Romeinse weg

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Romeinse weg duidt in brede zin op iedere straat of weg die is aangelegd in de Romeinse tijd. Meestal wordt in iets engere zin gedoeld op het netwerk van interregionale wegen dat de Romeinen neerlegden. Dit strekte zich ook tot in de Lage Landen uit.

Context

Het Romeinse Rijk was de eerste superstaat van Europa. Men had daarbij door dat het rijk alleen gecontroleerd zou kunnen worden met goede verbindingen over land. Deze kennis had men meegenomen vanuit Italië, waar de Apennijnen verbindingen over water tussen beide kanten van de Laars onmogelijk maakten, en die namen ze mee naar veroverde gebieden elders.

De Romeinse wegen dienden vooral om legerplaatsen met elkaar te verbinden, en deze uiteindelijk met Rome. Het principe “Alle wegen leiden naar Rome” gold.

Hoewel de wegen een militair doel hadden, en ook de belastingheffing bevorderden, mochten de wegen door eenieder worden gebruikt. Zeker rond legerplaatsen die waren uitgegroeid tot een stad, zal dat het geval zijn geweest. Echter het nut voor de lokale bevolking van verbindingen met een horizon op de wat grotere afstand zal vaak beperkt zijn geweest.

Hoe zag een Romeinse weg eruit

Het gangbare beeld van een Romeinse weg is kaarsrecht en verhard met klinkers. Bij beide past een nuancering.

Verhard waren zeker niet alle doorgaande wegen. Romeinse wegen met wat minder belang bleven onverhard. Meestal was het de prefect van een regio die bepaalde hoe in wegen werd geïnvesteerd. Keuzes lijken sterk te zijn ingegeven door de situatie van het moment.

Onverharde wegen hadden echter wel standaard een aarden baan en drainage, wat de wegen onderscheidt van de eerder organisch gegroeide wegen uit de geschiedenis.

Kaarsrecht waren de Romeinse wegen waar het kon. Aangezien het doel van de wegen vooral was om twee punten op redelijke afstand met elkaar te verbinden, en minder om alle lokale nederzettingen te bedienen, lag kaarsrecht op zich voor de hand. Omdat het land nog vrij leeg was, lagen er ook niet echt boerderijen in de weg waar omheen moest worden gerouteerd. Maar de mogelijkheid om dat te doen was altijd beperkt door het landschap.

Dat gold in berggebied evenzeer als in de vlakte van het Nederlandse Rivierenland. Zo volgde de weg die de Oude Rijn volgde ook sterk de meanders van de rivier, waar de bodem stabieler was dan bij een rechte lijn. De Romeinen kozen hier trouwens voor een weg op enige afstand van de rivier, waarmee dus geen mogelijkheid bestond om de weg ook te gebruiken als jaagpad. Hier was de bodem nog steeds stabiel, maar konden meanders wat worden afgesneden om zo tot een rechter tracé te komen. [1]

Bekende Romeinse routes in Nederland

De ontwikkeling van Romeinse wegen in Nederland hing sterk samen met de expansie van het Romeinse Rijk naar het noorden toe. De wegen volgden in sterkte mate de limes, de grens tussen het Romeinse Rijk en het land van niet-onderworpen stammen.

De voornaamste Romeinse weg binnen Nederland is dan ook de weg die de (Oude) Rijn volgt. Er is archeologisch bewijs voor een weg tussen de kust bij Katwijk en het huidige Vechten, waarvan men aanneemt (onder meer op basis van historische kaarten) dat deze doorloopt langs de Rijn tot Pannerden. Deze weg wordt vaak aangeduid als de Limesweg. De route leidde naar Köln, verreweg de belangrijkste stad van de Benelux en omstreken.

Vondsten in de buurt van Den Haag, rond oude nederzettingen bij het huidige Voorburg, duiden op een Romeinse weg van deze nederzetting Forum Hadriani over oude strandwallen naar de Limesweg bij Leiden.

Tussen Nijmegen en Maastricht, de twee voornaamste steden in Romeins Nederland, liep een weg over de linkeroever van de Maas. Bij Maastricht trof men vervolgens de weg die tegenwoordig bekend staat als de Via Belgica (een Latijnse naam die naar alle waarschijnlijkheid niet de door de Romeinen zelf gebruikte naam was), van Boulogne-sur-Mer naar Köln. Deze passeerde Zuid-Limburg.

Aan de Nijmeegse kant lag dan weer een verbinding naar het oosten, richting Xanten. Deze volgde de Waal en uiteindelijk de linkeroever van de Rijn.

Romeinse wegen na de Romeinse tijd

Vanaf de derde eeuw van onze jaartelling verloren de Romeinen langzaam hun grip op de noordgrens in het Nederlandse Rivierenland. Opgravingen naar het Romeinse wegennet duiden er hoe dan ook op dat vanaf toen ook geen significant onderhoud werd uitgevoerd op de wegen.[2]

Na het ineenstorten van het (West-)Romeinse Rijk vervielen ook de wegen door gebrek aan onderhoud. Dat wil niet automatisch zeggen dat ze ook verdwenen. Op veel plaatsen bleven ze de wegen bij uitstek waarover mensen zich verplaatsten tussen plaatsen die aan zo’n weg lagen. In bijvoorbeeld Noord-Frankrijk kan men nog de nodige kaarsrechte lijnen in het landschap vinden die Romeinse weg waren. De plaats Bavay was een centrale legerplaats in Romeinse tijd, daardoor een knooppunt van Romeinse wegen, die men nog steeds duidelijk in het landschap kan herkennen. Daarbij was het overigens soms wel zo dat de oorspronkelijke weg verviel en het verkeer zich op min of meer natuurlijke wijze verplaatste naar een onverhard spoor naast de oude weg.[3]

Op andere plaatsen raakten de Romeinse wegen vergraven in het landschap, zodat het terugvinden ervan een archeologische onderneming is. Dat vergraven kan een gevolg zijn van ander gebruik van het landschap, maar ook van eerder natuurlijke processen.[4] In Nederland is dat vaak aan de orde geweest. Zo konden delen van de route Nijmegen-Maastricht worden gevonden doordat boeren wezen op een langgerekte strook waar de gewassen minder goed groeiden. Daar lag dus een weg onder.

Linksom of rechtsom zijn de corridors die werden bediend door het Romeinse net meestal belangrijke corridors in het Europese wegennet gebleven. Maastricht-Nijmegen is behalve de moderne A73 ook een belangrijke Route Impériale geweest. De oost-westroute langs de Rijn naar Köln was de Via Regia in de middeleeuwen en is als A12 en Duitse A3 een van onze belangrijkste achterlandverbindingen. De weg van Nijmegen naar Xanten werd Rijksweg 53 en is nu B9, een voorloper van de Linksrheinische Autobahn.

Buiten Nederland is dat net zo. De radiale rijkswegen vanuit Rome zijn vernoemd naar oude Romeinse wegen in dezelfde hoofdrichtingen. En er bestaan duidelijke parallellen tussen het Romeinse wegennet van Frankrijk en de moderne autosnelwegen. De stad Langres is nu, evenals toen, het punt waar de weg vanuit het Rhônedal zich splitst in een tak richting Noordwest-Frankrijk en Groot-Brittannië enerzijds en Luxemburg anderzijds.

Verdere literatuur

Referenties

  1. P. van der Heijden 2011, pagina 26-27.
  2. P. van der Heijden 2011, pagina 33.
  3. Dengg 2020.
  4. Dengg 2020.