Verenigd Koninkrijk

Uit Wegenwiki
(Doorverwezen vanaf Groot-Brittannië)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Flag of the United Kingdom.svg
United Kingdom
Verenigd Koninkrijk.png
Hoofdstad London
Oppervlakte 244.820 km²
Inwonertal 63.705.000
Lengte wegennet 398.350 km
Lengte snelwegennet 6.124 km[1][2]
Eerste snelweg 1958
Benaming snelweg Motorway
Verkeer rijdt links
Nummerplaatcode GB

Het Verenigd Koninkrijk is een land in West-Europa. Het land ligt op een aantal eilanden in de Atlantische Oceaan. Het land is bijna 6 keer zo groot als Nederland en telt ruim 63 miljoen inwoners. De hoofdstad is London.

Inleiding

Verenigd Koninkrijk topografie.jpg

Geografie

Het Verenigd Koninkrijk is in hoofdzaak gelegen op de eilanden Groot-Brittannië en Ierland, evenals tal van kleinere eilanden hier omheen. Daarnaast zijn er overzeese gebiedsdelen over de hele wereld. De Britse eilanden liggen voor de kust van West-Europa, met de Noordzee naar het oosten, het Kanaal naar het zuiden, de Ierse zee naar het westen en de Atlantische Oceaan naar het noordwesten. De enige landgrens op de Britse eilanden is tussen Ierland en Noord-Ierland. Het overzeese gebiedsdeel Gibraltar heeft een landsgrens met Spanje. Aan de overzijde van het Kanaal ligt Frankrijk. De overzeese gebiedsdelen Akrotiri en Dhekelia liggen op Cyprus.

De Britse eilanden bestaan uit laagland, heuvels en berggebieden. Over het algemeen is de oostkust van Engeland vrij vlak en het noordwesten bergachtiger, met de 978 meter hoge Scafell Pike in het Lake District als hoogste punt. De berggebieden doen meer Alpien aan dan de hoogte suggereert, grote delen liggen boven de boomgrens. Wales is grotendeels bergachtig, met de 1.085 meter hoge Snowdon als hoogste punt. Het landschap in Wales is woester dan de hoogte suggereert, de bergen doen meer denken aan de Alpen dan bijvoorbeeld de middelgebergten in Duitsland. Schotland is het meest bergachtig, met de 1.344 meter hoge Ben Nevis als hoogste punt van Schotland en de Britse eilanden. Noord-Ierland is wat minder bergachtig, het grootste deel is glooiend tot licht heuvelachtig met verspreid enkele hogere heuvelruggen, waarvan de 850 meter hoge Slieve Donard het hoogste punt is.

Voor de Schotse kust liggen tal van eilandengroepen, de bekendste hiervan zijn de Hebrides en de Orkneys. Verder ten noordoosten van Schotland liggen de Shetland Islands, bijna halverwege tussen Schotland en Noorwegen. Nog verder van de Schotse noordwestkust ligt St Kilda, een serie kleine bergachtige eilanden in de Atlantische Oceaan. Deze eilandengroepen zijn geïsoleerd en relatief slecht toegankelijk. Ten westen van Cornwall liggen de Isles of Scilly, eveneens een kleine eilandengroep.

Het Verenigd Koninkrijk heeft een vochtig zeeklimaat met frequent neerslag en een dominante westcirculatie, met name het noordwesten van Schotland staat bekend als regenachtig. Over het algemeen is het oosten van de Britse eilanden droger dan het westen. In de bergen heerst een koeler klimaat, met op de hoogste pieken bijna een Alpien klimaat. De gemiddelde maximumtemperatuur in London varieert van 8°C in de winter tot 23°C in de zomer. In London valt 600 mm neerslag, wat minder dan Nederland. In Glasgow valt ruim 1.200 mm. Sneeuw valt frequent in de winter, met name in de wat hoger gelegen gebieden, maar blijft in het laagland meestal niet lang liggen. In de hogere berggebieden ligt in de winter langdurig sneeuw.

Bestuurlijke indeling

De locaties van de Britse overzeese gebiedsdelen: A Isle of Man; B Guernsey; C Jersey; 1 United Kingdom; 2 Gibraltar; 3 Akrotiri and Dhekelia; 4 Bermuda; 5 Turks and Caicos Islands; 6 British Virgin Islands; 7 Anguilla; 8 Cayman Islands; 9 Montserrat; 10 Pitcairn Islands; 11 Saint Helena, Ascension and Tristan da Cunha; 12 British Indian Ocean Territory; 13 Falkland Islands; 14 South Georgia and the South Sandwich Islands; (15) British Antarctic Territory.

Het Verenigd Koninkrijk wordt gevormd door vier landen; Engeland, Schotland, Wales en Noord-Ierland. Engeland is het enige van de vier landen die geen eigen parlement heeft, Schotland, Wales en Noord-Ierland hebben dat wel. Engeland wordt dus direct door het nationale parlement van het Verenigd Koninkrijk bestuurd.

Binnen de landen van het Verenigd Koninkrijk is de tweede laag van bestuur de counties (ouderwets: een graafschap), in Schotland een shire genoemd. De verdere inrichting van de lokale overheid in Engeland is complex en varieert per gebied. Het grootste deel van de oppervlakte in Engeland wordt gevormd door Non-metropolitan districts, die uit twee typen bestaan, een Unitary Authority en een Two-Tier district, dat zowel een county council en een district council. Daarnaast zijn er Metropolitan boroughs, dit zijn grotere stedelijke gebieden, maar echter niet in London, dat bestaat uit verschillende London Boroughs.

Schotland en Noord-Ierland zijn opgedeeld in councils, Wales in unitary authorities. Daarnaast zijn er nog territoria die niet tot het Verenigd Koninkrijk behoren, maar waar het Verenigd Koninkrijk wel soevereiniteit over heeft. Hiervan zijn 14 Brits overzeese gebiedsdelen en 3 Brits kroonbezit.

De 14 overzeese gebiedsdelen zijn Anguilla, Bermuda, het British Antarctic Territory, het British Indian Ocean Territory, de British Virgin Islands, de Cayman Islands, de Falkland Islands, Gibraltar, Montserrat, Saint Helena, Ascension en Tristan da Cunha, de Turks and Caicos Islands, de Pitcairn Islands; South Georgia en de South Sandwich Islands en Akrotiri en Dhekelia op Cyprus. De overzeese gebiedsdelen hebben een gecombineerde oppervlakte van 1.727.570 km², aanzienlijk groter dan het Verenigd Koninkrijk, maar verreweg het grootste deel van de oppervlakte is de Britse claim op Antarctica, zonder Brits Antarctica hebben de overzeese gebiedsdelen een oppervlakte van slechts 18.170 km², waar 260.000 mensen wonen. Het Britse kroonbezit bestaat uit drie eilanden, Guernsey, Jersey en de Isle of Man.

Demografie

Het Verenigd Koninkrijk is na Rusland, Duitsland en Frankrijk het meestbevolkte land van Europa met 63 miljoen inwoners in de census van 2011. Met name Engeland is dichtbevolkt, Wales en Schotland zijn betrekkelijk dunbevolkt. Met afstand de grootste stad in het Verenigd Koninkrijk is de hoofdstad London, dat bijna 10 miljoen inwoners telt. Het is daarmee één van de grootste steden in Europa. Manchester, Birmingham, Leeds en Glasgow hebben eveneens een agglomeratie van meer dan 1 miljoen inwoners, alhoewel de feitelijke stadsbevolking kleiner is.

In het Verenigd Koninkrijk is sprake van significante immigratie, van oudsher vooral vanuit de koloniën die onderdeel van het Britse Rijk waren. Met afstand de grootste immigrantengroepen zijn Indiërs en Pakistanen met beiden ruim 1 miljoen. De grootste etnische minderheid zijn zwarten met bijna 2 miljoen inwoners, zij komen vooral uit het Caribisch gebied en Afrika. Het aandeel etnische minderheden is sinds de jaren '50 significant gestegen, met name in de grote steden. Minder dan de helft van de inwoners van London is blank Brits.

In het Verenigd Koninkrijk wordt het Engels het meest gesproken, circa 95% van de inwoners spreekt dit als de moedertaal, ook veel immigrantengroepen spreken het Engels als moedertaal. In Engeland is het Pools de tweede taal vanwege grote aantallen arbeidsmigranten. Keltische talen worden als minderheidstaal ook gesproken, zoals het Welsh in Wales, Schots in Schotland en Iers in Noord-Ierland. Van de Keltische talen wordt alleen het Welsh nog op grotere schaal gesproken, in Wales spreekt 19% van de bevolking het Welsh. Het Iers wordt echter maar door zeer weinig mensen in Noord-Ierland gesproken. Het Schots-Gaelisch wordt slechts nog sporadisch op het Schotse platteland gesproken.

Economie

Het Verenigd Koninkrijk is de 5e economie van de wereld en de op één na grootste in Europa. De hoofdstad London is één van de belangrijkste financiële centra in de wereld. Tegenwoordig speelt de dienstensector een dominante rol in de Britse economie. Het welvaartsniveau in het land is van hoog niveau, met een koopkracht van circa $ 45.000 per inwoner. In het Verenigd Koninkrijk betaalt men met het Pound Sterling (GBP). Schotland en Noord-Ierland brengen hun eigen bankbiljetten uit die in Engeland niet geaccepteerd worden, maar dezelfde waarde vertegenwoordigen. Het Verenigd Koninkrijk is sinds 1973 lid van de Europese Unie maar stemde in 2016 in een referendum voor een uittreding, dat "Brexit" genoemd wordt.

De industriële revolutie begon in Engeland in de periode 1760-1820. Dit maakte het Verenigd Koninkrijk tot het belangrijkste land in de wereld eind 18e eeuw. De industriële revolutie was in eerste instantie gericht op textiel, later volgden scheepsbouw, mijnbouw en staal. De maakindustrie was van groot belang in de 19e en begin 20e eeuw maar verloor geleidelijk aan aandeel in de Britse economie. Grote industriële sectoren zijn tegenwoordig de luchtvaart, farmaceutica en automotive. De energiesector speelt ook een grote rol, met olie- en gaswinning op de Noordzee. BP en Shell zijn twee van de grootste oliebedrijven ter wereld. De olievoorraden van het Verenigd Koninkrijk zijn de grootste in West-Europa.

Geschiedenis

Het huidige land ontstond in stappen in de 18e en 19e eeuw. Al in de middeleeuwen werd Wales veroverd door het Koninkrijk Engeland. In 1707 vormden Engeland en Schotland een unie, in 1801 volgde een unie van Groot-Brittannië en Ierland. Het grootste deel van Ierland scheidde zich in 1922 af, waarmee de huidige landsgrenzen ontstonden.

In de geschiedenis breidde het Britse Rijk zich steeds verder uit over de hele wereld. Dit begon met Engelse handelsposten tussen de 16e en 18e eeuw. Begin 20e eeuw bereikte het Britse Rijk zijn grootste oppervlakte, met 35.500.000 km², 24% van de landoppervlakte en 23% van de bevolking van de wereld. De Engelsen stichtten in navolging van Spanje en Frankrijk kolonies, de belangrijkste daarvan waren wat later de Verenigde Staten, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland zouden worden, deze landen zijn ook tegenwoordig nog sterk op Britse leest gestoeld. Het Britse Rijk omvatte echter ook Zuid-Azië, de zogenaamde British Raj in wat nu India, Pakistan, Bangladesh en Myanmar (Birma) zijn. Ook waren er langdurige kolonies in Afrika en andere delen van Azië. De enige langdurige kolonie op het Zuid-Amerikaanse continent was Guyana. Op het Europese vasteland hebben de Britten echter weinig kolonies gesticht, alleen enkele eilanden in de Middellandse Zee en Gibraltar hebben onder Brits bestuur gestaan of zijn dat vandaag de dag nog steeds.

Wegennet

Motorways

zie ook Motorway voor het hoofdartikel en Lijst van motorways in het Verenigd Koninkrijk.

Het snelwegennet van het Verenigd Koninkrijk is vrij klein, met circa 3.200 kilometer motorway, fors lager dan in andere grote Europese landen. De autosnelwegen tellen vrijwel allemaal 2x3 rijstroken of meer, en zijn bijzonder druk, met lange-afstandssnelwegen die consistent verkeersintensiteiten van meer dan 100.000 voertuigen per dag verwerken. De M25 vormt een 188 kilometer lange ringweg om de hoofdstad London, met daar vanuit een radiaal netwerk van motorways. Ook in de regio Birmingham, Manchester-Liverpool en Leeds-Sheffield liggen grotere netwerken van autosnelwegen. Schotland, Noord-Ierland en Wales hebben een beperkter snelwegennet. In het noorden van Schotland liggen in het geheel geen snelwegen, evenals in het grootste deel van Wales.

In het Verenigd Koninkrijk bestaat de term 'expressway' niet als juridische term, maar wordt soms wel gebruikt voor dual carriageways die de kenmerken hebben van motorways. Er zijn plannen om een nieuwe wegklasse expressway in te voeren die op termijn motorway-status moeten krijgen.[3]

Motorways in het Verenigd Koninkrijk

M1M2M3M4M5M6M6 TollM8M9M11M18M20M23M25M26M27M32M40M42M45M48M49M50M53M54M55M56M57M58M60M61M62M65M66M67M69M73M74M77M80M90M180M181M271M275M602M606M621M876M898

Noord-Ierland: M1M2M3M5M12M22


A-roads

Naast de Motorways is er een vrij omvangrijk netwerk van dual carriageways: A-wegen die vaak over grotere afstanden 2x2 rijstroken tellen, maar gekenmerkt worden door rotondes en het ontbreken van vluchtstroken. Die wegen kunnen derhalve niet als snelweg worden beschouwd. A-wegen die wel als autosnelweg zijn geclassificeerd krijgen de suffix (M), bijvoorbeeld A1 (M). Met name in het oosten van het Verenigd Koninkrijk liggen veel 2x2 A-wegen.

Er was per 1 januari 2013 circa 2.780 kilometer dual carriageway met minimaal 2x2 rijstroken én ongelijkvloerse kruisingen in het Verenigd Koninkrijk.

A-roads in Groot-Brittannië

A1A2A3A4A5A6A7A8A9A10A11A12A13A14A15A16A17A18A19A20A21A22A23A24A25A26A27A28A29A30A31A32A33A34A35A36A37A38A39A40A41A42A43A44A45A46A47A48A49A50A51A52A53A54A55A56A57A58A59A60A61A62A63A64A65A66A67A68A69A70A71A72A73A74A75A76A77A78A79A80A81A82A83A84A85A86A87A88A89A90A91A92A93A94A95A96A97A98A99
A102A127A282A380A404A406A431A477A483


B & C-roads

Het secundaire wegennet bestaat uit B- en C-wegen, die doorgaans alleen een interlokale functie hebben. Ze zijn soms hoogwaardig uitgebouwd, maar meestal betreft het enkelbaans wegen.

Europese wegen

Alhoewel het Verenigd Koninkrijk onderdeel is van UNECE, die de Europese wegen regelt, worden de E-wegen in het Verenigd Koninkrijk nergens bewegwijzerd. Ze zijn dus puur administratief en onbekend onder de bevolking.

Europese wegen in het Verenigd Koninkrijk

E1E5E13E15E16E18E20E22E24E30E32


Geschiedenis

Voorgeschiedenis

In 1920 werd het wegenfonds opgericht, dat gefinancierd werd door een accijns op voertuigen. Het verkeer begon in de jaren 20 toe te nemen, maar het wegennet was vaak in slechte staat. Na de Eerste Wereldoorlog was de werkloosheid hoog, waarop in de jaren 20 twee maal een programma werd uitgevoerd om de werkloosheid te verlagen door middel van wegenbouw. Tegen 1935 waren 800 kilometer aan bypasses opengesteld, ongeveer de helft van het beoogde aantal bypasses. In 1934 werd de eerste hoogwaardige interstedelijke weg opgeleverd met een scheiding van snel- en langzaam verkeer bij Liverpool. Gedurende de jaren 30 werden de eerste plannen opgesteld voor een snelwegennet en de toenmalige minister van transport bezocht Duitsland om te kijken bij de bouw van de Autobahn. De start van de bouw van de snelwegen werd door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog echter vertraagd. Gedurende de oorlog werden opnieuw plannen gemaakt voor een landelijk snelwegennet. In 1949 werd hiervoor speciale wetgeving doorgevoerd die het verkrijgen van een right of way mogelijk maakte.

Eerste snelwegen

De eerste snelweg van het Verenigd Koninkrijk was de Preston Bypass in 1958, tegenwoordig onderdeel van de M6. Het Verenigd Koninkrijk was hiermee één van de laatste West-Europese landen die zijn eerste autosnelweg bouwde, Nederland en Duitsland waren ruim 20 jaar eerder. De eerste lange-afstandssnelweg die opende was de M1 tussen London en Rugby. De eerste snelwegen waren uniek omdat ze direct vanaf de opening 2x3 rijstroken telden, indertijd voor verkeersintensiteiten van amper 20.000 voertuigen per etmaal. Het bouwen van snelwegen met 2x3 rijstroken bleek een ontwerpstandaard te worden. In 1962 opende de eerste snelweg in Noord-Ierland, de M1.

Highway revolts

Begin jaren 60 werden plannen gemaakt voor stedelijke snelwegen, omdat verwacht werd dat het verkeer explosief zou toenemen en de bereikbaarheid van steden sterk zou verslechteren. Een verslechterde bereikbaarheid, werd geredeneerd, zou de Britse concurrentiepositie benadelen. In 1966 werden de ontwerpstandaarden aangepast om kosten te besparen, door bermen te versmallen en de redresseerstrook langs de middenberm te verwijderen. Dit zou circa 22.000 pond per mijl schelen. Gedurende de jaren 60 werden massaal snelwegen aangelegd, een bouwschema vergelijkbaar met dat in Nederland. In 1972 was de eerste 1.000 mijl (1.609 km) aan autosnelwegen opgeleverd. Lange-afstandssnelwegen werden gedurende de jaren 70 gewoon doorgebouwd, maar de geplande aanleg van stedelijke snelwegen riep regelmatig weerstand vanuit de lokale bevolking op, vergelijkbaar met de Freeway revolts in de Verenigde Staten. Als gevolg van deze weerstand werd serie van 5 ringwegen om de hoofdstad London afgeblazen. Eind jaren 70 nam het bouwtempo sterk af, mede door de oliecrises en een periode die bekend stond als "the troubles", het Noord-Ierse conflict.

Stagnatie

De regering van Margaret Thatcher in 1979 nam een meer pro-wegenpositie aan. Gedurende die periode werden diverse snelwegen verbreed en de M25 rond London voltooid. Tussen 1985 en 1995 nam het wegennet met 24.000 mijl toe, maar het snelwegennet groeide niet zo snel. In 1994 werd door de recessie een flink aantal wegenprojecten geschrapt. De aanleg van de M3 werd fors vertraagd onder druk van hevige protesten. Mede door de extra inpassingseisen stegen de kosten van de snelwegbouw met 50 - 100%, waardoor de overheid minder ruimte kreeg om nieuwe wegen te bouwen, of bestaande te verbreden. De laatste nieuwe snelweg van het Verenigd Koninkrijk was de M3 in Noord-Ierland in 1994. In 1996 was het snelwegennet 2.000 mijl (3.200 kilometer) lang, gezien de bevolkingsdichtheid van het land bijzonder weinig vergeleken met landen als Frankrijk, Duitsland of Italië. Nadat Labour aan de macht kwam in 1997 werden vrijwel alle nog bestaande plannen afgeblazen. Tussen 1980 en 2005 nam het verkeer met 80% toe, terwijl de wegcapaciteit met slechts 10% toenam.

Ontwikkeling snelwegennet

Motorway openingen in het Verenigd Koninkrijk

UK motorway openings.png

Ontwikkeling snelwegennet in het Verenigd Koninkrijk

UK motorway development.png

Tol

Zie ook tolwegen in het Verenigd Koninkrijk.

Het Britse (snel)wegennet is in principe tolvrij, maar voor enkele oeververbindingen wordt wel tol gevraagd, zoals de Humber Bridge, de Dartford Crossing en tal van lokale bruggen. De enige reguliere lange-afstandstolweg is de M6 Toll bij Birmingham. De wegen in het Verenigd Koninkrijk worden betaald uit belastingen als brandstofaccijns en wegenbelasting. Buitenlandse vrachtwagens betalen sinds 2014 de HGV road user levy.

Verkeersintensiteiten

Over het algemeen zijn de verkeersintensiteiten hoog, ook buiten de steden. Daarentegen zijn hoofdassen in het Britse wegennet met minimaal 2x3 rijstroken uitgebouwd en veelal adequaat om de verkeersintensiteiten op te vangen. In en rond de grote steden zijn de intensiteiten niet bijzonder hoog. Motorways liggen vrij ver buiten de stedelijke kernen, omdat zij duidelijk zijn gebouwd voor het doorgaande verkeer. De hoogste intensiteit is 210.000 voertuigen per etmaal op de M25 aan de westkant van London. Op andere locaties overstijgen de intensiteiten zelden de 150.000 mvt/etmaal.

Wegbeheer

Het wegbeheer in het Verenigd Koninkrijk is grotendeels gedevolueerd naar de 'constituent countries' (vrij vertaald als constituerend land) van het Verenigd Koninkrijk: Engeland, Wales, Schotland en Noord-Ierland. De nationale zaken worden door het Department for Transport afgehandeld, maar veel zaken worden in de constituent countries afgehandeld.

De motorways en A-roads zijn in het beheer van de constituent countries, in Engeland is dat Highways England (voorheen: Highways Agency), in Schotland is dat Transport Scotland.

Maximumsnelheden

wegtype Vmax mph
Znak d42.svg 30 km.png (48 km/h)
Znak d43.svg 60 km.svg (97 km/h) , indien 2x2: 70 km.svg (113 km/h)
Znak D9.svg 70 km.svg (113 km/h)

De limiet van 70 mph geldt op alle wegen buiten de bebouwde kom mits de weg bestaat uit twee rijbanen met ieder ten minste twee rijstroken (dual carriageways).

Sinds 1965 geldt in het Verenigd Koninkrijk een maximumsnelheid van 70 mph (113 km/h) op autosnelwegen. Daarvoor was er geen algemene snelheidslimiet. Eind 1973 en 1974 was een maximumsnelheid van 50 mph (80 km/h) van kracht op autosnelwegen in verband met de oliecrisis. Sinds 1991 geldt 20 mph (32 km/h) op woonstraten. Op 6 april 2015 zijn de maximumsnelheden voor vrachtwagens verhoogd van 40 naar 50 mph op wegen buiten de bebouwde kom en van 50 naar 60 mph op dual carriageways.[4]

Bebouwde kom Buiten de kom Dual carriageway Motorway
Auto's en motoren 30 mph (48 km/h) 60 mph (97 km/h) 70 mph (113 km/h) 70 mph (113 km/h)
Auto's met aanhanger 30 mph (48 km/h) 50 mph (80 km/h) 60 mph (97 km/h) 60 mph (97 km/)
Bussen, vrachtwagens tot 7,5 ton 30 mph (48 km/h) 50 mph (80 km/h) 60 mph (97 km/h) 70 mph (113 km/h)
Vrachtwagens boven 7,5 ton 30 mph (48 km/h) 50 mph (80 km/h) 60 mph (97 km/h) 60 mph (97 km/h)

In vergelijking met de rest van Europa is de maximumsnelheid op autosnelwegen behoorlijk laag. Buiten de bebouwde kom geldt echter 97 km/h, behoorlijk hoog. Zware vrachtwagens mogen in het Verenigd Koninkrijk 97 km/uur op snelwegen, de hoogst toegestane snelheid van Europa. Veel vrachtwagens kunnen deze snelheid echter niet halen in verband met de snelheidsbegrenzer.

Geschiedenis

jaar bibeko bubeko motorway
1865 2 mph 4 mph nvt
1896 14 mph 14 mph nvt
1903 20 mph geen nvt
1931 geen geen nvt
1935 30 mph geen geen
1965 30 mph 70 mph 70 mph
1977 30 mph 60 mph 70 mph

Bewegwijzering

Bewegwijzering op een Primary Route.

De bewegwijzering in het land wijkt op bepaalde punten af van de rest van Europa, in de eerste plaats omdat men links rijdt en de borden daar dus op ingericht zijn, en E-nummers worden niet aangegeven. In Wales wordt ook het Welsh aangegeven, doorgaans in een iets afwijkende kleur, waardoor alle doelen dus twee maal op de bewegwijzering staan. De keuze van de control cities is doorgaans helder, maar vaak wat te geregionaliseerd, lange-afstandsdoelen staan niet altijd aangegeven waar men dat zou verwachten.

Motorways

Motorways hebben blauwe borden met witte letters. Wegnummers worden in platte tekst aangegeven, dus niet met een schildje of in een kader. Daarnaast worden regelmatig windrichtingen aangegeven zoals "The North" en "The South", of gebieden zoals "The Midlands" of "Wales". Portaalborden zijn redelijk uniek omdat de borden in verschillende groottes zijn uitgevoerd en de overgebleven vlakken een grijze achtergrond krijgen. Pijlen staan niet op de borden, maar hangen lager eronder, meestal met Motorway Traffic Management matrixborden ertussen. Hierdoor krijgen portaalborden een bijzonder lomp uiterlijk. De bewegwijzering is echter wel consistent. Vorkborden hebben geen hartkoppijl, maar enkel een punt en wijzen uiteraard naar links. Het lettertype is het "Transport" lettertype en is in gewoonschrift, dus niet in kapitalen. Alleen windrichtingen worden in kapitalen geschreven. Afritnummers staan in een zwart vak, en zijn derhalve makkelijk te onderscheiden.

Primary Routes

De bewegwijzering op Primary Routes (niet-snelwegen) bestaat uit groene borden met witte en gele wegnummers, met witte tekst. Verwijzingen naar Motorways worden in een blauw kader aangegeven, er is dus kleuronderscheid vanaf het onderliggend wegennet naar de snelweg, maar niet andersom. Indirecte verwijzingen worden tussen haakjes aangegeven, bijvoorbeeld "(A23)". De bewegwijzering is over het algemeen vrij duidelijk. Primary Routes verbinden Primary Destinations met elkaar.

Non-Primary Routes

Lokale bewegwijzering, in het Engels en Schots-Gaelisch.

Lokale wegen hebben witte borden met zwarte letters, die men vooral op het platteland en in stedelijke gebieden ziet. Handwijzers zijn vergelijkbaar met die van bijvoorbeeld Israël.

Wegnummering

Er zijn twee wegnummeringssytemen in het Verenigd Koninkrijk, een geïntegreerd systeem in Engeland, Wales en Schotland en een apart systeem in Noord-Ierland. De snelwegen zijn Motorways en hebben het prefix M. Daarna is het wegennet opgedeeld in A, B en C-wegen, aflopend in belangrijkheid. A-wegen die motorwaystandaarden hebben krijgen de suffix (M), bijvoorbeeld A1(M).

Autobelastingen

Zoals in de meeste landen, zijn er diverse manieren om het autobezit- en gebruik te belasten in het Verenigd Koninkrijk. Tolwegen komen weinig voor, maar er zijn wel congestiezones in London en Durham. Wat opvalt is dat in gebruiksbelastingen geen onderscheid (meer) wordt gemaakt tussen benzine en diesel. Diesel is in het Verenigd Koninkrijk duurder dan Nederland, benzine is goedkoper. Ongeveer 1/19e deel van de autobelastingen vloeit terug naar het onderhoud en de uitbreiding het hoofdwegennet.[5]

Brandstofaccijns

In het Verenigd Koninkrijk is een vast bedrag per 1000 m³ brandstof, dat als accijns afgedragen moet worden. Dit was 0.5419 GBP voor zowel diesel als benzine[6]. Hieroverheen komt nog de btw, VAT (Value-added tax) in het Verenigd Koninkrijk genoemd. Dit was circa € 0,65 per liter in 2010, iets lager dan in Nederland. De btw in het land is 15%. In 2009 was de inkomsten uit brandstofaccijns in het Verenigd Koninkrijk 25,9 miljard GBP, ongeveer € 34,9 miljard.

Belasting motorvoertuigen

Er wordt een jaarlijkse wegenbelasting geheven, voor 2001 gebeurde dat op basis van motorinhoud, maar daarna op basis van uitstoot van CO2, in een aantal klassen van A t/m M. Voertuigen tot 100 gram per kilometer zijn vrijgesteld. Voor 2007 werd onderscheid gemaakt naar diesel en benzine. Voor auto's die veel uitstoten is de belasting tussen 2007 en 2010 verdubbeld. Een voertuig dat 150 g/km uitstoot betaalt 145 pond per jaar.[7] In 2014 waren de inkomsten voor de Britse overheid 5,8 miljard GBP.

Congestion Charge

Sinds 2002 moet in Durham en sinds 2003 in London een vaste congestieheffing worden betaald, in London is dat 11,50 GBP per dag. De bedoeling was om de files te doen afnemen, maar het effect is binnen enkele jaren weggeëbt. Met name buiten de spits is het verkeersaanbod verwaarloosbaar lager. De Dartford Crossing ten oosten van London is een tolbrug/tunnel, die in 2003 afbetaald was. Om het verkeersaanbod laag te houden, is de tol echter in stand gebleven. Sinds 2014 is dit de elektronische 'Dart Charge'.

Registratiebelasting

In 2008 gold een registratiebelasting van 55 pond voor de eerste registratie van een voertuig[8].

Tolwegen

Er zijn een beperkt aantal tolwegen in het Verenigd Koninkrijk, doorgaans oeververbindingen. De enige reguliere tolweg is de M6 Toll bij Birmingham. Door de jaren heen zijn er voorstellen geweest om een landelijk tolsysteem in te voeren. Vrachtwagens betalen de HGV road user levy.

Vergelijking met Nederland

In vergelijking met Nederland is het autorijden in het Verenigd Koninkrijk aanzienlijk goedkoper, er is geen BPM, een fors lagere motorrijtuigenbelasting en benzineprijzen die iets lager liggen dan in Nederland. Wel zijn forenzen naar Central London duur uit, bij 250 werkdagen per jaar moet men 2.000 pond afdragen.

Modal split

Aandeel in reizigerskilometers in 2010.[9]

Modaliteit aandeel
Auto 84,7%
Trein 8,2%
Lokaal OV* 7,1%

Aantal reizigerskilometers in 2010 (omgerekend vanuit mijlen).

Modaliteit reizigerskm
Auto 524,6 mld
Trein 50,5 mld
Lokaal OV* 44,2 mld

* inclusief Bus in London, Other local bus, Non-local bus, London Underground en Surface Rail.

Verkeersveiligheid

jaar verkeersdoden
2010 1.905
2011 1.960
2012 1.802
2013 1.769
2014 1.807
2015 1.854
2016 1.878
2017 1.783

In 2010 vielen 31 verkeersdoden per 1 miljoen inwoners in het Verenigd Koninkrijk, een daling van 47 procent ten opzichte van het jaar 2001. Het Verenigd Koninkrijk behoorde daarmee tot de top 3 meest verkeersveilige landen in de Europese Unie.[10] Sinds 2010 is het aantal verkeersdoden echter weinig meer gedaald. In 2015 vielen 29 verkeersdoden per 1 miljoen inwoners, waarmee het land tot de top 3 veiligste landen van de EU behoort.[11] Het aantal verkeersdoden per 1 miljoen inwoners ligt ook wezenlijk lager dan de andere grote landen in Europa, zoals Duitsland, Frankrijk en Italië.

Referenties

Wegen van Europa

AlbaniëAndorraArmeniëAzerbeidzjanBelgiëBosnië-HerzegovinaBulgarijeCyprusDenemarkenDuitslandEstlandFinlandFrankrijkGeorgiëGriekenlandHongarijeIerlandIJslandItaliëKazachstanKosovoKroatiëLetlandLiechtensteinLitouwenLuxemburgNoord-MacedoniëMaltaMoldaviëMonacoMontenegroNederlandNoorwegenOekraïneOostenrijkPolenPortugalRoemeniëRuslandSan MarinoServiëSloveniëSlowakijeSpanjeTsjechiëTurkijeVaticaanstadVerenigd KoninkrijkWit-RuslandZwedenZwitserland

in cursief landen die deels in Europa liggen of met Europa geassocieerd worden