Nationaal Routenummerplan

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Nationaal Routenummerplan (1982) is de basis van het huidige Nederlandse systeem van routenummering op de bewegwijzering. Het definitieve plan kwam tot stand in 1982 en was het resultaat van ongeveer tien jaar voorbereiding door Rijkswaterstaat, de ANWB en de Provinciale Waterstaten.

Inhoud van het plan

Inleiding

In de inleiding van het plan wordt uitgelegd wat de voordelen van routenummering zijn:

  • minder geografische kennis nodig voor de weggebruiker
  • geeft de weggebruiker extra informatie bij een wegennet dat in toenemende mate complex wordt
  • routenummers nemen relatief weinig ruimte in op wegwijzers

Systematiek

Vervolgens wordt in hoofdstuk 2 de systematiek beschreven, met de opdeling in autosnelwegen (met een A-nummer) en niet-autosnelwegen (met een N-nummer). Voorts wordt aandacht besteed aan het voorkomen van s-wegennummering in de steden, maar hiervan wordt duidelijk vermeld dat deze geen onderdeel vormen van de genummerde interlokale wegen uit het Nationaal Routenummerplan. Voorts wordt aandacht besteed aan het feit dat routenummers zowel onderdeel van een autosnelweg als van een niet-autosnelweg kunnen zijn, en dat een weg met een routenummer dus delen in elkaars verlengde kan hebben met een A-prefix en een N-prefix. Aandacht wordt besteed aan buitenlandse nummeringssystemen, zoals die in Groot-Brittannië en Duitsland. In de tijdsgeest waarin het plan geschreven is, wordt vermeld dat het voeren van prefixen als A en N in de routenummervelden van belang is voor een goede communicatie. Tenslotte wordt bij de systematiek het fenomeen E-wegen nog besproken, die als ruiter bovenop de panelen worden geplaatst.

Wegnummerseries

In hoofdstuk 3 wordt het plan verder uitgewerkt naar routenummerseries:

  • 1-100 zijn gereserveerd voor primaire wegen uit het Rijkswegenplan 1982, de rijkswegen die behoorden tot het Rijkswegenplan 1968 die inmiddels al op de bewegwijzering zijn gemeld maar die niet meer tot het Rijkswegenplan 1982 behoren, en voor planvervangende wegen.
  • 201-400 zijn gereserveerd voor niet-autosnelwegen die een functie hebben voor doorgaand verkeer danwel niet-autosnelwegen die in een betreffende regio een functie als verdeel- of verzamelweg hebben. De betreffende wegen moeten wel een gesloten netwerk vormen met overige genummerde wegen.

De nummers zijn in principe toegedeeld aan verschillende regio's:

  • serie 201-250 was gereserveerd voor Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht.
  • serie 251-300 was gereserveerd voor Zeeland, Noord-Brabant en Limburg.
  • serie 301-350 was gereserveerd voor Overijssel, Gelderland en Flevoland.
  • serie 351-399 was gereserveerd voor Groningen, Friesland en Drenthe.

Verdere hoofdstukken

In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het E-nummerplan, dat in mei 1974 is overeengekomen (en dat uiteindelijk pas in 1986 tot uitvoering is gekomen). In de hoofdstukken 5 t/m 8 worden enkele uitvoeringsvoorschriften aangehaald.

Tenslotte is met behulp van een aantal figuren een visueel overzicht gegeven van:

  • de genummerde wegen van het plan op kaartondergrond
  • de nummering van de E-routes
  • schematische voorstellingen van de plaats van het routenummer op verschillende soorten wegwijzers

Vervolg

In samenhang met de Wet Herverdeling Wegenbeheer die vanaf 1 januari 1993 werd ingevoerd, werd in 1992 ook het Provinciaal Routenummerplan vastgesteld.

Referenties

  • Dienst Verkeerskunde Rijkswaterstaat, 1975. Nummering in de bewegwijzering van doorgaande wegen.
  • Dienst Verkeerskunde Rijkswaterstaat, 1982. Nationale routenummering.


Geschiedenis van nationale routenummering in Nederland

Hoofdverkeersroutes 1937E-nummering 1950 en N-nummering 1957Wegnummering op de bewegwijzering 1976Nationaal Routenummerplan 1982Provinciaal Routenummerplan 1992