Elisabeth-brug (Budapest)

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Erzsébet híd
Blank.png
Erzsébet híd.jpg
Overspant Duna
Rijstroken 2x3
Totale lengte 379 meter
Hoofdoverspanning 290 meter
Hoogte brugdek
Openstelling 21-11-1964
Verkeersintensiteit
Locatie kaart

De Elisabeth-brug (Hongaars: Erzsébet híd) is een hangbrug in Hongarije, gelegen over de Donau in Budapest.

Kenmerken

De Elisabeth-brug is een stalen hangbrug met een totale lengte van 379 meter en een hoofdoverspanning van 290 meter. Het is de enige brug over de Donau in Budapest die geen brugpijlers in het water heeft. Het brugdek is 27,1 meter breed, met 2x3 rijstroken, waarvan de buitenste rijstroken busstroken zijn. Daarnaast zijn er voetpaden.

Het is de drukste stadsbrug direct bij het centrum van Budapest en onderdeel van een belangrijke oost-westroute door de stad. Aan de westzijde van de brug is een complexe aansluiting met andere wegen, waaronder de verbinding over de westoever van de Donau. Aan de oostzijde overspant de brug ook wegen en trambanen langs de Donau, maar geeft hier indirecter aansluiting op.

Ten westen van de brug is een heuvelrug waarop de Citadel van Budapest is gelegen. De brug is één van de twee bruggen in Budapest die het meest direct toegang geeft naar de M1 en M7. Voor de voltooiing van de ringweg van Budapest werd deze route veel gebruikt door transitverkeer naar de M3.

Geschiedenis

De huidige brug is de tweede op deze locatie.

Eerste Elisabeth-brug

De eerste brug.

Eind 19e eeuw ontstonden plannen voor een vierde brugverbinding over de Donau in Budapest. In 1894 werd een internationale aanbesteding uitgeschreven, het winnende ontwerp was een hangbrug met één overspanning van een Duitse ingenieur uit Esslingen. Echter dit plan werd niet aangenomen omdat het staal voor een kettingbrug in Hongarije geproduceerd kon worden en een hangbrug met kabels niet. Er werd gekozen voor een stalen kettingbrug met een overspanning van 290 meter.

De bouw van de brug begon in het voorjaar van 1898. Voor de bouw van de brug en aansluitende wegverbinding door Budapest was de sloop van diverse gebouwen aan de oostkant noodzakelijk. De brug werd op 10 oktober 1903 opengesteld voor het verkeer.[1] In de kettingbrug was 11.170 ton staal gebruikt, ongeveer vijf keer zo veel als de Széchenyi-brug, de eerste kettingbrug van Budapest. In 1914 werd een tramverbinding over de brug in gebruik genomen.

De Elisabeth-brug kreeg internationale erkenning vanwege zijn ontwerp en lange overspanning van 290 meter. Bij openstelling was het de langste kettingbrug ter wereld, een record die het 23 jaar in handen zou houden.

De brug werd op 18 januari 1945 opgeblazen door het terugtrekkende Duitse leger. De pyloon aan de westzijde stortte volledig in, de pyloon aan de oostzijde bleef staan. De brug werd niet direct na de Tweede Wereldoorlog hersteld en de resterende pyloon aan de kant van Pest was tot in de jaren '60 een symbool voor de oorlog.

Tijdelijke brug in Budapest

Nadat alle bruggen over de Donau in 1945 waren opgeblazen heeft het Rode Leger op een aantal plekken tijdelijke geïmproviseerde bruggen gebouwd. Een wat langduriger tijdelijke brug was de Kossuth-brug (Hongaars: Kossuth híd) die tussen 1946 en 1960 bestond en ter hoogte van het parlementsgebouw lag ter vervanging van de ingestorte bruggen, vooral de Széchenyi-brug, de Margaret-brug en de Elisabeth-brug die de Donau bij het centrum overspanden.

De Kossuth-brug was een stalen vakwerkbrug met een lengte van 400 meter met een maximale overspanning van 80,3 meter. De brug is in slechts 8 maanden tijd gebouwd tussen mei 1945 en januari 1946 en is op 18 januari 1946 geopend. Dit symboliseerde een nieuwe start voor Hongarije na de oorlog. De brug was met minimale ontwerpeisen gebouwd en is in 1956 buiten gebruik genomen vanwege de slechte conditie en is in 1960 gesloopt.

Tweede Elisabeth-brug

De opgeblazen brug in 1949.

De Elisabeth-brug is uiteindelijk als laatste van de opgeblazen Donaubruggen in Budapest hersteld. Er was debat of de bestaande brug herbouwd moest worden, of dat er een compleet nieuwe brugverbinding gerealiseerd moest worden. In eerste instantie werd een ontwerp vergelijkbaar met de Mülheimer Brücke in Köln bestudeerd. De brug is uiteindelijk tussen 1961 en 1964 herbouwd als een reguliere hangbrug, met een ander uiterlijk dan de oorspronkelijke brug uit 1903. De hangbrug werd op 21 november 1964 opengesteld voor het verkeer.[2] In de brug was 6.300 ton staal gebruikt, bijna de helft van dat van de oorspronkelijke kettingbrug.

De brug leed onder de passage van trams. Na de openstelling van de metro in 1972 werd het aantal tramdiensten significant gereduceerd.[3] Vanaf 1974 reed geen enkele tram nog over de brug. In 1975 werden de tramrails verwijderd en is onderhoud aan de brug gepleegd.

In de loop der jaren is meermaals groot onderhoud aan de brug uitgevoerd, namelijk in 1985, 1990, 1992, 1997, 1998 en 2001.

Naamgeving

De brug is vernoemd naar Elisabeth in Beieren (1837-1898), die tussen 1867 en 1898 koningin van de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije was. Haar Hongaarse titel was Wittelsbach Erzsébet magyar királyné. Er zijn meer bruggen in Hongarije naar haar vernoemd, waaronder de Elisabeth-brug in Komárom die ook de Donau overspant.

Zie ook

Referenties

Bruggen over de Donau in Hongarije

Vámosszabadi-brugMonostori-brugElisabeth-brugMária Valéria-brugMegyeri-brug (M0) • Árpád-brugMargaret-brugSzéchenyi-brugElisabeth-brugVrijheidsbrugPetőfi-brugRákóczi-brugDeák Ferenc-brug (M0) • Pentele-brug (M8) • Beszédes József-brugKalocsa-Paks-brugSzent László-brug (M9) • Türr István-brug