse leger die in 1667 de eerste plannen voor het afsluiten van de Zuiderzee bekendmaakte. De schutsluis heeft een lengte van 120 meter en een breedte van 14 meter en is geschikt voor schepen met een diepgang tot 3,50 meter. De rijksweg A7 kruist deze sluizen door middel van een tweetal draaibruggen. De spuisluizen aan de oostkant van de schutsluis bestaan uit drie groepen van vijf spuikokers.

Lorentzsluizen

De Lorentzsluizen bevinden zich bij Kornwerderzand in de provincie Friesland. Dit complex is genoemd naar Hendrik Lorentz (1853 - 1928), een natuurkundige die zich bezig hield met de invloeden van magnetisme op stralingsgolven. Het natuurkundige fenomeen dat magnetisme invloed kan hebben op elektrische lading is naar hem genoemd, de Lorentzkracht. Hendrik Lorentz was ook betrokken bij de plannen voor de drooglegging van de Zuiderzee in de jaren 1920. Hij berekende de krachten van de waterstromen die zouden ontstaan bij zware stormen door het afsluiten van zee door een dijk. In eerste instantie zou de Afsluitdijk bij het Friese plaatsje Piaam aanlanden, maar door de berekeningen van Lorentz bleek een noordelijkere aanlanding beter te zijn en werd Zurich uiteindelijk de plaats waar de dijk zou aanlanden op het vasteland. Er is een tweetal schutsluizen aanwezig; een grote sluis met een lengte van 120 meter en een breedte van 13 meter en een kleine sluis met een lengte van 67 meter en een breedte van 8,20 meter. De beide sluizen zijn geschikt voor schepen met een diepgang tot 3,50 meter. Ook hier kruist de A7 de sluizen met een tweetal draaibruggen. De spuisluizen aan de westzijde van de schutsluis bestaan uit twee groepen van vijf spuikokers.

Toekomst

In 2012 is onderzocht of een naviduct een oplossing is voor de Afsluitdijk. De A7 zou de sluizen ongelijkvloers kruisen. Aangezien de sluizen tot omstreeks 2050 meegaan is bepaald dat een nieuwe afweging voor een naviduct zal plaatsvinden op het moment dat de sluizen het einde van hun levensduur naderen. Een naviduct valt daarom in de aanloop naar 2050 niet te verwachten. De kosten voor een naviduct bedragen circa € 200 miljoen (prijspeil 2012).[2]

Lorentzsluis

Het is gepland de Lorentszluis bij Kornwerderzand te verbreden. Hierbij zullen de draaibruggen worden vervangen door twee basculebruggen met een doorvaartwijdte van 25 meter.[3]

Referenties

Externe links

Aquaducten, tunnels, bruggen en dammen in Friesland

Akwadukt Mid-Fryslân (A32)Hendrik Bulthuisaquaduct (N356)Aquaduct Langdeel (N31)Aquaduct Lemmer (N359)Aquaduct Richard Hageman (N31)Aquaduct Scharsterrijn (A6)Aquaduct Van Harinxmakanaal (N31)Galamadammen akwadukt (N359)Geauakwadukt (N7)Houkesloot aquaduct (N354)Ie-Akwadukt (N928)Jeltesleat Akwadukt (N354)Leppa Akwadukt (A32)Margaretha Zelle AkwaduktM.C. Escheraquaduct

Prinses MargriettunnelFônejachtbrugScharsterrijnbrugAfsluitdijk