Klantspecifieke eisen

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Klantspecifieke eisen zijn eisen die wegbeheerders, als klanten van de NBd zijnde, kunnen hebben op het gebied van plaatsing en uitvoering van bewegwijzering. Klantspecifieke eisen kunnen betrekking hebben op onder andere:

Ontwerp van de borden

Een wegbeheerder kan specifieke eisen hebben op het gebied van het bordontwerp. Een bekend voorbeeld is de Gemeente Rotterdam. In Rotterdam geeft men nog altijd voorkeur aan het gebruik van het ANWB-Redesign met het Uu-lettertype en de open pijlen. Daarnaast heeft Rotterdam een unieke methode om parkeerbestemmingen aan te duiden. Hiervoor maakt men gebruik van een groene boog/bies om de parkeerbestemmingen heen.

In een aantal gemeenten komt een afwijkend bewegwijzeringsontwerp voor, de zogenaamde iRoute bewegwijzering. Dit ontwerp bevat een afwijkend lettertype, een andere manier voor het aangeven van indirecte routenummers en anders ingedeelde voorwegwijzers op stapelborden.

Op dit punt van specifieke eisen bestaat de nodige kritiek. Het argument is dat deze eisen vaak tegen de vigerende CROW-richtlijnen in gaan en daarmee de uniformiteit van bewegwijzering in Nederland aantasten. Doordat er afwijkende ontwerpen kunnen worden geëist, kan het voorkomen dat weggebruikers meer tijd nodig hebben om een bord te lezen, wat de verkeersveiligheid mogelijk niet ten goede komt.

Ondersteuningsconstructies en kleurstelling

Voorbeelden van andere klantspecifieke eisen zijn te vinden in de keuze voor ondersteuningsconstructies en de kleuren hiervan. Zo kiest de Provincie Noord-Holland op provinciale wegen standaard voor borden op een mast. Ook de kleurstelling van masten kan bij een wegbeheerder vastgelegd zijn. Veel wegbeheerders kiezen nog steeds voor de traditionele witte masten met blauwe slinger, maar er zijn ook wegbeheerders die hun masten licht- of donkergrijs, beige of zwart gecoat willen hebben. Al dan niet met een anderskleurige slinger. Geen coating maar gegalvaniseerd komt ook voor.

Combinaties van constructies

Voorbeeld van verkeerslichten die geïntegreerd zijn in de bewegwijzering, op Weena in Rotterdam.

Naast solitaire bewegwijzeringsmasten bestaan er ook zogenaamde combimasten. Dit zijn masten waarop meerdere verkeerstechnische systemen worden gecombineerd. Zo zijn er combimasten die openbare verlichting combineren met bewegwijzering, met een verkeerslicht of allebei. Hierin zijn allerlei combinaties mogelijk. De ene wegbeheerder wil graag zoveel mogelijk systemen combineren op zo min mogelijk masten. Teveel masten door elkaar heen zou het straatbeeld ontsieren.

Er zijn echter ook wegbeheerders die bewust bepaalde zaken niet willen combineren. Een voorbeeld hiervan is de combinatie van bewegwijzering en openbare verlichting met een verkeerslichtenmast. Het niet combineren van deze zaken op één mast werkt als een bufferfunctie. Hierbij staat vaak de mast met openbare verlichting en bewegwijzering vóór de mast met verkeerslichten. Wanneer bij een aanrijding een voertuig op de middengeleider klapt, zal deze de mast met openbare verlichting en bewegwijzering raken en niet de verkeerslichten. Hierdoor zal de VRI niet uitvallen, wat de verkeersveiligheid verbetert en de doorstroming én kosten sterk naar beneden kan brengen.

Een bijzondere vorm van combineren van meerdere systemen op één ondersteuningsconstructie is te vinden in Rotterdam. Op een aantal plaatsen zijn verkeerslichten geïntegreerd in de bewegwijzeringsborden, zoals op Weena - Lijnbaan. Een praktische oplossing wanneer de kruisingen dicht elkaar op liggen en er geen ruimte is om voorwegwijzers te plaatsen zonder dat er zichtproblemen opleveren.