Interstate 495 in New York

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
I-495.svg
I-495 NY map.png
I-495
Begin New York
Einde Riverhead
Lengte 114 km
Route

Queens-Midtown Tunnel

Afslagsymbool.svg13 Pulaski Bridge

Afslagsymbool.svg14 Long Island City

Afslagsymbool.svg15 Van Dam Street

Afslagsymbool.svg16 Hunters Point Avenue

Knooppuntsymbool.svg17 I-278.svg → Brooklyn / Bronx

Afslagsymbool.svg18 Maurice Avenue

Afslagsymbool.svg19 Queens Boulevard

Afslagsymbool.svg20 Junction Boulevard

Afslagsymbool.svg21 108th Street

Knooppuntsymbool.svg22A Grand Central Parkway → LaGuardia Airport

Knooppuntsymbool.svg22B I-678.svg → JFK Airport / Bronx

Afslagsymbool.svg23 Main Street

Afslagsymbool.svg24 Kissena Boulevard

Afslagsymbool.svg25 Utopia Parkway

Afslagsymbool.svg26 Francis Lewis Boulevard

Afslagsymbool.svg27 I-295.svg → Bronx

Afslagsymbool.svg28 Oceania Street

Afslagsymbool.svg29 Springfield Boulevard

Knooppuntsymbool.svg30 Belt Parkway → Brooklyn / Bronx

Afslagsymbool.svg32 Little Neck Parkway

Nassau County

Afslagsymbool.svg33 Lake Success

Afslagsymbool.svg34 New Hyde Park Road

Knooppuntsymbool.svg36 Northern State Parkway

Afslagsymbool.svg37 North Hills

Afslagsymbool.svg38 North Hempstead

Afslagsymbool.svg39 Northern State Parkway

Afslagsymbool.svg40W Old Westbury

Afslagsymbool.svg40E Jericho Turnpike

Afslagsymbool.svg41 Jericho

Knooppuntsymbool.svg42 Northern State Parkway

Afslagsymbool.svg43 Syossett-Robins Lane

Afslagsymbool.svg44 South Oyster Bay Road

Knooppuntsymbool.svg44S Seaford-Oyster Bay Expressway

Afslagsymbool.svg45 Woodbury

Afslagsymbool.svg46 Plainview

Afslagsymbool.svg48 Round Swamp Road

Suffolk County

Afslagsymbool.svg49 Broad Hollow Road

Afslagsymbool.svg50 Huntington

Afslagsymbool.svg51 Dix Hills

Afslagsymbool.svg52 Commack Road

Knooppuntsymbool.svg53 Sagtikos State Parkway

Afslagsymbool.svg55 Wicks Road

Afslagsymbool.svg56 Central Islip

Afslagsymbool.svg57 Islip

Afslagsymbool.svg57 Patchogue

Afslagsymbool.svg58 Old Nichols Road

Afslagsymbool.svg59 Ronkonkoma

Afslagsymbool.svg60 Lake Ronkonkoma

Afslagsymbool.svg61 Holbrook

Afslagsymbool.svg62 Nicolls Road

Afslagsymbool.svg63 Mount Sinai

Afslagsymbool.svg64 Port Jefferson

Afslagsymbool.svg65 Centereach

Afslagsymbool.svg66 East Patchogue

Afslagsymbool.svg67 Yaphank

Afslagsymbool.svg Brookhaven

Afslagsymbool.svg68 William Floyd Parkway

Afslagsymbool.svg69 Wading River

Afslagsymbool.svg70 Eastport

Afslagsymbool.svg71 Hampton Bays

Afslagsymbool.svg72 Riverhead

Afslagsymbool.svg73 Old Country Road

De Interstate 495 of I-495, ook wel Long Island Expressway (LIE) is een Interstate Highway in de Amerikaanse staat New York. De snelweg vormt een oost-westverbinding op Long Island, en loopt over een enorme afstand door de voorsteden van New York City, waar de snelweg begint, en eindigt in Riverhead, 114 kilometer naar het oosten. De route onderweg bestaat uit talloze kleine voorsteden, welke steeds dunner bebouwd raken naarmate men verder naar het oosten gaat.

Routebeschrijving

I-495 in Queens.
I-495 op de grens tussen Nassau County en Queens.

Queens

De snelweg begint in Manhattan op 2nd Avenue. Men duikt direct de Queens-Midtown Tunnel in, en gaat onder de East River door. De tunnel is bijna 2 kilometer lang. In Queens komt de tunnel weer bovengronds, en telt hierna 2x3 rijstroken. De snelweg loopt over een grote begraafplaats, waar het knooppunt met de Interstate 278, de Brooklyn-Queens Expressway (BQE) ligt. Midden op deze begraafplaats staat ook een energiecentrale. De snelweg verbreedt hierna naar 2x4 rijstroken. Men kruist een eindje verderop Queens Boulevard, met 12 rijstroken één van de breedste wegen van Queens. In Centraal Queens kruist men de Grand Central Parkway, en een halve kilometer verderop de Interstate 678, de Van Wyck Expressway. De snelweg telt hierna 2x3 rijstroken, en er staat bijna altijd file. In het oosten van Queens kruist men de Interstate 295, de Clearview Expressway die richting Bronx loopt. De laatste snelweg die men in New York kruist is de Belt Parkway, ook wel Cross Island Parkway. Een paar kilometer verderop steekt men de grens met Nassau County over.

Nassau County

De dichtheid van het stedelijk gebied verandert direct na de county line, de woonwijken zijn hier wat minder dichtbebouwd. Nassau County is één van de duurste en rijkste counties in de Verenigde Staten. Parallel, soms op enkele tientallen meters, loopt de Northern State Parkway. Deze corridor telt 19 rijstroken, maar bestaat feitelijk uit twee snelwegen en toevoerwegen. Beide snelwegen tellen 2x3 rijstroken. Men passeert talloze kleine voorsteden, waarvan er geen enkele echt bovenuit springt in inwonertal. Ter hoogte van Plainview kruist men de Seaford Oyster Bay Expressway, die naar het zuiden leidt. Hierna kruist men eindelijk de Northern State Parkway, maar het knooppunt bestaat uit slechts 2 verbindingen, en is verre van compleet. Bij Plainview steekt men de grens met Suffolk County over.

Suffolk County

Het grootste gedeelte van de I-495 ligt in Suffolk County. Bij de eerste plaats, Melville, liggen grote bedrijventerreinen. Men is ondertussen al op 60 kilometer van Manhattan. Men passeert langs Dix Hills en Deer Park, beiden voorsteden van New York. In Brentwood kruist men de Sagtikos State Parkway. De I-495 telt hier nog steeds 2x3 rijstroken. Brentwood is een wat grotere voorstad met 54.000 inwoners, en is ook vrij dichtbebouwd. De wijken hebben een goed leefklimaat, met vele bomen en parken, en brede wegen met weinig verkeer. Central Islip is een andere grotere voorstad met 32.000 inwoners. De meeste voorsteden hebben maar een paar duizend inwoners, maar er zijn er honderden van op Long Island. Na Medford, op bijna 100 kilometer van Manhattan, raakt de bebouwing wat meer uiteen. De snelweg eindigt uiteindelijk iets verderop, bij Riverhead, na 114 kilometer voorsteden en woonwijken op Main Street.

Geschiedenis

Eerste aanleg

Toen de Queens-Midtown Tunnel werd aangelegd aan het eind van de jaren 30 vond Robert Moses de aanleg van de Long Island Expressway overbodig, waarbij geruchten rond gingen over het feit dat Robert Moses niet de leiding had over de aanleg ervan. Dit omdat de tunnel werd aangelegd door de New York City Tunnel Authority, die niet onder het gezag van Moses viel.

Het eerste deel van de Long Island Expressway opende in 1940, als een anderhalf kilometer lang viaduct met zes rijstroken over de bedrijvigheid van Long Island City in het westen van Queens. Tegelijkertijd opende ook de Queens-Midtown Tunnel onder de East River. De snelweg eindigde toen waar momenteel het knooppunt met de Interstate 278 ligt. In 1941 werd gepland om de Long Island Expressway verder naar het oosten te verlengen, tot aan Horace Harding Boulevard (huidig knooppunt met de Grand Central Parkway), om zodoende de drukke Queens Boulevard te ontlasten van doorgaand verkeer. Later, in 1945, na een negen jaar lange strijd om de macht kreeg Robert Moses het gezag over de tunnel authority, en werd een nieuw agentschap gecreëerd, de Triborough Bridge and Tunnel Authority. Daarna veranderde ook de positie van Moses over de Long Island Expressway, en er werd 32,5 miljoen dollar geïnvesteerd om de snelweg naar het oosten door te trekken, wat nu de Queens-Midtown Expressway is tussen de I-278 en Queens Boulevard, een kilometer of 6 oostelijker.

Ten oosten van Queens Boulevard ging het alignement van de Long Island Expressway over de Horace Harding Boulevard. In 1949 stelde de New York State Department of Public Works (NYSPDW) de aanleg van een snelweg voor dat voor al het verkeer geopend was, in tegenstelling tot de vele parkways waar vrachtwagens niet mogen rijden. De Long Island Expressway was onderdeel van een plan van 2.865 kilometer snelweg in de staat New York. De Long Island Expressway moest helemaal naar Orient Point in het oosten van Long Island lopen. In die tijd was Long Island nog voornamelijk platteland, Nassau County begon net na de Tweede Wereldoorlog met het verstedelijken.

Long Island

Op 1 september 1953 werden de plannen onthuld voor een 115 kilometer lange snelweg met 2x3 rijstroken van New York tot aan het oostelijke einde van Long Island. Volgens een brief aan de toenmalige gouverneur Thomas E. Dewey van Robert Moses was de Long Island Expressway, toen de "Central Motor Expressway" genoemd, de enige logische oplossing;

De voorgestelde Long Island Expressway is het belangrijkste onderdeel van het hoofdwegennet dat geheel Long Island zal bedienen, wat Brooklyn, Queens, Suffolk en Nassau counties omvat, met een bevolking van 5,5 miljoen. De hoofdader van dit programma is een 115 kilometer lange snelweg voor alle verkeerstypen van Manhattan tot aan Riverhead. De aanleg van deze snelweg heeft de steun van zowel Nassau als Suffolk county. Een snelle oplevering van een aanzienlijk snelwegennet van Manhattan en Queens door Nassau naar Suffolk County is de enige logische oplossing voor de onaanvaardbare congestie ten gevolge van de grootschalige woningbouw, bevolkingsgroei en de groei van het autobezit. Bijna dagelijks worden de laatste percelen op Long Island verkocht aan ontwikkelaars. Wanneer niet snel een right-of-way wordt verkregen moet de snelweg door bebouwde gebieden lopen met enorme kosten voor onteigening en de problemen van het slopen van woningen en bedrijven.

Dewey keurde de snelweg op 27 maart 1954 goed. De Long Island Expressway, die in eerste instantie een ontwerpcapaciteit van 80.000 voertuigen per etmaal had, kostte 500 miljoen dollar, bijeengebracht door fondsen van de staat en de federale overheid. In 1954 werden al intensiteiten van 100.000 voertuigen per etmaal gemeten op de grenzen van Nassau en Suffolk counties. Er werd gevreesd dat het niet op tijd aanleggen van de Long Island Expressway banen zou kosten, wanneer de originele opleveringsdatum van 1961 niet gehaald werd.

Tussen 1954 en 1958 werd de Horace Harding Expressway (nu Long Island Expressway) aangelegd door het NYSPDW tussen Queens Boulevard en de grens met Nassau County. Een klein stukje ter hoogte van de Clearview Expressway opende pas in 1960 nadat er een groot stackknooppunt was aangelegd. In oktober 1958 werd het eerste gedeelte in Nassau County geopend, tussen de grens met Queens en Exit 39, Glen Cove Road. In diezelfde maand werd het Interstate Highwaysysteem uitgerold, en kreeg de Long Island Expressway het nummer I-495. Net ten oosten van het nieuwe gedeelte, door Old Westbury wist Robert Moses een groot stuk land te kopen wat 25 jaar eerder niet kon worden verkregen voor de Northern State Parkway, die daar dan ook een vreemde bocht naar het zuiden maakt, maar Moses kon hier geen aansluitingen aanleggen, waardoor de snelweg hier een stuk van 6 kilometer zonder afslagen heeft, nogal opvallend in een verder sterk verstedelijkt gebied.

Langzaam maar zeker werd de Long Island Expressway verder naar het oosten gebouwd. In 1960 werd de snelweg tot exit 41 in Jericho verlengd, en midden 1962 bereikt de snelweg de grens met Suffolk County, tot exit 49. Een jaar later was de snelweg verlengd tot exit 52 in Commack. In 1964 opende weer een stuk tot exit 59 in Ronkonkoma en eind 1966 was de snelweg af tot exit 61 in Holbrook.

Latere ontwikkelingen

Slechts een paar jaar na de opening van de Long Island Expressway kreeg de snelweg al de naam van 's werelds grootste parkeerplaats. In 1963 stelde Henry Barnes, voorzitter van NYC Transportation een tweede dek voor de snelweg voor door Queens ter waarde van 94 miljoen dollar. Het tweede dek moest een wisselstrook worden, 's ochtends richting westen en 's avonds richting oosten. De dagelijkse intensiteiten bedroegen toen al 130.000 voertuigen per etmaal. Een klein deel, tussen de I-278 en Maurice Avenue is uiteindelijk dubbeldeks geworden. Hier liggen in totaal 12 rijstroken.

Begin jaren 70 ontbrak nog steeds 35 kilometer tot het geplande einde bij Riverhead. In 1970 opende 32 kilometer van exit 61 in Holbrook tot exit 71. Op 28 juni 1972 werden de laatste 3 kilometer tot exit 73 in Riverhead geopend, waarmee de geplande Interstate 495 voltooid was.

In 1971 kreeg de Long Island Expressway zijn eerste HOV-stroken, met een busstrook over 3 kilometer tussen de Queens-Midtown Tunnel en de Interstate 278. De binnenste rijstrook richting het oosten werd een wisselstrook voor bussen en taxi's. De wisselstrook kreeg zo'n 60 bussen per uur te verwerken. Om de verkeersdruk in Manhattan te verminderen werd de busstrook in 2003 omgezet in een HOV-strook voor voertuigen met 3 personen of meer. Dit is nog steeds een wisselstrook, afgescheiden met een jersey barrier van de rest van het verkeer.

In de jaren 70 werden de fileproblemen op de Long Island Expressway steeds groter, er werd geschat dat in 1975 gemiddeld duizend voertuigen elke weekdag geparkeerd werden op de vluchtstrook bij aansluitingen, waarbij mensen met ander vervoer verder gingen. Vanaf 1975 werden P+R locaties gebouwd op verschillende aansluitingen in Nassau en Suffolk County. Midden jaren 70 werd ook voorgesteld de busstrook te verlengen om zodoende meer mensen per uur te kunnen verplaatsen. Begin jaren 70 werden tevens HOV-lanes overwogen, maar enquêtes wezen uit dat bijna niemand daar gebruik van zou maken, en die plannen werden voorlopig in de ijskast gezet. In 1978 was er een voorstel om een lightrail over de vluchtstrook te laten lopen, maar geld voor dit project werd uiteindelijk in andere projecten gestoken. De jaren 70 zagen tevens een politiek keerpunt, de tijden van Robert Moses waren voorbij, en de aandacht ging vooral naar het openbaar vervoer. Capaciteitsuitbreidingen waren niet zo vanzelfsprekend meer als in de jaren 50.

Pas in 1983 werd het nummer I-495 ook ten oosten van de Interstate 295 (Clearview Expressway) toegekend voor het resterende deel tot aan Riverhead. Begin jaren 80 werd ook verlichting geplaatst in Nassau en Suffolk County. Eind jaren 80 werd de I-495 steeds verder overbelast, met intensiteiten tegen de 200.000 voertuigen op 2x3 rijstroken. In 1986 werden dan ook plannen gemaakt voor een vierde rijstrook. Door het volgebouwde karakter van Long Island was het niet praktisch een nieuwe oost-westverbinding over Long Island te bouwen. Eind jaren 80 was er veel discussie over het feit of de vierde rijstrook een general purpose lane moest worden, of een HOV-lane. Uiteindelijk werd een oplossing gekozen waarbij de vierde rijstrook tijdens de spits alleen door HOV-voertuigen en bussen gebruikt mocht worden, maar buiten de spits voor alle typen voertuigen werd opengesteld. De aanleg begon in 1991 in het westen van Suffolk County. De eerste stroken openden tussen exit 49 en 57 in 1994. Een tweede deel tussen exit 40 en exit 49 opende in 1998 en tussen exit 57 en 64 in 1999. De laatste delen tussen exit 32 in Queens en exit 40 openden op 30 juni 2005, bijna een jaar over tijd.

Recenter ontwikkelingen

In 1998 kondigde de toenmalige gouverneur Pataki aan dat hij een HOV-voorstel in Queens zou afwijzen. Als reactie bouwde de staat de vluchtstroken van de Long Island Expressway om naar een vierde rijstrook. Alhoewel er extra capaciteit is, is er geen ruimte voor voertuigen met pech, en als er al ruimte is naast de vluchtstrook, is die erg smal.

Ongebouwde delen

Mid-Manhattan Expressway

De Mid-Manhattan Expressway was een geplande oost-westsnelweg over Manhattan, die de State Route 495 in New Jersey met de Interstate 495 in New York moet verbinden via de Lincoln Tunnel en Queens-Midtown Tunnel.

De snelweg werd het eerst in 1926 voorgesteld en werd in 1929 opgenomen in een masterplan en in 1941 nogmaals. De voorgestelde snelweg moest het oost-westverkeer vergemakkelijken, en tevens New Jersey met Long Island verbinden. In de jaren 40 werd de snelweg voorgesteld door Robert Moses als een verhoogde snelweg tussen de Lincoln en Queens-Midtown tunnels. De route kreeg het nummer I-495 in oktober 1958 om de I-495 in New Jersey en de I-495 in New York te verbinden met elkaar. In 1955 werd de snelweg als volgt voorgesteld;

de verhoogde snelweg vanaf de aansluiting met de West Side Highway zou beginnen als een verdiepte snelweg in een verbrede 30th Street tot 10th Avenue. De snelweg zal dan naar de noordzijde van 30th Street verplaatsen om verbinding te maken met de aanlopen van de Lincoln Tunnel tussen 10th en 9th Avenue. De zesstrooks snelweg zal over 8th Avenue gaan en als verhoogde snelweg door de rest van Manhattan lopen. Na 2nd Avenue zou de snelweg een boog naar het noorden maken met een aansluiting op de FDR Drive. Tussen 1st en 2nd Avenue moet een aansluiting komen met de Queens-Midtown Tunnel. De geschatte kosten bedragen 77 miljoen dollar, waarvan 33,5 miljoen voor onroerend goed.

Een unieke situatie zou rond de Mid-Manhattan Expressway bestaan dat ontwikkelingen onder én boven de snelweg mogelijk maakte, waarbij de snelweg door gebouwen zou kunnen lopen. De snelweg zou 2x3 rijstroken tellen, 10 verdiepingen boven straatniveau met liften tussen de gedeelten onder en boven de snelweg. Onder de snelweg konden winkels en parkeergarages komen.

Vanaf 1937 werd tevens een tunnelalternatief overwogen, met twee buizen onder 36th en 37th Street. De belangrijkste argumenten tegen de tunnel waren de kosten, 119 miljoen voor een tunnel zonder aansluitingen en 145 miljoen voor een tunnel met aansluitingen met 5th Avenue. De voorstellen gingen ook uit van een 2x2 tunnel, in tegenstelling tot de 2x3 verhoogde snelweg, minder capaciteit voor meer geld. In die tijd stelde Moses ook een derde tunnelbuis voor de Queens-Midtown Tunnel voor ter waarde van 120 miljoen dollar voor vier rijstroken in de vorm van wisselstroken.

In de jaren 40 en 50 wist Robert Moses steun te krijgen voor de aanleg onder burgemeesters als de pers. Echter, vanaf begin jaren 60 begon de politieke ommekeer naar het openbaar vervoer, en het politieke landschap verslechterde voor Robert Moses. Hij bleef voorstander van de Mid-Manhattan Expressway. In 1969 trok de New York City Planning Commission de steun in en in 1971 blies gouverneur Nelson Rockefeller het project geheel af, samen met minstens zes andere Interstate Highways in New York City. De I-495 bleef een losliggende Interstate Highway op Long Island, en zou nooit verbonden worden met zijn hoofdroute, de Interstate 95. Het gebouwde deel in New Jersey tussen de Lincoln Tunnel en de New Jersey Turnpike kreeg het nummer State Route 495.

Montauk Spur

Eind jaren 50 waren er plannen om een spur te bouwen van de nog in planning zijnde Long Island Expressway tussen exit 70 en exit 71 naar de Sunrise Highway in Hampton Bays. Uiteindelijk werd de County Route 111 een stukje westelijker als meerstrooks hoofdweg (doch niet ongelijkvloers) gebouwd tussen de beide snelwegen.

Mattituck Extension

In 1969, drie jaar voordat de Long Island Expressway het einde bij Riverhead bereikte, waren plannen voor een 21 kilometer lange verlenging tot Mattituck goedgekeurd. Deze verlenging was een mogelijkheid voor een brug over het Long Island Sound naar Connecticut of Rhode Island. De verlenging bleek onpopulair bij omwonenden en in 1973 werd het plan afgeblazen. Ondanks dat bleven planningscommissies in de regio voor een verlenging van de snelweg tot Mattituck.

Long Island Sound verbinding

Tussen de jaren 60 en jaren 90 waren er serieuze voorstellen voor een verbinding over het Long Island Sound, de waterstraat die Long Island van het vasteland in Connecticut scheidt. Er waren vier voorstellen om de I-495 te verlengen over het Long Island Sound;

  • Riverhead, NY - Guilford, CT
  • East Marion, NY - Old Saybrook, CT
  • Orient Point, NY - New London, CT
  • Orient Point, NY - Westerly, RI

Verkeersintensiteiten

De I-495 is druk, en overbelast. Ondanks dat er meer dan 100 kilometer lang voorsteden aan liggen blijft de weg grotendeels 2x3 rijstroken. Bij elke afslag richting het westen komt er meer verkeer op, wat uiteindelijk tot structurele congestie leidt in New York, wat vaak de hele dag aanhoudt. De verkeersintensiteiten zijn hoog, maar meestal schommelen ze tussen de 120.000 en 180.000 voertuigen, wat doorgaans inhoudt dat de capaciteit gedurende de hele dagperiode verbruikt is. In Nassau County zijn er tijdelijk 2x4 rijstroken, zodat hier de intensiteiten oplopen tot meer dan 200.000 voertuigen. In Suffolk County loopt dit langzaam af tot 127.000 voertuigen, maar het wordt pas rustig vlakbij het einde van de weg.

Exit Locatie 2008 2015
- Queens-Midtown Tunnel 80.000 79.000
14 Long Island City 80.000 70.000
17 I-278.svg 68.000 162.000
19 Queens Boulevard 163.000 189.000
21 108th Street 145.000 152.000
22 Grand Central Parkway 147.000
23 Main Street 139.000 171.000
24 Kissena Boulevard 184.000 127.000
25 Utopia Parkway 131.000 128.000
26 Francis Lewis Boulevard 124.000 156.000
27 I-295.svg 127.000 156.000
29 Springfield Boulevard 119.000 149.000
30 Belt Parkway 143.000 175.000
31 Douglaston Parkway 123.000 175.000
32 Little Neck Parkway 171.000 196.000
33 Lakeville Road 201.000
34 New Hyde Park Road 213.000 205.000
35 Shelter Rock Road 204.000 219.000
37 Willis Avenue 202.000 211.000
38 Northern State Parkway 223.000 230.000
39 Glen Cove Road 179.000 187.000
40 Jericho Turnpike 171.000
41 Jericho 185.000 183.000
43 Oyster Bay Road 169.000 187.000
44 Seaford-Oyster Bay Expressway 189.000 161.000
45 Manetto Hill Road 181.000 180.000
46 Sunnyside Boulevard 182.000 183.000
49 Broad Hollow Road 170.000 189.000
50 Bagatelle Road 170.000 172.000
51 NY-231 177.000 185.000
52 Commack Road 173.000 178.000
53 Sagtikos State Parkway 135.000 160.000
54 Wicks Road 111.000 188.000
55 Motor Parkway 174.000 205.000
56 NY-111 180.000 183.000
57 Veterans Memorial Highway 169.000
58 Old Nichols Road 174.000
59 Ocean Avenue 168.000 175.000
60 Ronkonoma Avenue 158.000
61 Patchogue-Holbrook Road 175.000 189.000
62 Nicolls Road 160.000 141.000
63 Ocean Avenue 131.000
64 NY-112 88.000 71.000
65 Horseblock Road 75.000
66 CR-101 80.000
67 Yaphank Avenue 66.000 77.000
68 William Floyd Parkway 80.000 51.000
69 Wading River Road 60.000 26.000
70 CR-111 26.000 28.000
71 NY-24 30.000 19.000
72 NY-25 19.000 19.000
73 CR-58 11.000 9.000

Rijstrookconfiguratie

Deze snelweg kent een sequentiële afritnummering.

Van Naar Rijstroken
Exit 15 Exit 17 (I-278) 2x3
Exit 17 (I-278) Exit 19 2x4
Exit 19 Exit 30 2x3
Exit 30 Exit 64 2x4
Exit 64 Exit 73 2x3

Referenties


Snelwegen in de metropool New York City

Interstate 78Interstate 80Interstate 87Interstate 95 (NJ) (NJ) • Interstate 95 (NY) (NY) • Interstate 95 (CT) (CT) • Interstate 195Interstate 278Interstate 280Interstate 287 (NJ) (NJ) • Interstate 287 (NY) (NY) • Interstate 295Interstate 478Interstate 495Interstate 678Interstate 684Interstate 695Interstate 895


Belt ParkwayBronx River ParkwayFranklin D. Roosevelt DriveGrand Central ParkwayHenry Hudson ParkwayHutchinson River ParkwayJackie Robinson ParkwayKorean War Veterans ParkwayMosholu ParkwayNassau Expressway

Briarcliff-Peekskill ParkwayCross County ParkwayMerritt ParkwayPalisades Interstate ParkwaySaw Mill River ParkwaySprain Brook ParkwayTaconic State Parkway

Babylon-Northport ExpresswayHeckscher State ParkwayLoop ParkwayMeadowbrook State ParkwayNorthern State ParkwayRobert Moses CausewaySagtikos State ParkwaySeaford-Oyster Bay ParkwaySouthern State ParkwaySunken Meadow State ParkwaySunrise HighwayWantagh State Parkway


Bayonne BridgeBronx-Whitestone BridgeBrooklyn BridgeBrooklyn-Battery TunnelGeorge Washington BridgeGoethals BridgeHenry Hudson BridgeHolland TunnelLincoln TunnelManhattan BridgeOuterbridge CrossingRobert F. Kennedy BridgeQueensboro BridgeQueens-Midtown TunnelThrogs Neck BridgeVerrazano-Narrows BridgeWilliamsburg Bridge

Interstates en US Highways in de staat New York

Interstate 81Interstate 84Interstate 86I-87.svgInterstate 88Interstate 90Interstate 95I-99.svgInterstate 190Interstate 278Interstate 287Interstate 290Interstate 295Interstate 390Interstate 478Interstate 481Interstate 490Interstate 495Interstate 587Interstate 590Interstate 678Interstate 684Interstate 690Interstate 695I-781.svgInterstate 787Interstate 790Interstate 890Interstate 895Interstate 990

US 1US 2US 4US 6US 9US 11US 15US 20US 44US 62US 202US 209US 219

New York CityBuffaloRochesterSyracuse