Plan Pompidou

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Plan Pompidou was een ambitieus en controversieel plan in de jaren 60 voor een netwerk van autoroutes in het centrum van de Franse hoofdstad Paris. Het plan heet ook wel het Plan autoroutier pour Paris, maar is vooral bekend onder de naam Plan Pompidou, naar de Franse president Georges Pompidou die minister-president was tussen 1962 en 1968 en president van de Franse republiek van 1969 tot 1974.

Plan

De Parijse centrumsnelwegen in oranje.

De stad Paris had tussen 1900 en 1950 een constant inwonertal van circa 2,8 miljoen. Vanaf de jaren 50 nam echter de suburbanisatie toe, wat deels door immigratie, deels door verhuizingen binnen Frankrijk, en deels vanwege een langzame leegloop van de centrale stad Paris kwam. Binnen 10 jaar daalde het inwonertal van de stad Paris met bijna 300.000 inwoners eind jaren 50 en begin jaren 60, terwijl de regio Île-de-France sterk in inwonertal toe nam, van 6,5 miljoen midden jaren 40 tot 8,5 miljoen midden jaren 60. Tegelijkertijd werden vanaf eind jaren 50 de eerste snelwegen in de regio Paris opengesteld, zoals de Boulevard Périphérique, de A86 en diverse radiale snelwegen zoals de A1, A3, A4 en A6.

Al in de jaren 60 werd voorzien dat de Boulevard Périphérique - die destijds nog niet eens voltooid was - niet zou voldoen om de verdere bevolkingsgroei en daarmee gepaard gaande groei van de mobiliteit af te wikkelen. Hiervoor werd tijdens het premierschap van Georges Pompidou in de jaren 60 een plan ontwikkeld om een flink aantal snelwegen door Paris aan te leggen, die de voorsteden ten westen, oosten, noorden en zuiden van de stad moesten verbinden.

De snelwegen moesten, afhankelijk van de belangrijkheid, 2x2 tot 2x4 rijstroken krijgen. Er was een centrumring (Rocade) gepland, waarop de diverse radiale snelwegen van Paris hier op uit moesten komen. Hieronder vielen ook een aantal geplande radiale snelwegen die nooit gebouwd zijn, zoals de A16, die ten oosten van de A1 gepland was, de A17, die tussen de A3 en A4 gepland was, de A5, die tussen de A4 en A6 gepland was, de A10, die ten westen van de A6 gepland was, en de A16, die ten zuiden van de A13 gepland was. Op beide oevers van de Seine waren oost-westsnelwegen gepland, die de huidige A4 met de toen geplande A16 moesten verbinden, ten zuiden van waar nu de A13 aansluit. In totaal waren één centrumring, twee Seinesnelwegen en 7 radiale snelwegen gepland. Sommige verbindingen zouden alleen in één richting te berijden zijn.

De geplande snelwegen zouden forse impact hebben gehad op Paris, daar de stad voornamelijk bestaat uit dichtbebouwde wijken met woonblokken tot circa 10 lagen. Voor de bouw van de snelwegen zou grootschalige sloop nodig zijn geweest. Het plan werd onder de Parijse bevolking al snel impopulair, maar het plan werd pas echt van tafel geveegd toen Georges Pompidou in 1974 overleed, en zijn opvolger, president Valéry Giscard d'Estaing het plan afblies.

Tegenwoordig

De Voie Pompidou langs de oever van de Seine.

Van de geplande snelwegen is vrijwel niks uitgevoerd, maar toch zijn er wel wat sporen van te vinden. Het meest prominente voorbeeld is de Quai de Bercy, een verlengstuk van de A4 op de noordoever van de Seine. Dit is een weg met 2x3 rijstroken en ongelijkvloerse kruisingen die grotendeels verdiept ligt en ongeveer 2,5 kilometer de stad in loopt. Tegenwoordig is dit de enige snelwegachtige weg die binnen de Boulevard Périphérique ligt. De verdere route is langs de oevers van de Seine grotendeels een 2-strooks éénrichtingsweg, evenals op de zuidoever van de Seine, waarmee dit plan toch deels zijn uitvoering heeft gevonden. Deze route maakt het mogelijk om relatief gemakkelijk door het centrum van Paris te rijden.

Vanaf 2000 gingen er stemmen op om de ongelijkvloerse wegen die verdiept langs de oevers van de Seine liggen, af te breken en er stedelijke boulevards van te maken. Aan de andere kant duiken er van tijd tot tijd ideeën op om stedelijke tunnels onder Paris aan te leggen, om de boulevards in de stad te ontlasten.