Conflict

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Een conflict treedt op wanneer twee of meer verkeersstromen elkaar op dezelfde plek kruisen of ontmoeten. Een belangrijk kenmerk van een conflict is dat normaal gesproken de voorrangsregels worden toegepast om het conflict op te lossen. De plaats waar het conflict optreedt wordt het conflictpunt genoemd. In feite kunnen twee typen conflicten worden onderscheiden.

Conflict door kruisende verkeersstromen

Conflictpunten op een standaard vierarmig kruispunt.

Dit type conflict ontstaat bij kruispunten (daaronder begrepen zijwegen). Een verkeersdeelnemer moet daar een andere verkeersstroom kruisen om zijn weg te vervolgen. In de figuur rechts zijn voor een standaard vierarmig kruispunt zonder langzaam verkeer (fietsers en voetgangers) de twintig conflictpunten getekend.

Met name op drukke kruispunten zijn conflicten de oorzaak van een slechte verkeersafwikkeling en een hoge verkeersonveiligheid. Om deze problemen te beperken kan het aantal conflictpunten worden verminderd of het kruispunt conflictvrij gemaakt worden. Bij een rotonde wordt het aantal conflictpunten sterk gereduceerd, waardoor de verkeersveiligheid sterk toeneemt. Een rotonde lost echter niet in alle gevallen de slechte verkeersafwikkeling op. Dit is vooral het geval wanneer er een hoge intensiteit is op de hoofdstroom.

Door het plaatsen van verkeerslichten wordt de kruising conflictvrij gemaakt. De verkeersstromen worden door de installatie in signaalgroepen afgewikkeld zonder andere verkeersstromen te kruisen, waardoor een hoge intensiteit veilig kan worden verwerkt. Voor het opstellen van de verkeersregeling worden de conflicten overzichtelijk weergegeven in een conflictmatrix. In sommige gevallen worden door de verkeerskundige nog wel deelconflicten toegestaan. Hierbij blijven een klein aantal conflicten bestaan.

Weefconflict

Het weefconflict ontstaat bij het invoegen in of uitvoegen uit een verkeersstroom. Hierbij komen twee of meer verkeersstromen samen op dezelfde plaats, of splitst één verkeersstroom zich in twee of meer andere verkeersstromen. Het eerste geval doet zich bijvoorbeeld voor bij toeritten op snelwegen, het tweede geval doet zich onder andere voor bij afritten op snelwegen. De combinatie van beide treedt op bij zogeheten weefstroken, waarbij verkeersstromen zowel samenkomen als splitsen. Weefstroken zijn bijvoorbeeld te vinden in een klaverblad (knooppunt).