Alaska Marine Highway

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Alaska Marine Highway.png

De Alaska Marine Highway is een veerdienst die veel eilanden en geïsoleerde plaatsen in Alaska met elkaar verbindt. De 5.600 kilometer aan veerdienstroutes verlopen tussen Bellingham, Washington en Dutch Harbor op de Aleoeten, met in totaal 32 veerhavens in Alaska, British Columbia en Washington. De veerdienst is onderdeel van het National Highway System en ontvangt federale financiering.

Kenmerken

De Alaska Marine Highway wordt uitgevoerd door een serie veerboten die gedeeltelijk in de kustwateren, maar deels meer op open zee varen. Er wordt het hele jaar door gevaren. In het zuidoosten van Alaska verbindt de veerdienst 4 delen van de State Route 7 met elkaar. Het primaire knooppunt van de Alaska Marine Highway is in de hoofdstad Juneau. Ketchikan huisvest het hoofdkantoor van de exploitant.

Anders dan in een groot deel van Europa kosten de routes van de Alaska Marine Highway veel tijd, kortere routes, met name in het zuidoosten van Alaska, kunnen in een dagdeel worden afgelegd, maar langere routes vereisen veelal meerdere dagen. De vaartijd van Ketchikan naar Juneau bedraagt bijvoorbeeld meer dan 17 uur en van Bellingham naar Ketchikan circa 38 uur. Een route van Juneau naar Whittier doet er bijna 40 uur over. De vaartijd van Homer naar Dutch Harbor bedraagt cumulatief 56 uur, exclusief ligtijden in de havens van tussenstops.

De meeste veerboten zijn ingericht op de accommodatie van passagiers voor langere tijd vanwege de grote afstanden tussen veerhavens. Alhoewel dit geen luxe cruiseschepen zijn, hebben de schepen uitgebreidere faciliteiten dan veerboten die hooguit enkele uren varen tussen havens.

De Alaska Marine Highway verwerkt ongeveer 350.000 passagiers en 100.000 voertuigen per jaar. De veerdienst is populair onder toeristen. De toeristische aanvoer is de voornaamste reden dat de boten zuidwaarts doorvaren naar Prince Rupert en Bellingham. Het aantal afvaarten is in de winterperiode minder vanwege een geringere vraag. De meeste veerboten gaan dan in onderhoud, maar belangrijke routes worden het hele jaar door in stand gehouden.

Routes

Er wordt onderscheid gemaakt tussen de lange routes en de korte routes, ook wel 'day routes' genoemd.

De zuidoostelijke route heeft een primaire route tussen Bellingham, Washington en Skagway, Alaska. Deze dienst stopt in Prince Rupert, British Columbia en verder in Ketchikan, Wrangell, Petersburg, Sitka, Juneau en Haines in Alaska. Dit wordt aangevuld met een aantal kortere routes, met name in het gebied tussen Ketchikan en Skagway is een groot aantal vaarroutes en bestemmingen. De zuidoostelijke route maakt gebruik van de zogenaamde 'Inside Passage', een kustroute die beschut ligt van de open oceaan. Hierdoor is het mogelijk om tussen Bellingham en Skagway te varen zonder ver op open zee te komen. Deze veerdiensten bieden ook schitterend uitzicht op de kust van Alaska.

De zuidwestelijke route is gelegen tussen het Prince William Sound, Kodiak Island, het schiereiland van Alaska en de Aleoeten. Bestemmingen op het schiereiland en de Aleoeten kunnen vanwege het weer alleen in de zomer bediend worden, in de winter is Port Lions op Kodiak Island de verste bestemming naar het zuidwesten. Dutch Harbor ligt hemelsbreed nog bijna 1.000 kilometer verder naar het zuidwesten.

De centrale route voert over de Golf van Alaska, tussen het zuidoosten en zuidwesten. Deze routes worden gekenmerkt door lange vaartijden tussen de bestemmingen. Day routes zijn hier alleen in het Prince William Sound van Whittier naar Valdez en Cordova. Vanwege de grote omrijafstand over het vasteland is de veerdienst tussen deze plaatsen sneller dan door via het binnenland van Alaska te rijden.

Geschiedenis

In 1948 werd de Chilkoot Motorship Lines gesticht die een veerdienst onderhield tussen de hoofdstad Juneau en Skagway en Haines, daarmee de hoofdstad van Alaska met het internationale wegennet verbindend. In 1951 werd dit bedrijf aangekocht door de overheid van wat toen nog het Alaska Territory was. In 1959 werd Alaska een staat en werd er $ 18 miljoen aan obligaties goedgekeurd om een netwerk van veerdiensten in de kustregio van zuidelijk Alaska op te zetten. Hiermee konden schepen worden gekocht en veerhavens worden aangelegd.

In de jaren '60-70 werden diverse veerdiensten aan de Alaska Marine Highway toegevoegd. In 1978 werd MV Aurora in dienst genomen, dit was de laatste nieuwe veerdienst voor een periode van 20 jaar. Oorspronkelijk was de stad Seattle het zuidelijkste punt van de Alaska Marine Highway. In 1989 werd dit gewijzigd naar de iets noordelijker gelegen stad Bellingham, ook in Washington. Na de ramp met de Exxon Valdez in 1989 werd besloten om een nieuwe veerboot aan te schaffen die ingezet zou kunnen worden in het geval van een volgende ramp, dit werd de MV Kennicott die in 1998 in dienst werd gesteld en is aangekocht met geld van de compensatie van Exxon. Sindsdien zijn vooral kleinere schepen gekocht voor de kortere routes in het zuidoosten van Alaska. Alle veerboten zijn vernoemd naar gletsjers in Alaska.

In 1997 werd de Inter-Island Ferry Authority opgericht, die ten taak had om de veerdiensten naar Prince of Wales Island te verbeteren. Prince of Wales Island werd maar beperkt aangedaan door de Alaska Marine Highway. De eerste vaarroute werd in 2002 in gebruik gesteld.

Externe links

Referenties