Passo del Predil

Uit Wegenwiki
(Doorverwezen vanaf Predelpas)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Flag of Italy-Slovenia.svg
Passo del Predil

Predel

Predel.jpg
Hoogte 1.156 m
Weg SS54.svg SLO R203.svg
Hellingspercentage 12%
Verboden voor aanhangers? nee
Wintersluiting geen
Opengesteld ?
Kaart kaart

De Passo del Predil (Sloveens: Predel), vertaald de Predilpas, is een bergpas op de grens van Italië en Slovenië. De 1.156 meter hoge bergpas is gelegen in de Julische Alpen.

Kenmerken

De Predilpas, kijkend Italië in.

De pashoogte is oost-west georiënteerd maar de langere pasroute is vooral noord-zuid georiënteerd. De pasroute verbindt de vallei van de Slizza in Italië met de vallei van de Soča in Slovenië. De pasroute begint min of meer in Tarvisio en verloopt naar Bovec. Aan Italiaanse zijde is de pasroute als de SS54 genummerd, aan Sloveense zijde als de R203.

Het Italiaanse plaatsje Tarvisio is een knooppunt van wegen, de SS13 vormt de verbinding naar Udine en Villach in Oostenrijk, terwijl de SS54 vanuit het Sloveense Kranjska Gora komt en in Tarvisio naar het zuiden afslaat, opnieuw richting Slovenië. De Italiaanse A23 vormt de autosnelweg van deze streek. Tarvisio ligt op circa 750 meter hoogte en de SS54 volgt een zijdal zuidwaarts. Door dit dal stroomt de kleine rivier de Slizza. De weg voert de Julische Alpen in, die rondom al snel meer dan 2.000 meter hoog zijn. Zuidelijk van Tarvisio ligt er maar één ander dorp op de route, het op 900 meter hoogte gelegen Cave del Predil. De weg voert langs het Lago del Predil, waarna vier haarspeldbochten de reis naar de pashoogte op de Sloveense grens vormen.

De pashoogte ligt in een vrij dichtbebost gebied. De pashoogte ligt tussen de twee bergketens van de Mangart en Kanin in. De pashoogte ligt op 1.156 meter boven zeeniveau, waarmee het niet een erg hoge pas is. Aan Sloveense zijde gaat de R203 verder, een ruime kilometer na de grens volgt de R902 die naar de Mangart voert. Het eerste Sloveense dorp op de route is het gehucht Strmec na Predelu dat op 950 meter hoogte ligt en een uitzicht biedt op de vallei naar beneden. De R203 daalt dan al behoorlijk af naar 650 meter hoogte en volgt het nauwe dal van de kleine rivier de Koritnica. De route voert door dichtbebost gebied en langs forten uit de Eerste Wereldoorlog. Uiteindelijk bereikt men dan het dorp Bovec, waar ook de weg vanaf de Vršičpas eindigt.

Geschiedenis

Het grenscomplex en het begin van de Sloveense R203.

De pasroute had al in de middeleeuwen betekenis als handelsroute en groeide uit naar een belangrijke verbinding binnen Oostenrijk-Hongarije, als verbinding naar de havenstad Trieste die niet over vijandelijk Venetiaans gebied ging. In de 19e eeuw lag de pasroute op de grens van Karinthië en de Oostenrijkse Littoral (Österreichisches Küstenland). Het was daarmee een interne verbinding in Oostenrijk. In de regio is hevig gevochten tijdens de Eerste Wereldoorlog, het Sočafront lag nabij de pas en er zijn forten aangelegd aan de zuidkant. De Italianen wisten in de veldslagen echter niet de Predilpas zelf te bereiken.[1]

In 1920 werd het gebied geannexeerd door Italië, zowel ten noorden als ten zuiden van de pas, daarmee werd het een interne verbinding in het noordoosten van Italië. In 1938 werd de weg naar de Mangart aangelegd als zijweg van de Predilpas. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is ook gevochten in het gebied. Na de Tweede Wereldoorlog moest Italië grondgebied afstaan aan Joegoslavië, maar het behield de regio Tarvisio, daarmee werd de Predilpas vanaf 1947 een internationale grens tussen Italië en Joegoslavië.[2] In 1991 werd het een grens tussen Slovenië en Italië.

Hedendaags belang

De Predilpas is de voornaamste verbinding tussen de vallei van de Soča en de regio Tarvisio, evenals voor verkeer richting Oostenrijk, alhoewel snelverkeer meestal de omweg via de Italiaanse A23 maakt. De Predilpas wordt in de winter open gehouden, wat van belang is voor de verbinding in het noordwesten van Slovenië omdat de Vršičpas in de winter vaak wel gesloten is. De Predilpas is dan de snelste verbinding tussen de vallei van de Soča en het gebied rond Kranjska Gora, waarbij verkeer een stuk door Italië rijdt. Met name sinds de toetreding van Slovenië tot het Schengengebied in 2007 is dit een probleemloze reis geworden.

Dat deze verbinding oorspronkelijk Italiaans was is nog te zien in het wegnummer SS54, dat bestaat uit twee delen, onderbroken door het traject door Slovenië. De SS54 kent drie grensovergangen met Slovenië, waarbij de Predilpas de middelste is.

Verkeersintensiteiten

Dagelijks maken circa 1.000 voertuigen van de Predilpas gebruik.[3]

Referenties