Colombia

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Flag of Colombia.svg
Colombia
Colombia.png
Hoofdstad Bogotá
Oppervlakte 1.141.748 km²
Inwonertal 49.756.000
Lengte wegennet 206.500 km
Lengte snelwegennet 629 km[1]
Eerste snelweg ?
Benaming snelweg Autopista
Verkeer rijdt rechts
Nummerplaatcode CO

Colombia (Spaans: República de Colombia) is een groot land in Zuid-Amerika. Het land telt bijna 50 miljoen inwoners en is circa 27 keer zo groot als Nederland. De hoofdstad is Bogotá.

Inleiding

Geografie

Colombia ligt in het noordwesten van Zuid-Amerika en is het noordelijkste land van het continent. Het heeft lange kustlijnen aan de Pacifische Oceaan en de Caribische Zee. Het land grenst aan Panama, Venezuela, Brazilië, Peru en Ecuador. Colombia meet maximaal 1.850 kilometer van noord naar zuid en 1.100 kilometer van west naar oost, het is derhalve een behoorlijk groot land.

Het land bestaat uit vijf geografische regio's. De westelijke kustregio aan de Pacifische Oceaan is een ontoegankelijk gebied, Colombia heeft slechts twee kleinere steden aan de Pacifische kust. De grens met Panama wordt gevormd door de Darién Gap, een ondoordringbare jungle die Noord- en Zuid-Amerika scheidt. Het binnenland van West-Colombia wordt gevormd door de Andes, dat zich splitst in twee bergketens met een reusachtige vallei er tussen, die in het noorden overgaat in het Caribisch laagland. Dit zijn de Cordillera Oriental in het oosten en de Cordillera Occidental en Cordillera Central in het westen, die naast elkaar gelegen zijn. De bergketens kennen grote delen van meer dan 3.000 meter boven zeeniveau en diverse hoge bergen stijgen daar nog bovenuit. De hoogste bergen zijn permanent met sneeuw bedekt, sommige toppen zijn meer dan 5.000 meter hoog. De hoogste berg van Colombia is echter niet in de Andes gelegen, maar in een apart massief nabij de Caribische kust, waarvan de 5.700 meter hoge Pico Cristóbal Colón de hoogste berg is. Colombia is samen met Venezuela het enige land in de Andes dat geen toppen van meer dan 6.000 meter kent.

Het noordoosten van Colombia, ten oosten van de Andes, wordt gevormd door Los Llanos, een grote tropische vlakte die zich tot ver in Venezuela uitstrekt. Dit gebied ligt ondanks zijn grote afstand tot zee laag; grotendeels tussen 50 en 200 meter boven zeeniveau. Deze regio is dunbevolkt, de voornaamste plaatsen liggen aan de voet van de Andes. De Orinoco is de voornaamste rivier die deze regio afwatert. Zuidelijk van Los Llanos en ook ten oosten van de Andes ligt het Amazone-oerwoud, een onontgonnen jungle. Dit is een ontoegankelijk gebied zonder plaatsen of infrastructuur. Het ligt bijna uniform laag op 100 tot 200 meter boven zeeniveau.

Tot Colombia behoort ook nog de archipel San Andrés, Providencia en Santa Catalina, een aantal kleine eilanden in de Caribische Zee, die dichter bij Nicaragua liggen dan Colombia, ruim 700 kilometer ten noordwesten van Cartagena. Westelijk van Colombia liggen nog drie onbewoonde eilanden in de Pacifische Oceaan die ook tot het land behoren.

Colombia heeft in wezen een tropisch klimaat, dat getemperd wordt door de hoogte. Het varieert van een tropisch klimaat met hoge temperaturen gedurende het gehele jaar, tot een koeler tropisch hooglandklimaat. Het uiterste noorden van Colombia heeft een afwijkend woestijnklimaat in een kleine regio die in de regenschaduw ligt. De hoofdstad Bogotá ligt dermate hoog dat er geen echt hoge temperaturen voorkomen, de gemiddelde maximumtemperatuur is het hele jaar door tussen de 18 en 20 °C. Vorst is echter vrij zeldzaam.

Demografie

stad inwonertal (2016)
Bogotá 7.963.000
Medellín 2.458.000
Cali 2.358.000
Barranquillaa 1.219.000
Cartagena 972.000
Cúcuta 634.000
Soledad 632.000
Ibagué 528.000
Bucaramanga 522.000
Soacha 516.000

Het inwonertal van Colombia groeide van 4 miljoen rond 1900 naar 11 miljoen in 1950 en 40 miljoen in 2000. Tegenwoordig heeft het land bijna 50 miljoen inwoners, het is daarmee het één na meestbevolkte land van Zuid-Amerika. Colombia heeft een sterk verstedelijkte bevolking. De hoofdstad Bogotá is met afstand de grootste stad van het land met 8 miljoen inwoners, maar er zijn nog twee andere grote steden met meer dan 2 miljoen inwoners; Medellín en Cali, en 10 steden hebben in totaal meer dan 0,5 miljoen inwoners. De grote steden liggen hoofdzakelijk in de Andes of aan de Caribische kust. Het oosten en westen van Colombia is dunbevolkt, er zijn slechts twee kleine steden aan de Pacifische kust, waarvan Buenaventura het belangrijkste is. De grootste steden aan de Caribische (of Atlantische) kust zijn Barranquilla met zijn voorstad Soledad, en Cartagena.

Het land heeft een gevarieerde etnische samenstelling, het resultaat van een mix van inheemse volkeren, Europese kolonisatie en Afrikanen die als slaaf naar Colombia zijn gekomen. Ongeveer 85% van de bevolking is Mestizo (gemixt Indo-Amerikaans en Europees) of blank. De inheemse bevolking woont vooral in het oostelijke laagland en de Afrikaanse bevolking vooral aan de Pacifische kust, maar dit zijn beiden dunbevolkte regio's. Ongeveer 37% van de bevolking is blank, grotendeels van Spaanse afkomst. Het Spaans wordt door vrijwel de volledige bevolking gesproken, maar er zijn 100 andere talen die in beperkte mate gesproken worden in Colombia.

Economie

Colombia is de vierde economie van Latijns-Amerika, maar intern conflict zorgde jarenlang voor een ongunstig investeringsklimaat. Die tijden zijn echter voorbij, het land heeft een snelgroeiende economie en een grote stedelijke middenklasse. Het BNP per hoofd van de bevolking ligt in de middenklasse van Zuid-Amerikaanse landen, boven landen als Bolivia of Peru maar onder dat van Argentinië of Chili. De omvang van de Colombiaanse economie is sinds de jaren '90 sterk gegroeid, van $ 120 miljard in 1990 naar $ 700 miljard in 2015. Het land heeft een relatief grote maakindustrie en de economie is minder sterk gebaseerd op grondstoffen als andere landen in de Andes. Een bekend exportproduct van Colombia is koffie, maar ook bananen en bloemen. De landbouwsector is echter maar goed voor een klein deel van het BNP. Het land heeft de grootste kolenvoorraad in Latijns-Amerika. Sinds de jaren '80 is Colombia een netto olie-exporteur, maar lang niet zo groot als buurland Venezuela. Een drempel voor de economie is de onderontwikkelde infrastructuur, met name de verbindingen naar de grote steden in de Andes zijn problematisch. Sinds Colombia vanaf de jaren '90 een betere veiligheidssituatie kende nam het toerisme wat toe.

Geschiedenis

Colombia is vernoemd naar de Italiaanse ontdekkingsreiziger Columbus, die in opdracht van Spanje de nieuwe wereld heeft ontdekt. In 1508 werd aan de Caribische kust het stadje Santa María la Antigua del Darién gesticht, dit was de eerste permanente nederzetting in de nieuwe wereld. Vanaf 1535 begonnen Spaanse Conquistadors het binnenland van Colombia te verkennen en noemden het Nuevo Reino de Granada (Nieuw Koninkrijk van Granada). In de jaren 1530 werden diverse steden in het binnenland van Colombia gesticht. Vanaf 1542 werden alle Spaanse kolonies in Zuid-Amerika bestuurd vanaf de Virreinato del Perú, die zijn hoofdstad in Lima had. In de 17e en 18e eeuw werd de infrastructuur van het gebied ontwikkeld met steden en instituties. In 1717 werd het Virreinato de la Nueva Granada opgericht, een onderdeel van het Spaanse Rijk dat het noorden van Zuid-Amerika omvatte en Bogotá als hoofdstad had. Begin 19e eeuw begon een onafhankelijkheidsstrijd te ontstaan, zoals op veel plekken in Latijns-Amerika. In 1811 werd Cartagena als eerste stad onafhankelijk. In 1819 werd onder leiding van de onafhankelijkheidsstrijder Simón Bolívar de onafhankelijkheid van Spanje uitgeroepen en in 1822 waren de laatste pro-Spaanse eenheden verslagen, het land werd georganiseerd als de Republiek Colombia.

Als onafhankelijk land werd Colombia gekenmerkt door intern conflict in de 19e en 20e eeuw. Tevens werden de definitieve grenzen van Colombia pas later vastgelegd. In 1903 scheidde Panama zich af, onder invloed van de Verenigde Staten die het Panamakanaal wilden bouwen. Colombia verloor ook grondgebied aan Brazilië in 1907 en 1928. In 1932-1933 vochten Colombia en Peru een oorlog uit over de controle van het Amazone-oerwoud. Colombia bleef in de 20e eeuw een trouwe bondgenoot van de Verenigde Staten, het vocht als enige Latijns-Amerikaans land mee in de Korea-oorlog. Vanaf de jaren '60 begon een guerilla-oorlog te ontstaan tussen de overheid, linkse guerrillagroeperingen (FARC) en rechtse paramilitaire groeperingen, een oorlog die in de jaren '90 escaleerde, vooral op het platteland. De Verenigde Staten was hierbij sterk betrokken aan de kant van de Colombiaanse overheid. Na 2000 verbeterde de situatie sterk, FARC werd verslagen en ging zich ontwapenen en de economie groeide sterk na het verminderen van het geweld tussen drugskartels. De relatie met buurland Venezuela is betrekkelijk slecht vanwege de grote ideologische verschillen tussen de regeringen van beide landen.

Wegennet

Het wegennet van Colombia.

Het totale wegennet in Colombia heeft een lengte van 206.500 kilometer.[2] Hiervan behoort 19.079 kilometer tot het primaire wegennet, waarvan 10.155 kilometer in beheer van Agencia Nacional de Infraestructura (ANI)[3] en 8.924 kilometer in het beheer van Instituto Nacional de Vías (INVÍAS).[4]

Van de 206.500 kilometer bestaat 19.079 kilometer uit primaire wegen, 45.137 kilometer uit secundaire wegen en 142.284 kilometer uit tertiaire wegen. De definitie van een weg is aangepast zodat het tertiaire wegennet tussen 2007 en 2011 verdubbelde van 73.000 naar 142.000 kilometer.

Het netwerk van INVÍAS bestond per juni 2018 uit 9.114 kilometer, waarvan op dat moment 75% geasfalteerd was en 25% onverhard.[5]

Het wegennet van Colombia is onderontwikkeld vergeleken met andere grote Latijns-Amerikaanse landen. Het is duidelijk van mindere kwaliteit dan in landen als Argentinië, Chili of Mexico. Desondanks wordt er wel veel geïnvesteerd in het wegennet, omdat dit veruit de belangrijkste manier van transport is. Echte autosnelwegen zijn er niet, alhoewel circa 3.200 kilometer van de interstedelijke wegen met 2x2 of 2x3 rijstroken zijn uitgevoerd. In Bogotá liggen wat snelwegachtige stukken, maar sprake van een snelwegennet is er niet. Omdat de meeste grote steden in het Andesgebergte liggen, is het wegennet hier het meest ontwikkeld. Langs de westkust is het wegennet sterk onderontwikkeld en vrijwel non-existent ten zuidoosten van het Andesgebergte in de jungles van de Amazone.

De hoofdwegen zijn veelal verhard, maar reizen kost door de hoge bergruggen en het gebrek aan autosnelwegen wel veel tijd. In Medellín bestaan ook enkele snelwegachtige stukken en sommige hoofdwegen van stedelijke gebieden zijn vrij breed uitgebouwd. Dit vanwege de aanwezigheid van een bus rapid transit-systeem met busstations in de middenberm. Over land zijn er geen verbindingen naar Panama, de zogenaamde Darién Gap. Wel zijn er grensovergangen met Venezuela en Ecuador. De grensstreek met Peru bestaat uit ondoordringbare jungles, hier is de voornaamste vorm van transport het uitgebreide rivierenstelsel van de Amazone. De rivier de Amazone is in dit gebied nog 1 tot 2 kilometer breed.

Wegklassen

  • Carreteras primarias: de hoofdwegen in nationaal beheer. Ze verbinden grote steden en zijn bijna allemaal verhard.
  • Carreteras secundarias: de regionale wegen in het beheer van de departementen. Ze zijn aftakkingen van hoofdwegen en verbinden kleinere plaatsen. Gedeeltelijk verhard.
  • Carreteras terciarias: de secundaire wegen in het beheer van gemeenten. Ze hebben dezelfde ontwerpeisen als de wegen van de departementen, zijn binnen de bebouwde kom soms verhard, daarbuiten vaak niet.
  • Caminos Vecinales: de overige wegen in gemeentelijk beheer. Dit betreft de meest secundaire wegen, grotendeels onverharde wegen in slechte staat.

Autopistas

Een autopista in Colombia betekent meestal een tolweg, en niet een autosnelweg zoals in Spanje. Autopistas zijn enkelbaans en soms met 2x2 rijstroken uitgevoerd, de zogenaamde "carreteras de doble calzada". Deze dubbelbaans wegen zijn geen echte autosnelwegen, alhoewel sommige dubbelbaans wegen wel semi-ongelijkvloers zijn. Eigenlijk heeft Colombia geen volwaardige autosnelwegen, alhoewel er in de grote steden wel wat snelwegachtige wegen zijn, voornamelijk in Bogotá, Cali en Medellín. Er is een bouwprogramma bezig om meer lange-afstandsroutes tussen de grote steden naar 2x2 rijstroken te verbreden, maar de aanleg van deze wegen is kostbaar en tijdrovend vanwege het bergachtige terrein.

Rutas nacionales

Een ruta nacional is een hoofdweg in Colombia. De nummering hiervan werd bij wet in 1995 vastgesteld, maar werd in 1999 significant gewijzigd, destijds zijn veel routes geschrapt of ingekort. In 2001 is de nummering opnieuw aangepast. De rutas nacionales vormen de hoofdverbindingen in Colombia, alhoewel tal van rutas nacionales erg tijdrovend zijn om te rijden. Veel routes zijn bergachtig. Dit zijn vaak bergroutes van meer dan 100 kilometer lengte die snel 3 uur reistijd kosten. In het westen, oosten en noorden zijn veel rutas nacionales onverhard.

Het wegennet van Colombia is slecht geïntegreerd met dat van de buurlanden. Van de vijf buurlanden zijn er geen wegverbindingen met Brazilië, Panama en Peru. Met Ecuador en Venezuela zijn slechts twee belangrijke grensovergangen. Colombia is daarom geen belangrijk doorvoerland over de weg. De langste rutas nacionales zijn circa 1.400 kilometer lang.

De rutas nacionales zijn opgedeeld in troncales, die noord-zuid verlopen, en transversales, die oost-west verlopen. Oneven nummers verlopen noord-zuid en even nummers verlopen oost-west. Het netwerk van rutas nacionales is weer opgedeeld in een primaire netwerk (vetgedrukt in het overzicht hieronder) en reguliere rutas nacionales. Zelfs de primaire routes zijn niet altijd geasfalteerd. Ook zijn het niet noodzakelijkerwijs snelle routes. De RN25 wordt vaak beschouwd als de belangrijkste weg van Colombia.

Flag of Colombia.svg Rutas nacionales in Colombia Flag of Colombia.svg

Troncales

RN1RN3RN5RN13RN17RN19RN21RN23RN25RN27RN29RN31RN37RN43RN45N49RN55RN65RN75RN85


Transversales

RN8RN10RN12RN20RN24RN26RN30RN36RN40RN48RN50RN56RN60RN62RN64RN66RN70RN74RN78RN80RN88RN90


Tol

Op veel doorgaande wegen in Colombia moet tol betaald worden. Meer dan de helft van de nationale wegen in Colombia zijn onder concessie. Deze tol wordt met een open systeem geheven, met strategisch geplaatste tolstations. In 2013 waren er 473 tolstations in Colombia.[6]

In 1954 werd tol voor het eerst ingevoerd in Colombia om de bouw van wegen van te bekostigen.[7][8] Het wegennet van Colombia was destijds nog in ontwikkeling, slechts weinig doorgaande wegen waren geasfalteerd. Het netwerk van tolwegen breidde zich vanaf de jaren '90 sterk uit toen snel achter elkaar 3 series concessies zijn gegund om de verbetering van het wegennet te bekostigen, vanaf 2015 was meer dan de helft van het nationale wegennet onder concessie, feitelijk circa tweederde van de geasfalteerde rutas nacionales.

Wegbeheer

De nationale wegbeheerder is het Instituto Nacional de Vías, of INVÍAS.[9] Daarnaast zijn veel wegen onder concessie, daarvoor is in 2011 het Agencia Nacional de Infraestructura (ANI) opgericht dat verantwoordelijk is voor de planning en uitvoering van PPS projecten.

Geschiedenis

Tijdens de Spaanse koloniale periode zijn wegen ontwikkeld voor het vervoer van goederen per pakezel of os, evenals postkoetsroutes. De belangrijkste transportroutes verliepen indertijd van de hoofdstad Bogotá naar de vallei van de río Magdalena, zodat men toegang had tot de Caribische Zee. Na onafhankelijkheid begon men in de tweede helft van de 19e eeuw het wegennet te ontwikkelen. In 1865 werd de eerste gravelweg aangelegd tussen Cúcuta en de río Zulia. In 1882 volgde een weg tussen Bogotá en Cambao aan de río Magdalena en in 1910 een weg van Cali en Cartago aan de rio La Vieja. De eerste wegen waren dus vooral verbindingen van de grote steden naar rivieren, zodat transport verder per boot kon.

In 1905 werd het Ministerio de Obras Públicas opgericht om infrastructuur in Colombia aan te leggen. Kort daarna begon de bouw van de Carretera Central del Norte, die van Bogotá tot de grens met Venezuela bij Cúcuta moest gaan verlopen. De bouw zou uiteindelijk meer dan 25 jaar duren. In 1916 had Colombia slechts 491 kilometer weg, grotendeels in de regio rond Bogotá. Tussen 1916 en 1930 is 1.600 kilometer weg aangelegd, echter zonder een duidelijk plan en van inferieure kwaliteit, zodat sommige wegen al snel onberijdbaar werden en het wegennet dat bestond, weinig logica had. In 1930 had Colombia 5.700 kilometer weg, vooral tussen steden en rivieren, er was nog geen sprake van een landelijk netwerk van wegen.

In 1931 werd het eerste nationale wegenplan vastgesteld. Hierin werd een nationaal netwerk van 6.204 kilometer voorzien, bestaande uit drie noord-zuidroutes en enkele oost-westroutes. Dit waren de Troncal del centro, Troncal Occidental en Troncal Oriental. Vanaf 1938 begonnen de eerste nationale wegen geasfalteerd te worden. In 1949 werd een nieuw Plan Vial Nacional vastgesteld en in 1954 werd tol voor het eerst geïntroduceerd om de wegen van te bekostigen. In 1959 was er 13.889 kilometer ruta nacional, waarvan 2.223 kilometer van geasfalteerd was.

In de jaren '50 en '60 kwam meer geld beschikbaar voor de bouw van wegen, mede door de introductie van een brandstofaccijns in 1966. De grote doorgaande wegen werden vanaf die tijd verder ontwikkeld als geasfalteerde weg. In de jaren '80 waren de meeste belangrijke wegen geasfalteerd, maar de kwaliteit van het alignement was vaak slecht, met lange trajecten met veel bochten en smalle delen, zodat reizen over de weg tijdrovend bleef, hierdoor stond Colombia ook op een achterstand ten opzichte van andere Zuid-Amerikaanse landen. De grote steden waren gelegen in de bergen en konden alleen de exportmarkten bereiken door lange en gevaarlijke ritten door bergachtig terrein naar de havens. De import ging op die manier even lastig.

In 1992 werd voor het eerst een nationale wegnummering ingevoerd, die de genaamde troncals en transversales een nummer moest geven. In 1993 was er meer dan 100.000 kilometer weg, waarvan echter slechts 13.000 kilometer geasfalteerd was. Buiten de grote hoofdwegen moest men verder over onverharde wegen om dorpen te bereiken. De genummerde routes van 1992 bestonden in werkelijkheid niet allemaal, of waren onlogische verbindingen met nauwelijks verkeer. Daarom werd in 1995 een nieuwe wegnummering ingevoerd, genummerd in een grid. Ook dit netwerk was deels gepland, sommige genummerde routes waren nog niet aangelegd. In 1999 is een beperkte hernummering doorgevoerd. Ook werden toen veel korte aftakkingen en wegen die waren gebypasst overgedragen aan de departementen en gemeenten.

Het wegennet van Colombia was erg onderontwikkeld en was een serieuze belemmering voor economische groei. In 1994 werd daardoor de eerste generatie concessies uitgegeven om het wegennet te verbeteren. 11 concessies werden gegund om 1.649 kilometer weg aan te leggen of te moderniseren. Onder dit plan werden ook de eerste dubbelbaans wegen met 2x2 rijstroken aangelegd, namelijk Cali - Cartago en Bogotá - Tunja. In 1995 werd een tweede generatie concessies gegund voor 470 kilometer weg, gevolgd door een derde generatie concessies met 1.557 kilometer weg in 1998, waaronder de belangrijke Ruta del Sol, een 1.071 kilometer lang deel van de voormalige RN57 en hedendaagse RN45 vanaf nabij Bogotá tot de Caribische kust.

In 2001 werd formeel een nieuw Red Nacional de Carreteras (nationaal wegennet) vastgesteld,[10] echter met dezelfde nummering van 1999. De wegclassificatie van 2001 was gebaseerd op de eerste, tweede en derde generatie concessies. In 2006 werd een Plan de Integración Vial de Corredores gelanceerd, waarin 38 corridors verbeterd moesten worden. In 2009 had Colombia 25.000 kilometer geasfalteerde weg, niet veel voor een land met bijna 50 miljoen inwoners. In 2012 groeide het aantal kilometers weg met 2x2 rijstroken naar 1.049 kilometer, wat groeide naar 3.200 kilometer in 2018. Echter het grootste deel van deze 2x2-wegen zijn geen echte autosnelwegen.

In 2012 werd de 4e generatie van concessies gegund waaronder 8.170 kilometer weg als PPS ontwikkeld moest worden.[11] Dit wordt ook wel de Vías 4G genoemd. Hiervoor is in 2011 het Agencia Nacional de Infraestructura (INA) opgericht. In 2015 waren er voor het eerst meer nationale wegen onder concessie dan zonder.

Wegnummering

Colombia gebruikt een wegnummering die identiek is aan het US Highway systeem van de Verenigde Staten. Oneven nummers lopen noord-zuid en lopen in oostelijke richting op. Even nummers lopen oost-west en lopen in noordelijke richting op. De wegnummerschildjes zijn eveneens identiek. Belangrijke noord-zuidroutes zijn de Rutas 25 en 45, belangrijke oost-westroutes de Rutas 40 en 50. Oost-westroutes heten "transversales", en noord-zuidroutes heten "troncales". De huidige wegnummering is in 1995 geïntroduceerd, maar in 1999 zijn veel routes geschrapt.

Referenties

Wegen van Zuid-Amerika

ArgentiniëBoliviaBraziliëChiliColombiaEcuadorGuyanaParaguayPeruSurinameUruguayVenezuela