Plan de Modernización de carreteras

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Plan de Modernización de carreteras of verkort het Plan de Modernización van 1950 was een investeringsplan in Spanje om het wegennet te ontwikkelen.[1][2]

Geschiedenis

Vanaf de Spaanse burgeroorlog (1936-1939) en de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) was er in Spanje lange tijd weinig geïnvesteerd in het wegennet. Dit zorgde ervoor dat Spanje een achterstand in Europa had, het wegennet was nauwelijks ontwikkeld, de doorgaande wegen waren vaak bochtig en verliepen door elk dorp. Veel wegen volgden nog de contouren van het terrein zoals ze in de jaren '20 en '30 eenvoudig geasfalteerd werden. Het plan werd op 18 december 1950 goedgekeurd door de regering.[3]

Het Plan de Modernización had meerdere speerpunten, waaronder het asfalteren van wegen, kleine tracéverleggingen, vooral door bochten recht te trekken en door de bewegwijzering en bebakening uit te breiden. Eén doelstelling was om de wegen naar een breedte van 7,0 meter te verbreden, 3,5 meter per rijstrook.

Het wegenplan, dat van 1951 tot 1955 werd uitgevoerd, omvatte 10.909 kilometer en bestond uit drie prioriteitsklassen en vijf aandachtsgebieden.[4]

Itinerarios principales

  • Madrid - Burgos - San Sebastián - Irún
  • Madrid - Zaragoza - Barcelona - La Jonquera
  • Madrid - Valencia
  • Madrid - Córdoba - Sevilla - Cádiz
  • Madrid - Badajoz
  • Madrid - A Coruña

Dit omvatte de 6 radiale wegen van Madrid. Deze 6 wegen zijn altijd de belangrijkste van Spanje geweest in de wegenplannen van de 20e eeuw.

Itinerarios subradiales

  • Burgos - Santander
  • Pancorbo - Bilbao
  • Medinaceli - Soria - Pamplona
  • Zaragoza - Huesca
  • Barcelona - Puigcerdà
  • Ocaña - Albacete - Alicante
  • Albacete - Murcia - Cartagena
  • Bailén - Motril
  • Córdoba - Antequera - Málaga
  • Sevilla - Huelva - Ayamonte
  • Villacastín - Ávila - Salamanca
  • Ponferrada - Ourense - Vigo
  • Adanero - Valladolid - León - Gijón

De itinerarios subradiales waren hoofdzakelijk afsplitsingen van de radiale wegen van Madrid.

Itinerarios periféricos

  • San Sebastián - Bilbao - Santander
  • Santander - Oviedo - A Coruña
  • A Coruña - Santiago - Tui
  • León - Zamora - Salamanca
  • Cádiz - Málaga - Motril
  • Motril - Alicante - Valencia
  • Valencia - Castellón - Tarragona - Barcelona
  • Tarragona - Lleida - Huesca - Pamplona - San Sebastián

De periféricos waren verbindingen langs de kust van Spanje, zowel langs de noordkust als langs de zuid- en oostkust, evenals een verbinding door het binnenland van het noordoosten naar het noorden (Tarragona - San Sebastián).

Itinerarios complementarios

  • Burgos - Salamanca - Fuentes de Oñoro
  • Sagunto - Teruel - Burgos
  • Zaragoza - Miranda de Ebro
  • Sevilla - Granada
  • Sevilla - Rosal de la Frontera
  • Madrid - Toledo
  • León - Astorga
  • San Rafael - Segovia
  • Palencia - Magaz

De complementarios waren aanvullende verbindingen die van bovenregionaal belang waren. Dit omvatte geen wegen in het noordwesten, zuidoosten of noordoosten van Spanje.

Itinerarios insulares

  • Palma - Puerto de Pollença (Mallorca)
  • Las Palmas - Mogán (Gran Canaria)
  • Santa Cruz - Icod (Tenerife)

De intinerarios insulares waren drie routes op de Spaanse eilanden, namelijk op Mallorca, Gran Canaria en Tenerife. Deze eilanden waren destijds nog onderontwikkeld, toerisme was toen nog niet zo gebruikelijk.

Effecten

Het plan was met zijn ruim 10.000 kilometer in 4 jaar ambitieus en daarmee ook wat onrealistisch om echt grote upgrades te verwachten. Op veel trajecten werden slechts bepaalde punten gereconstrueerd, in plaats van complete routes. Het plan werd achteraf gezien als een teleurstelling, ook na het Plan de Modernización had Spanje nog een inadequaat wegennet. Alhoewel veel wegen geschikt waren gemaakt voor 80 km/h waren er nog nauwelijks rondwegen of ongelijkvloerse kruisingen aangelegd, zodat de reistijden lang bleven. In de jaren '50 en '60 groeide het wagenpark sterk, maar het autobezit was veel lager dan in veel andere Europese landen. In 1946 waren er slechts 72.000 personenauto's in Spanje, wat neerkwam op een autobezit van 2,6 per 1.000 inwoners, in Nederland bedroeg dat destijds al 14 auto's per 1.000 inwoners. In 1966 had Spanje 1 miljoen auto's, een autobezit van 31 per 1.000 inwoners. Nederland had destijds al circa 160 auto's per 1.000 inwoners. Alhoewel het wagenpark dus procentueel snel groeide, had Spanje in die tijd geen massamobilisatie op dezelfde schaal zoals in West-Europa.

Referenties

Wegenplannen in Spanje

Circuito Nacional de Firmes Especiales (1926) • Plan Peña (1940) • Plan de Modernización de carreteras (1950) • 1e Plan General de Carreteras (1961) • Plan REDIA (1967) • Programa de Autopistas Nacionales Españolas (1967) • 2e Plan General de Carreteras (1984) • Plan Director de Infraestructuras (1993) • Programa de Autopistas de Peaje (1997) • Plan de Infraestructuras (2000) • Plan Estratégico de Infraestructuras y Transporte (2005) • Plan de Infraestructuras, Transporte y Vivienda (2012) • Plan Extraordinario de Inversión en Carreteras (2017)