Pijlen op de bewegwijzering

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Pijlen en contouren.

Een zeer essentieel onderdeel van bewegwijzering is de pijl of pijlen. Elk bord dat een richting of rijstrook aanduidt bevat een pijl. De pijl is essentieel voor het richtinggevende karakter van bewegwijzering. Er zijn verschillende vormen van pijlen:

  • Hartkoppijl
  • Blokpijl
  • Open pijl
  • Chevronpijl

In Nederland zijn alle pijlsoorten gebruikt in de geschiedenis van de bewegwijzering, maar sinds 2014 wordt alleen nog de hartkoppijl gebruikt.

Richtingpijlen versus rijstrookpijlen

In de bewegwijzeringssystematiek wordt onderscheid gemaakt tussen richtingpijlen en rijstrookpijlen. Richtingpijlen zijn pijlen die een rijbaan aanduiden, bijvoorbeeld rechtdoor, linksaf of rechtsaf. Rijstrookpijlen zijn pijlen die een rijstrook op een rijbaan aanduidt. In de regel worden richtingpijlen langs de weg geplaatst en rijstrookpijlen boven een rijstrook.

Lange versus korte pijlen

In de Nederlandse snelwegbewegwijzering (NBA) wordt onderscheid gemaakt in de lengte van pijlen op voorwegwijzers en pijlen op besliswegwijzers. Op voorwegwijzers worden lange pijlen gebruikt, al dan niet met meerdere vertakkingen. De pijlen kunnen recht zijn of gebogen om de afslaande beweging te visualiseren. Op besliswegwijzers worden korte rechte pijlen gebruikt.

Pijlen omhoog versus pijlen omlaag

Moeten pijlen op portaalborden omhoog of omlaag wijzen? Deze vraag zal in veel landen gespeeld hebben. In Nederland speelde de vraag in de vroege jaren '60 ook. Op de eerste portaalborden wezen de pijlen omhoog, maar al snel werd dit omgedraaid, naar Amerikaans voorbeeld. Met de introductie van NBA-bewegwijzering zijn de pijlen weer omhoog gaan wijzen, naar Duits voorbeeld. Beide richtingen worden nog volop toegepast over de wereld.

Volle pijlen versus contourpijlen

In Nederland wordt gewerkt met zogenaamde volle pijlen en contourpijlen. Volle pijlen zijn pijlen die volledig gevuld zijn (uit één kleur bestaan). Deze pijlen geven een richting aan die direct wordt bewegwijzerd op een bord. Contourpijlen zijn pijlen waarvan alleen de omtrek gevuld is en de binnenkant leeg is. In Nederland betekent een contourpijl op een bord dat die richting niet op dit bord, maar op een later bord aangeduid wordt. Een soort vooraankondiging dus.

Hartkoppijl

Globaal overzicht verschillende pijlsoorten.

De hartkoppijl dankt zijn naam aan zijn vorm: de kop van de pijl heeft de vorm van een hart. In Nederland is dit de meestgebruikte pijlvorm. Vanaf de jaren '30 tot en met de dag van vandaag wordt de hartkoppijl gebruikt, met uitzondering van de periode 1958 tot ongeveer 1970. De exacte vorm van de pijlkop is wel wat veranderd, van een puntige vorm naar een wat zachtere vorm.

Naast Nederland komt de hartkoppijl voor in een groot deel van Europa en de Verenigde Staten.

Blokpijl

De blokpijl is de meest eenvoudige pijlvorm die bestaat. Feitelijk is het een driehoek met de punt omhoog of omlaag wijzend. De blokpijl werd in Nederland toegepast tussen 1958 en ongeveer 1970. Tegenwoordig wordt de blokpijl nog toegepast in België.

Open pijl

Zoals de naam al doet vermoeden is de open pijl open van vorm (V). De bekendste vorm hiervan voor bewegwijzering is de zogenaamde ISO-pijl. Dit is een internationaal gestandaardiseerde pijlvorm die vaak terug te vinden is op onder andere vluchtroutebordjes. In de bewegwijzering komt deze vorm op bijvoorbeeld Duitse en Franse verkeersborden als op de lokale bewegwijzering in een aantal Europese landen.

Nederland heeft ook enige jaren open pijlen op de bewegwijzering gehad, namelijk met het ANWB-Redesign op het onderliggend wegennet. Volgens sommige deskundigen was de open pijl geen succes. De herkenbaarheid ten opzichte van de ouderwetse hartkoppijl bleek ondermaats. Ook kwam vanuit de bordenfabrikanten het verzoek de pijlen op de autosnelwegen en onderliggend wegennet weer gelijk te trekken. Daarom is de open pijl met de Richtlijn Bewegwijzering 2014 weer verdwenen, ten gunste van de ouderwetse hartkoppijl.

Chevronpijl

De chevronpijl is eigenlijk een vorm van open pijl. De pijl heeft een V-vorm, maar anders dan de standaard open pijl, heeft de chevronpijl meestal geen eigen stok of staart. In Nederland wordt de chevronpijl niet meer gebruikt, maar kwam deze voor op oude handwegwijzerarmen tussen 1961 en 1997. In onder andere Engeland en Denemarken komen chevronpijlen nog steeds voor, maar ook op handwegwijzers over de hele wereld zie je de chevronpijl terugkomen. Het voordeel is namelijk door de wegwijzer zelf al in een puntvorm uit te voeren er geen extra pijl meer nodig is en het bord van zichzelf al richtinggevend is.

Referenties