Carretera nacional

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Kmpaal Spanje.svg

De carretera nacional (meervoud: carreteras nacionales) is een nationale weg in Spanje. Ze hebben de prefix "N". Het betreft het hoofdwegennet van het land dat alle grote steden verbindt. Veel carreteras nacionales zijn omgebouwd tot autovía. De wegen zijn in het beheer van het Ministerio de Fomento. De carreteras nacionales zijn onderdeel van het Red de Carreteras del Estado (RCE).

Kenmerken

De N-240 bij Berdún in Aragón.
De N-110 ter plaatse van de Puerto de Tornavacas (1275 m), kijkend richting Castilla y León.
De N-260 door de Congost de Collegats in Catalunya.

Carreteras nacionales zijn veelal enkelbaans wegen met tegenverkeer. Ze zijn in de regel uitgebouwd om met 90 of 100 km/h bereden te kunnen worden. De reguliere maximumsnelheid op carreteras nacionales bedraagt 90 km/h buiten de bebouwde kom, maar als er een vluchtstrook (arcén) van 1,5 meter breed is mag 100 km/h gereden worden. Duizenden kilometers carreteras nacionales in Spanje zijn geschikt voor een maximumsnelheid van 100 km/h. Hiermee zijn de carreteras nacionales in Spanje over het algemeen beter uitgebouwd dan vergelijkbare wegen in Frankrijk, Portugal of de Benelux.

Het komt echter ook in berggebieden frequent voor dat carreteras nacionales substandaard zijn, op smalle trajecten regelmatig zonder middenstreep. In de vlakke gebieden zijn de carreteras nacionales beter uitgebouwd. Rond grotere plaatsen zijn vaak rondwegen voorhanden, ook wel een variante genoemd. Sommige carreteras nacionales hebben ongelijkvloerse aansluitingen, maar in Spanje is het vanwege de geringe aanlegkosten vaak beleid geweest om bij een modernisatie meteen over te gaan op de bouw van een autovía met 2x2 rijstroken.

De verkeersintensiteiten in Spanje liggen laag, er zijn nog slechts een klein aantal carreteras nacionales die veel doorgaand verkeer verwerken. In vergelijking met andere West-Europese landen is het verkeersaanbod in Spanje gering, op veel carreteras nacionales rijden niet veel meer dan 2.000 tot 4.000 voertuigen per dag, behalve dicht bij grotere steden. De combinatie van een hoge uitbouwstandaard en gering verkeersaanbod zorgt er voor dat men op carreteras nacionales vaak goed op kan schieten. Ook zijn er in de regel minder dorpspassages in vergelijking met Frankrijk of Portugal.

Geschiedenis

Verharde wegen werden in Spanje al tijdens de Romeinse tijd aangelegd. In de eerste helft van de 19e eeuw werd een moderner wegennet ontwikkeld, tussen 1840 en 1855 werd circa 300 kilometer verharde weg per jaar aangelegd. In 1855 had Spanje 10.323 kilometer verharde wegen. Begin 20e eeuw nam de automobiliteit in Spanje langzaam vorm aan. In 1926 werd het Circuito Nacional de Firmes Especiales (CNFE) opgericht, een netwerk van wegen die ingericht moest worden op autoverkeer. Er werd een netwerk van de eerste, tweede en derde klasse opgericht, met een totale lengte van circa 7.000 kilometer. De latere N-wegen van Spanje waren hierin al te herkennen, met name de radiale wegen van Madrid, de N-340 langs de zuid- en oostkust, de N-620 en N-630 van San Sebastián via Salamanca naar Cádiz, evenals de kustroutes langs de noordkust en de route A Coruña - Vigo, evenals de verbinding León - Vigo.

De wegnummerzones van het Plan Peña van 1940.

De moderne carreteras nacionales hebben hun oorsprong in het zogenoemde 'Plan Peña' van 1940, waarin de nummering van de wegen voor het eerst vorm kreeg. Hierin kregen de zes radialen van Madrid hun oorsprong op het Puerta del Sol. Het plan werd vernoemd naar Alfonso Peña Boeuf, die tussen 1937 en 1941 minister van publieke werken was. In het Plan Peña, ook wel het Plan General de Carreteras werd de huidige wegnummering ingevoerd, met de radialen van Madrid, de zones en sectors.

In 1950 werd het Plan de Modernización ingevoerd, waarbij de wegen opgewaardeerd zouden worden en geschikter gemaakt voor hogere snelheden. Het netwerk werd hier opgedeeld in de radiales, de sub-radiales, perifericas en complementarias. Heel veel kwam er van dit modernisatieplan echter niet terecht. Het verkeer nam echter sterk toe, tussen 1950 en 1960 groeide het autobezit met 50%.[1]

Voor de jaren '60 waren de carreteras nacionales slecht uitgebouwd, tijdens de jaren onder de Franco-dictatuur was er sprake van een autarkie en geld om fatsoenlijke wegen aan te leggen was er niet. De reistijden tussen de steden waren groot en de mobiliteit van de Spanjaarden beperkt. De hoeveelheid verkeer was voor de jaren '60 zeer gering. In het Plan General de Carreteras van 1960 werd een programma ontworpen waarbij de belangrijke wegen gemoderniseerd zouden worden, het zogenaamde Plan REDIA (Plan de Mejora de la Red Especial de Itinerarios Asfáticos). Onder dit plan zouden wegen verbreed worden naar 12 meter, met één rijstrook van 3,5 meter per richting, plus 2,5 meter brede vluchtstroken aan weerszijden. Het plan omvatte 4.928 kilometer carretera nacional en is tussen 1967 en 1971 uitgevoerd. Veel van deze wegen zijn later omgevormd tot de eerste generatie autovías, omdat ze een ontwerpsnelheid van 100 km/h hadden en in vlakke en dunbevolkte gebieden geschikt waren om te verdubbelen, met omleggingen langs de dorpen.

De ontwerpeisen uit het Plan REDIA zijn in de decennia daarna op een zeer groot deel van het wegennet toegepast. In 1995 had 43.202 kilometer weg een rijbaan breder dan 7 meter, in 2012 was dit 64.030 kilometer. Tegelijkertijd daalde het aantal kilometers weg met een rijbaan smaller dan 7 meter van 111.282 kilometer in 1995 naar 85.229 kilometer in 2012.

Het Red de Carreteras del Estado is op 29 juli 1988 officieel gedefinieerd.[2] In dat jaar werd circa 60.000 kilometer hoofdweg overgedragen aan de comunidades en autonome regio's. De lengte van het netwerk kromp toen van ruim 81.000 kilometer naar zo'n 20.000 kilometer. Tussen 1980 en 1984 kregen alle Spaanse regio's een hoge mate van autonomie, en het wegbeheer van bijna alle carreteras comarcales werd overgedragen aan de autonome gemeenschappen, met uitzondering van de belangrijkste doorgaande wegen, die de status van carretera nacional behielden.

Gestructureerde wegenplannen werden vanaf de jaren '80 gemaakt. In 1986 werd het 1e Plan General de Carreteras vastgesteld. Hierin zouden de belangrijkste carreteras nacionales in Spanje worden omgebouwd tot autovía, met een totale lengte van 3.360 kilometer.[3] De autonome regio's stelden vervolgens ook om de zoveel jaar een nieuw wegenplan vast.

Wegnummering

De N-234 bij Viver in de provincie Castellón.

De N-I t/m N-VI zijn radialen van Madrid, en zijn grotendeels omgebouwd tot Autovía. Deze wegen hadden een Romeins cijfer, in plaats van een Latijns cijfer, zoals de overige wegen hebben in Spanje. De N-I loopt naar het noorden, de N-II naar het noordoosten, de N-III naar het oosten, de N-IV naar het zuiden, de N-V naar het zuidwesten en de N-VI naar het noordwesten. Deze zijn allemaal omgebouwd naar Autovía en hebben de prefix A gekregen, met uitzondering van de wegen in het Baskenland en Navarra. In de praktijk bestaat hier alleen de N-I, feitelijk onderdeel van de A-1. De overige wegen hebben drie cijfers en even nummers zijn noord-zuid of oost-westroutes, oneven nummers zijn radialen.

Aan het wegnummer is niet af te leiden hoe belangrijk een weg is. Wel is af te leiden waar een nummer ongeveer loopt. De nummers zijn altijd driecijferig en de serie beginnend met een 1 ligt tussen de N-I en N-II. De serie beginnend met een 2 ligt tussen de N-II en N-III en dit loopt op tot de serie met een 6. Deze nummering loopt met de klok mee. Ook is af te leiden dat hogere nummers verder van Madrid af lopen. Zo zal de N-110 dichter bij Madrid lopen dan de hypothetische N-190. Het tweede cijfer in het nummer geeft de afstand tot Madrid aan. Zo loopt de N-340 op circa 400 kilometer van Madrid. In de praktijk zijn er daarom zelden wegnummers die een tweede cijfer als 5 of 6 hebben, omdat er weinig plekken zijn waar men op 500 of 600 kilometer van Madrid kan zijn.

De carreteras nacionales komen uitsluitend op het vasteland van Spanje voor. Op de eilanden zijn lokale nummeringssystemen. De lengte van de carreteras nacionales varieert van korte schakels tussen 2 en 15 kilometer lengte tussen autovías of autopistas en andere carreteras nacionales, tot lange routes die door een groot deel van het land lopen. De meeste routes zijn korter dan 500 kilometer. De N-340 is de langste carretera nacional van Spanje met een lengte van 920 kilometer (vroeger 1.250 kilometer).

Er zijn drie typen carreteras nacionales te onderscheiden;

  • de radialen van Madrid (N-I t/m N-VI)
  • de reguliere carreteras nacionales
  • carreteras nacionales die havens en andere strategische punten verbinden. Deze zijn vaak slechts enkele kilometers lang en niet altijd bewegwijzerd.

Autovía

Sinds eind jaren 80 zijn steeds meer carreteras nacionales omgebouwd tot autovía, een autosnelweg. Anders dan vaak gedacht wordt zijn dit volwaardige autosnelwegen, alhoewel sommige kaarten ze als inferieure tweebaans wegen aangeven. Meerstrooks gelijkvloerse carreteras nacionales zijn zeldzaam in Spanje. Wanneer een weg met 2x2 rijstroken is uitgebouwd, is deze doorgaans als snelweg uitgebouwd, behalve in steden.

Lijst

Carreteras nacionales in Spanje

N-IN-IIN-IIIN-IVN-VN-VI

N-102N-104N-110N-111N-113N-120N-121N-122N-123N-124N-125N-126N-135N-141N-145N-150N-152N-154N-156N-204N-211N-220N-221N-225N-230N-232N-234N-237N-238N-240N-241N-260N-301N-310N-320N-322N-323N-325N-330N-331N-332N-335N-336N-337N-338N-339N-340N-341N-344N-349N-350N-351N-352N-354N-357N-362N-400N-401N-403N-420N-430N-431N-432N-433N-435N-442N-443N-445N-446N-501N-502N-521N-525N-532N-536N-540N-541N-547N-550N-601N-603N-610N-611N-620N-621N-622N-623N-625N-627N-629N-630N-631N-632N-634N-635N-636N-637N-640N-642N-644N-651N-655


Zie ook

Referenties