Programma Aanpak Stikstof

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De stikstofdepositie per sector.
De ontwikkeling van de stikstofdepositie in Nederland.

Het Programma Aanpak Stikstof (PAS) was een programma om het overschot aan stikstof in Natura-2000 gebieden te verminderen. Het PAS leunde op twee pijlers; het blijvend verlagen van de stikstofdepositie en het uitvoeren van herstelmaatregelen. De Raad van State heeft op 29 mei 2019 uitspraak gedaan waaruit blijkt dat het PAS niet gebruikt mag worden als toestemmingsbasis voor activiteiten.[1]

Wettelijk kader

De herkomst van de gemiddelde stikstofdepositie in Nederland.

Het PAS is vastgelegd in de Wet natuurbescherming van 2015.[2] De eerste fase van het Programma Aanpak Stikstof liep van 1 juli 2015 tot en met 1 juli 2021 en verbindt economische ontwikkeling met het terugdringen van stikstof in natuurgebieden. Daarna zijn nog twee zesjarige programma's gepland. In 2030 moet onderzocht worden of het continueren van het programma dan nog noodzakelijk is.

Het programma is vastgesteld door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de Minister van Infrastructuur en Waterstaat in overeenstemming met Gedeputeerde Staten van de provincies en de Minister van Defensie.

Het Programma Aanpak Stikstof is niet direct gerelateerd aan de luchtkwaliteit, waar stikstofdioxide (NO2/NOx) een rol speelt.

Stikstof

De stikstofdepositie in 2017.

Stikstof is een belangrijke voedingsstof voor planten, maar een teveel leidt tot negatieve effecten. De emissies van stikstof (stikstofoxiden en ammoniak) uit voornamelijk de landbouwsector, het verkeer en de industrie worden verdund en verspreid in de lucht en resulteren in een stikstofdepositie op bodem, vegetatie en wateroppervlakten. Het betreft een droge depositie van gassen en aërosolen (deeltjes), die direct vanuit de atmosfeer op de bodem, vegetatie of water terechtkomen, en een natte depositie waarbij stoffen via regen uit de atmosfeer worden gespoeld.

De stikstofdepositie kwam in 2014 voor het overgrote deel vanuit de landbouw en het buitenland. Dit wordt uitgedrukt in mol/ha/jr. De voornaamste bijdragen zijn van de energie, industrie en afvalverwerking, overig verkeer, snelwegen, scheepvaart, landbouw, consument en overig. De gemiddelde depositie vanuit de landbouw bedraagt bijna 700 mol/ha/jr. De gemiddelde depositie van autosnelwegen ligt rond de 70 mol/ha/jr.[3] De gemiddelde neerslag van stikstof uit alle bronnen samen bedraagt circa 1600 mol/ha/jaar.[4]

Het PAS is specifiek gecreëerd om de stikstofdepositie in Natura-2000 gebieden te verminderen. Dit is een specifiek programma, en dus niet gericht op de algemene depositie op de complete Nederlandse oppervlakte. Alleen in Natura-2000 gebieden die gevoelig zijn voor stikstof gelden doelstellingen voor de instandhouding van variërende habitattypen. Daarbij is sprake van een kritische depositiewaarde (KDW), die per habitat verschilt.

Wegenprojecten en veranderingen in het verkeer (snelheid, intensiteiten) dragen in zeer geringe mate bij aan een verhoging van de stikstofdepositie. Bijvoorbeeld de verhoging van de maximumsnelheid op de A50 van 120 naar 130 km/h op de Veluwe (een Natura-2000 gebied) resulteert in een toename van de depositie tussen de 0,1 en 1 mol/ha/jaar,[5] een vrijwel te verwaarlozen effect. Ecologisch is er sprake van een relevante verandering van 70 mol/ha/jaar,[6] waarbij de grens van 'geen relevant effect' op 35 mol/ha/jaar is gezet om een ruime marge aan te houden. Per 1 oktober 2019 is hier de maximumsnelheid echter weer verlaagd van 130 naar 120 omdat het verkeersbesluit gebruik maakte van het PAS.

Tracébesluiten en andere wegenprojecten

Voor een aantal tracébesluiten en andere wegenprojecten is het PAS gebruikt. Dit betrof de tracébesluiten van de A12/A27 (Ring Utrecht), de doorgetrokken A15 en de bouw van de A24 bij Rotterdam. Ook is het PAS gebruikt voor de bouw van de aansluiting Heiloo van de A9 en de aansluiting Veldhoven-West van de A67.

In een niet aan wegen gerelateerde zaak heeft de Raad van State op 17 mei 2017 zogenoemde prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie in Luxemburg.[7] De Afdeling bestuursrechtspraak wilde van het Hof van Justitie weten of het PAS in overeenstemming was met de Europese Habitatrichtlijn en dus juridisch houdbaar zou zijn. Op 7 november 2018 heeft het Hof antwoord gegegeven op deze vragen, waarbij het PAS werd geaccepteerd als systeem bij het toestaan van projecten.[8]

Rijkswaterstaat heeft voor de tracébesluiten van de A15 en A24 niet willen wachten op de verdere behandeling van het PAS door de Raad van State en heeft voor deze projecten een wijzigingsbesluit vastgesteld waarbij geen gebruik gemaakt wordt van het PAS om het tracébesluit vast te stellen.

Op 29 mei 2019 heeft de Raad van State uitspraak gedaan in een aantal zaken voor vergunningen aan veehouderijen. Hierin stelde zij vast dat het PAS niet gebruikt mag worden als toestemmingsbasis voor activiteiten. Op basis van het PAS wordt vooruitlopend op toekomstige positieve gevolgen van maatregelen voor beschermde natuurgebieden, alvast toestemming gegeven voor activiteiten die mogelijk schadelijk zijn voor die gebieden. Zo’n toestemming ‘vooraf’ mag niet (meer). Een basis van de uitspraak is het feit dat bij diverse habitattypen de kritische depositiewaarde (KDW) nu al wordt overschreden en elke toename groter dan 0 zou bijdragen aan een verdere verslechtering. Het gevolg was dat duizenden projecten en activiteiten vertraging opliepen door de onzekerheid omtrekt stikstof, ook van projecten en activiteiten die nagenoeg geen extra stikstof uitstoten, of dat alleen tijdelijk doen in de aanlegfase.

Op 17 juli 2019 heeft de Raad van State de eerste uitspraak gedaan over een wegenproject dat van het PAS gebruik maakte, de A12/A27 bij Utrecht.[9] Zoals op basis van de uitspraak van 29 mei verwacht mocht worden is het tracébesluit vernietigd, alhoewel de bezwaren tegen het tracébesluit feitelijk niet inhoudelijk werden behandeld in de uitspraak, het feit dat het tracébesluit van het PAS gebruik maakte was voldoende reden om het tracébesluit te vernietigen en dat andere bezwaren derhalve geen bespreking meer behoeften.

Alternatieve beoordeling

Een project kan vastgesteld worden met een alternatieve methode dan het PAS. Als eerste moet een passende individuele beoordeling worden gemaakt. Indien er sprake is van negatieve effecten kan de ADC-toets doorlopen worden. Een toestemming op basis van de ADC-toets kan alleen worden verleend indien wordt voldaan aan de volgende drie voorwaarden: er zijn geen alternatieve oplossingen (A), het project is nodig om dwingende redenen van groot openbaar belang (met inbegrip van redenen van sociale of economische aard) (D), en de nodige compenserende maatregelen worden getroffen om te waarborgen dat de algehele samenhang van Natura-2000 bewaard blijft (C).

Al voordat het PAS vernietigd werd is voor de bouw van de A24 bij Rotterdam met succes de ADC-toets doorlopen.[10] Op 24 juli 2019 volgde de eerste uitspraak over de ADC-toets nadat het PAS vernietigd was, voor de bouw van de aansluiting Veldhoven-West van de A67, waarbij de ADC-toets stand hield bij de Raad van State.[11]

Externe links

Referenties