Spanje

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Flag of Spain.png
España
Spanje.png
Hoofdstad Madrid
Oppervlakte 504.030 km²
Inwonertal 47.130.000
Lengte wegennet 346.858 km
Lengte snelwegennet 15.400 km[1][2]
Eerste snelweg 1952
Benaming snelweg Autopista

Autovía

Verkeer rijdt rechts
Nummerplaatcode E

Spanje (España) is een land in Zuidwest-Europa en telt 47 miljoen inwoners. De hoofdstad is Madrid. Het land heeft een oppervlakte van 504.030 km² en is daarmee ruim 12 keer zo groot als Nederland.

Inleiding

Geografie

De A-92 door de Desierto de Tabernas.
De AP-66 door het Cordillera Cantabrico.
De N-123 door de Desfiladero de Olvena in de provincie Huesca.

Spanje beslaat het grootste deel van het Iberisch schiereiland, samen met Portugal. Het land is aan bijna alle kanten met zee omgeven, de Middellandse Zee naar het oosten en de Atlantische Oceaan naar het westen. Het deel van de Atlantische Oceaan ten noorden van Spanje wordt ter plaatse de Mar Cantábrico genoemd, in Nederland bekend als de Golf van Biskaje. Spanje heeft landgrenzen met Portugal naar het westen en Frankrijk en Andorra naar het noorden. Daarnaast zijn er twee Spaanse exclaves Ceuta en Melilla die een grens met Marokko hebben. Tevens grenst Spanje aan Gibraltar.

Het Spaanse vasteland meet maximaal 1.000 kilometer van west naar oost en 850 kilometer van noord naar zuid. Spanje heeft twee belangrijke eilandengroepen, de Islas Baleares (Balearen) in de Middellandse Zee en de Islas Canarias (Canarische Eilanden) in de Atlantische Oceaan, 1.100 kilometer ten zuidwesten van Spanje en gelegen voor de kust van zuidelijk Marokko.

Spanje is één van de bergachtigste landen van Europa, met diverse grote bergketens, maar ook hoogvlaktes, de Meseta genaamd. In het noorden zijn de Pyreneeën (Pirineos) en het Cordillera Cantábrica gelegen. Het Sistema Ibérico is het gebergte ten zuidwesten van de rivier de Ebro. Het Sistema Central ligt daar ten westen van en strekt zich uit tot in Portugal. In het zuiden van Spanje domineert de Sierra Nevada. Ondanks deze hoge bergketens, met toppen tot meer dan 3.000 meter. Het hoogste punt van Spanje is de Teide, een vulkaan op het eiland Tenerife die 3.718 meter hoog is. De hoogste berg op het Spaanse vasteland is de 3.479 meter hoge Mulhacén in de zuidelijke Sierra Nevada. De hoogste berg in de Pyreneeën is de 3.404 meter hoge Aneto. Alhoewel de Spaanse bergketens hoog zijn, is de permanente sneeuwbedekking zeer beperkt en zijn er geen grote gletsjers. In de Pyreneeën zijn enkele kleine gletsjers op de Aneto en Monte Perdido.

Spanje heeft een aantal grote rivieren. De Ebro is de langste rivier die geheel in Spanje ligt en mondt uit in de Middellandse Zee. De belangrijkste rivieren monden uit in de Atlantische Oceaan, deels via Portugal. Dit zijn de Duero, Tajo, Guadiana en Guadalquivir. Naar het noorden stromen geen lange rivieren omdat het gebergte hier vrij dicht op de kust ligt.

Het Spaanse landschap is zeer divers, variërend van subtropische savanne en bossen in het zuidwesten naar woestijnen in het zuidoosten en de kale vlaktes van de Meseta. Het noordwesten is veel groener en heeft fjorden, lokaal ría genaamd in Galicia. De noordkust van Spanje heeft een gematigd klimaat met relatief veel neerslag. Het binnenland is droger, maar op veel plaatsen is landbouw mogelijk. De droogste gebieden zijn het zuidoosten van Spanje en het stroomdal van de Ebro in de regio Aragón. De lange stranden van Spanje trekken veel toeristen.

Economie

Spanje heeft een ontwikkelde economie en is één van de meer welvarende landen in de regio. De welvaart varieert per regio, over het algemeen is het noordoosten (Catalunya) zeer welvarend, maar zijn andere delen enigszins achtergebleven, met name de kleine dorpen op de Meseta, Extremadura en de voormalige industriële centra van Asturias en Cantabria.

De Spaanse economie is gebaseerd op toerisme, export en diensten. Het land had voor de economische crisis vanaf 2008 een enorme bouwsector die veel arbeidsmigranten uit Zuidoost-Europa en Latijns-Amerika trok. Het was één van de snelstgroeiende economieën van Europa vanaf de jaren '90, mede vanwege een forse bevolkingsgroei. Spanje was langere tijd een netto ontvanger van EU-financiering, maar is een netto betaler geworden vanwege de gegroeide welvaart.

Spanje heeft relatief weinig natuurlijke grondstoffen, behalve wat erts in het noorden. Er zijn geen significante olie- en gasvoorraden. Het land heeft een grote auto-industrie, met name van het bekende merk SEAT. Veel grote autofabrikanten hebben fabrieken in Spanje. De auto-industrie is de grootste exportsector van Spanje, alhoewel de export zeer gevarieerd is. Spanje is ook sterk in de land- en tuinbouw. De energievoorziening in Spanje bestaat voor een groot deel uit duurzame energie, met name waterkracht, windenergie en zonne-energie. Spanje is één van de meest bezochte landen ter wereld door toeristen.

Demografie

Naam Inwonertal
Madrid 3.142.000
Barcelona 1.605.000
Valencia 786.000
Sevilla 694.000
Zaragoza 665.000
Málaga 569.000
Murcia 440.000
Palma de Mallorca 401.000
Las Palmas de Gran Canaria 380.000
Bilbao 345.000
Alicante 329.000
Córdoba 327.000
Valladolid 303.000

Spanje is één van de snelstgroeiende landen in Europa. Tussen 2000 en 2007 nam het inwonertal met 4,5 miljoen toe. Tussen 2007 en 2013 groeide het inwonertal met nog eens 2 miljoen. Vanwege de forse bevolkingsgroei was er sprake van een zeer groot volume aan bouwprojecten, zowel van woningen als infrastructuur. Spanje werd echter hard getroffen door de economische crisis vanaf 2009, mede omdat het een bijzonder grote bouwsector had. In veel delen van Spanje zijn nooit afgebouwde woonwijken en bedrijventerreinen te vinden.

Geschiedenis

Spanje werd vanaf het begin van de jaartelling gedomineerd door het Romeinse Rijk. In de 8e eeuw werd het Iberisch schiereiland veroverd door moslims uit Noord-Afrika, de Moren genaamd. In de vroege middeleeuwen werd de macht van christelijke koninkrijken in Spanje groter en werden de Moren weer verdreven. In de 15e eeuw kwam het Spaanse Rijk tot ontwikkeling, wat in de 17e en 18e eeuw het machtigste rijk ter wereld was. In deze tijd werd een groot deel van Latijns-Amerika veroverd door de 'conquistadores'. Spanje speelde echter een minimale rol in de kolonisatie van Afrika, niet veel meer dan de Westelijke Sahara, delen van Marokko en Equatoriaal Guinea.

In 1936 brak de Spaanse burgeroorlog uit. Dit was een soort proxy-oorlog, waarbij de nationalistische Franco met hulp van Nazi-Duitsland en Italië vocht tegen de Republikeinen, die gesteund werden door de Sovjet-Unie. De oorlog kostte 500.000 Spanjaarden het leven en tegen het einde won Franco om in 1939 een dictatuur te installeren. Spanje bleef neutraal tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar het land bleef na de oorlog geïsoleerd vanwege de dictatuur van Franco. In de jaren 1960 groeide de economie van Spanje zeer snel, wat leidde tot een massamigratie van het platteland naar de steden en de creatie van een zeer grote toeristenindustrie. In 1975 overleed Franco, waarna de Spaanse koning de macht overnam en de democratie weer instelde. In 1982 werd Spanje een lid van de NAVO en in 1986 kwam het bij de Europese Unie. Spanje ging in de jaren '90 en begin 2000 door een periode van sterke economische groei, die tot een economische bubbel leidde. Spanje had weliswaar een vrij lage staatsschuld, maar kreeg te maken met extreme werkloosheid en grote begrotingstekorten.

Wegennet

Het netwerk van autovías en autopistas in Spanje.

Spanje heeft het grootste snelwegennet van Europa, wat voornamelijk vanaf de jaren '90 is aangelegd. De eerste autopista dateert van 1969 en de eerste autovía van 1956. Sinds begin jaren '90 maakte Spanje een gigantische groei door qua snelwegaanleg. In 2009 waren bijna alle hoofdwegen (Carretera Nacional) vervangen door een autosnelweg en zijn alle grotere plaatsen door middel van minstens één, maar vaak meerdere snelwegen verbonden. Het snelwegennet van Spanje is na die van de Verenigde Staten en China het langste van de wereld, en heeft in 2005 zowel dat van Frankrijk als Duitsland ingehaald. Per 1 januari 2016 bestond het snelwegennet uit 15.336 kilometer. De aanleg ervan zwakte na 2009 sterk af, maar herleefde weer vanaf 2014.

Budget

De aanlegkosten van autovías liggen in Spanje bijzonder laag, in de regel onder € 10 miljoen per kilometer, tenzij een traject veel tunnels heeft. Veel snelwegen op de Meseta worden voor aanlegkosten tussen € 3 en 6 miljoen per kilometer aangelegd, wat lager is dan waar ook in Europa. Derhalve kan met een relatief klein wegenbudget toch veel aangelegd worden. Het Spaanse wegenbudget is kleiner dan het wegenbudget voor rijkswegen in Nederland, ondanks dat Spanje 47 miljoen inwoners telt. Al sinds 2003 geeft Spanje meer geld uit aan spoorwegen dan aan wegen, in recente jaren geeft Spanje 2 keer zoveel geld uit aan spoorwegen dan aan wegen. In 2016 ligt het budget voor de wegen van het RCE op € 2,4 miljard.[3] In 2014 lag dit op € 2,15 miljard.[4]

Congestie

Spaanse steden hebben de minste files en vertragingen in Europa. In 2013 bekleedden de grootste Spaanse steden de laagste posities in de Travel Time Index van Europese steden. De hoogst genoteerde stad, Barcelona, stond op plaats 44 van de meest filegevoelige steden van Europa. Zaragoza is de minst filegevoelige grote stad van Europa.[5] Tijdens de vakantieuittocht is er beduidend minder congestie in Spanje dan in Frankrijk, Duitsland of Italië. Het fenomeen Zwarte Zaterdag kent men in Spanje nauwelijks, er is wel 'Operación Salida' waarbij veel verkeer de grote steden verlaat, maar dit zorgt voor betrekkelijk weinig verkeersproblemen vanwege het zeer uitgebreide snelwegennet.

Wegbeheer

De A-14 bij Lleida, onderdeel van het Red de Carreteras del Estado.
De A-66, onderdeel van het RCE.
De AP-15 bij Pamplona, onderdeel van het Red de Carreteras de Navarra.

De gangbare wegbeheerders in Spanje zijn de nationale overheid, via het ministerie van Fomento, de autonome regio's, de provincies en de gemeenten. De comarcas zijn in de meeste regio's alleen administratief zonder een bestuur. De voormalige carreteras comarcales waren in het beheer van de nationale overheid en zijn tussen 1980 en 1984 overgedragen aan de autonome regio's.

De nationale wegen in het beheer van Fomento, behorend tot het Red de Carreteras del Estado (RCE) omvatten de belangrijke autovías en autopistas met de prefix 'A' of 'AP', evenals de carreteras nacionales met de prefix 'N'. Deze vormen het hoofdwegennet voor doorgaand verkeer in Spanje. Er zijn echter de nodige uitzonderingen op. Zo wordt de prefix 'A' ook in enkele autonome regio's en provincies gebruikt. Deze zijn niet in het beheer van Fomento. Daarnaast behoren veel korte autosnelwegen rond grote steden ook tot het RCE.

Vanwege de complexe staatsstructuur in Spanje zijn er uitzonderingen. Zo is in Navarra en País Vasco (Baskenland) alleen de AP-68 in het beheer van de nationale overheid. Alle andere autosnelwegen en wegen zijn in regionaal beheer. Hier is het weer zo dat in Navarra alle wegen behalve de AP-68 een carretera autonómica zijn, maar dat de autonome regio Baskenland weer geen enkele weg beheert, hier zijn alle wegen, inclusief de autosnelwegen, in het beheer van de provincies.

Op de Islas Canarias (Canarische Eilanden) en de Islas Baleares (Balearen) zijn alle wegen in decentraal regionaal beheer, waarbij het feitelijk beheer is overgedragen aan de Consejo Insular (Baleares) of Cabildo Insular (Canarias), elk eiland is dus verantwoordelijk voor zijn wegen en dus niet de autonome regering. Hier is geen enkele weg in nationaal beheer. Wel kunnen wegen voor subsidies van de nationale overheid in aanmerking komen.

De autonome regio's beheren doorgaans de hoofdwegen die geen onderdeel van het RCE zijn. Dit zijn regelmatig ook autovías en autopistas, met name in Andalucía, Catalunya, Galicia, Madrid, Navarra en Valenciana. In andere autonome regio's zijn slechts enkele autovías en autopistas in regionaal beheer. Kenmerkend is dat autonome regio's relatief vaak tolwegen met schaduwtol hebben.

De provincies beheren de provinciale wegen, dit zijn doorgaans de resterende verharde wegen buiten de bebouwde kom. Ze heten doorgaans de Diputación de <provincie>. Alleen in Baskenland beheren de provincies ook de autosnelwegen. Asturias, Cantabria, de Islas Baleares, La Rioja, Madrid, Murcia en Navarra zijn niet verder onderverdeeld in provincies en hebben dus ook geen provinciale wegen.

De gemeenten beheren de lokale wegen binnen de bebouwde kom. In Madrid beheert de gemeente ook de autosnelweg M-30. Alleen in Asturias is voor de gemeenten een aparte wegnummering geïntroduceerd. Elke gemeente heeft daar zijn eigen prefix. Daarnaast komen er wel prefixes voor van steden, zoals AC-xx in A Coruña, de S-xx rond Santander of SE-xx rond Sevilla. In het geval dit autovías of autopistas zijn betekent dit dat deze doorgaans in het beheer van Fomento zijn en dus tot het Red de Carreteras del Estado behoren. Uitzonderingen zijn dan weer de PA-xx routes rond Pamplona, die in het beheer van de autonome regio Navarra zijn.

Het wegnummer is dus niet indicatief voor het wegbeheer. Dit maakt het Spaanse systeem tot één van de meest complexe ter wereld vanwege de vele uitzonderingen.

Autosnelwegen

De CM-42, onderdeel van het Red de Carreteras de Castilla-La Mancha.

Het snelwegennet van Spanje bestaat uit autopistas en autovías. Voorheen was er tussen beide snelwegen een duidelijk klasseverschil. Sinds eind jaren '90 is dat verschil grotendeels verdwenen, de maximumsnelheid is gelijk en beide types zijn altijd ongelijkvloers met minstens 2x2 rijstroken en vluchtstroken. Wel komen her en der nog wat stukken substandaard autovías voor, maar dit neemt snel af. De autopistas zijn meestal (maar niet altijd) tolwegen, de autovías zijn tolvrij. Het grootste verschil zit het hem naast de tol ook in de hoeveelheid verzorgingsplaatsen en afslagen. In een aantal gevallen worden ook tolvrije autovías direct naast getolde autopistas aangelegd.

Spaanse autosnelwegen zijn in 3 categorieën onderverdeeld:

Autovías & autopistas

In 2016 was de verdeling van de autovías en autopistas als volgt;[6]

type staat autonome regio provincies / overige
autopista (tol) 2.539 km 329 km 171 km
autovía 8.841 km 2.882 km 573 km

Lengte per autonome regio

regio lengte (km)
Andalucía 2585
Aragón 769
Asturias 454
Cantabria 255
Castilla-La Mancha 1812
Castilla y León 2350
Catalunya 1448
Extremadura 700
Galicia 1079
Islas Baleares 94
Islas Canarias 246
La Rioja 181
Madrid 783
Murcia 572
Navarra 380
País Vasco 617
Valenciana 1141
Nationale snelwegen in Spanje

A-1AP-1A-2AP-2A-3A-4AP-4A-5A-6AP-6A-7AP-7A-8AP-8AP-9A-10A-11A-12A-13A-14A-15AP-15A-21A-22A-23A-24A-26A-27A-28A-30A-31A-32A-33A-35AP-36AP-37A-38A-40A-41AP-41A-42A-43A-44A-45AP-46A-47A-48A-49A-50A-51AP-51A-52AP-53A-54A-55A-56A-57A-58A-59A-60AP-61A-62A-63A-64A-65A-66AP-66A-67A-68AP-68AP-69A-70AP-71A-72A-73A-74A-75A-76A-77A-80A-81A-83A-91


Geschiedenis

De plannen voor een snelwegennet in Spanje dateren uit de jaren '20 en behoren tot de oudste van Europa. In 1928 werd de term autopista ingevoerd voor ongelijkvloerse wegen met gescheiden rijbanen. Er werden drie snelwegprojecten voorgesteld: de snelweg van Madrid naar Valencia, de snelweg van Madrid naar Irún aan de Franse grens en een snelweg tussen Oviedo en Gijón in de mijnbouwregio Asturias. In 1929 nam het aantal geplande autopistas toe naar 17 routes. Dit werd gepland door de toenmalige Spaanse dictator Miguel Primo de Rivera. Primo de Rivera legde zijn functie echter in 1930 neer waardoor de geplande autopistas op de lange baan werden geschoven. Alhoewel Spanje niet direct in de Tweede Wereldoorlog betrokken was had de oorlog wel economische impact en de bouw van autopistas werd keer op keer uitgesteld.

In de jaren '50 nam het belang van de luchthaven Barajas van Madrid toe mede omdat Spanje een belangrijke hub werd voor intercontinentaal vliegverkeer naar Latijns-Amerika en de toenemende immigratie uit die landen. Daardoor werd in 1956 de eerste autopista opengesteld, de tegenwoordige A-2 ten oosten van Madrid. Tevens werden in die tijd Amerikaanse legerbases in Spanje ingericht en één ervan was in Torrejón de Ardoz, net ten oosten van Madrid. De A-2 werd hiervoor verlengd.

Vanaf eind jaren '60 werden in Spanje diverse tolwegen aangelegd, die allemaal de naam autopista hadden. Dit werd tot in de jaren '70 voortgezet. De belangrijkste assen waren de AP-2 van Zaragoza naar Barcelona, de AP-7 in Catalunya, de AP-8 in Baskenland en de AP-68 van Bilbao naar Zaragoza. Elders kwam het slechts tot een sporadisch snelwegennet.

De groei van de Spaanse economie werd ernstig belemmerd door het gebrek aan goede transportroutes, met name omdat Madrid landinwaarts ligt en slecht bereikbaar was vanuit de diverse havensteden van Spanje. Daarom werd door de socialistische regering in de jaren '80 besloten tot de bouw van de zogenaamde Radiales de Madrid, de A-1 t/m A-6. Er was echter geen geld en de snelwegen werden op de goedkoopst mogelijke manier aangelegd, veelal door simpelweg een tweede rijbaan naast de bestaande carretera nacional te leggen. Omdat dit resulteerde in substandaard snelwegen vond men dat deze geen autopista kon worden genoemd. Daardoor kregen deze de betiteling autovía. Kenmerkend aan de radiales was de hoge afritdichtheid en het gebrek aan verzorgingsplaatsen. Het serviceniveau langs de oudere autopistas waar tol geheven werd was beduidend beter.

Vanaf de jaren '90 groeide de Spaanse economie in recordtempo en in een zelfde tempo werd een gigantisch snelwegennet uit de grond gestampt. De ontwerpeisen van autovías werden destijds ook op hetzelfde niveau gebracht als de oudere autopistas, waardoor recentere autovía's niet meer verschillen van autopistas. Tot pakweg 2007 werden in Spanje duizenden kilometers snelwegen aangelegd die alle steden, streken en regio's met elkaar verbonden. Vanaf omstreeks 2005 had Spanje het grootste snelwegennet van Europa, en op twee na grootste van de wereld, na de Verenigde Staten en China. De groei van het snelwegennet zwakte vanaf 2007 sterk af, mede door de financiële crisis die Spanje in het bijzonder hard trof. Een belangrijke oorzaak dat snelwegen zo makkelijk aangelegd konden worden waren de zeer lage bouwkosten van veelal € 3 - 6 miljoen per kilometer, de grote steun vanuit de bevolking en de lage bevolkingsdichtheid in grote delen van Spanje. Alle grote metropolitane gebieden van Spanje beschikken tegenwoordig over een indrukwekkend netwerk van autosnelwegen, die vaak ook bijzonder goed zijn ingepast met tunnels, overkappingen en verdiepte liggingen. Met name het Calle 30 project, de M-30 in Madrid was een indrukwekkend hoogstandje. Alhoewel de bouw van nieuwe snelwegen in recentere jaren wat is afgezwakt wordt wel doorgegaan met de wegenbouw. Met name de radiales de Madrid uit de jaren '80 worden in hoog tempo vernieuwd en verbreed.

Tol

Zie ook Tolwegen in Spanje.

In Spanje moet op de autopistas tol worden betaald. Het gaat hier om de AP-routes en een select aantal regionale snelwegen, met name rond Madrid, Barcelona en in Galicia. De toltarieven voor autopistas liggen hoog en daarom worden tolwegen door het vrachtverkeer massaal gemeden. Er is sprake van zeer veel tolontwijkend verkeer op de parallelle carreteras nacionales. Op de N-II tussen Zaragoza en Lleida bestaat tot 90% van het verkeer uit vrachtwagens.

De meeste tolwegen liggen in het noordoosten van het land, bekend onder toeristen is de AP-7 als tolweg vanaf de Franse grens via Barcelona en Valencia naar Alicante. In Baskenland is de AP-8 een belangrijke tolweg tussen Bilbao en San Sebastian. Andere langere tolwegen zijn de AP-1 tussen Armiñón en Burgos, de AP-2 tussen Zaragoza en Barcelona, de AP-4 tussen Sevilla en Cadiz, de AP-6 ten noordwesten van Madrid, de AP-9 in Galicia, de AP-15 naar Pamplona en de AP-68 van Bilbao naar Zaragoza.

Daarnaast zijn er regionale tolwegen, met name rond Madrid, Barcelona en her en der enkele trajecten. Enkele tolwegen zijn alleen met schaduwtol. Alhoewel de perceptie van veel toeristen is dat Spanje veel tolwegen heeft, valt het in werkelijkheid mee, ongeveer 80% van het Spaanse snelwegennet is tolvrij. Dit komt omdat veel toeristen naar Catalunya reizen, waar een hoog aandeel tolwegen is gelegen.

Een aantal tolwegen raakte door de economische crisis vanaf 2008 in de problemen, omdat het verkeer sterk tegenviel. Dit kwam niet alleen door verminderd verkeersaanbod, maar vooral ook omdat deze tolwegen meestal gebouwd waren met het oog op grootschalige nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, die door de crisis niet uitgevoerd zijn. Op sommige tolwegen rijden minder dan 2.000 voertuigen per dag. Ook de strategie om parallel aan tolwegen tolvrije autovías te bouwen heeft de tolwegen niet geholpen.

Hoofdwegennet

Het hoofdwegennet bestaat uit carretera nacionales, met wegnummers N-I t/m N-VI en N-xxx. De N-I t/m N-VI zijn vrijwel volledig omgebouwd tot snelweg, en de nummers zijn dan ook meestal verdwenen. Voor veel driecijferige N-wegen geldt dat ook in toenemende mate, alhoewel er nog sprake is van een groot aantal langere carreterars nacionales die niet parallel aan snelwegen lopen.

Carreteras nacionales in Spanje

N-IN-IIN-IIIN-IVN-VN-VI

N-102N-104N-110N-111N-113N-120N-121N-122N-123N-124N-125N-126N-135N-141N-145N-150N-152N-154N-156N-204N-211N-220N-221N-225N-230N-232N-234N-237N-238N-240N-241N-260N-301N-310N-320N-322N-323N-325N-330N-331N-332N-335N-336N-337N-338N-339N-340N-341N-344N-349N-350N-354N-357N-362N-400N-401N-403N-420N-430N-431N-432N-433N-435N-443N-445N-446N-501N-502N-521N-525N-532N-536N-540N-541N-547N-550N-601N-603N-610N-611N-620N-621N-623N-625N-627N-629N-630N-631N-632N-634N-635N-636N-637N-640N-642N-644N-651


Europese wegen

Europese wegen in Spanje

E1E5E7E9E15E70E80E82E90E801E803E804E901E902


Wegnummering

Zie ook lijst van prefixes in Spanje.

Spanje heeft één van de meest complexe nummeringssystemen ter wereld. Er zijn drie landelijke nummeringsystemen; de Carretera Nacionales (N), de Autopista's (AP) en Autovía's (A). Daarnaast hebben de comunidades een nummeringssyteem, zo zijn wegen van Castilla y Leon afgekort met CL. De derde laag zijn de provinciale wegen. Bijvoorbeeld de provincie Barcelona heeft de afkorting B. Dit zorgt voor veel prefixes, zo kan men rond Barcelona AP-, A-, C- en B-wegen vinden. AP van Autopista, A van Autovía, C van Catalunya en B van Barcelona. Vrijwel alle wegen hebben een nummer, lokale wegen hebben nog een toevoeging bijvoorbeeld "v" (vecinal). Wegnummers kunnen daardoor tot wel zes tekens hebben. (X-xxxx-x).

Systeem

Alhoewel het Spaanse systeem complex is, is het desondanks logisch opgebouwd. Lagere nummers geven overwegend belangrijke wegen aan, alhoewel in autonome regio's de één- en tweecijferige wegen in principe worden overgeslagen (bijvoorbeeld in Andalucía met uitzondering van de A-92). Men werkt dan met drie- en viercijferige nummers. Hoe hoger het wegnummer, hoe geringer de belangrijkheid.

Het gebruik van een koppelstreepje tussen de prefix en het wegnummer is in Europa niet erg gangbaar. De traditie gaat in Spanje terug tot de jaren '20, vermoedelijk om de aanduiding van de radialen van Madrid duidelijker aan te geven, aangezien deze met Romeinse cijfers zijn aangeduid, de N-I t/m N-VI, wat beter leesbaar is dan NI t/m NVI.

Wegklassen

De BI-2235 in Bizkaia, in het beheer van de Diputación Foral de Bizkaia.

Er zijn twee hoofdklassen van de wegen in Spanje, het red de carreteras del estado (RCE, netwerk van de wegen van de staat) en het red secundaria (secundaire netwerk), waar alle overige wegen onder vallen. Daarnaast is het secundaire wegennet weer opgedeeld per autonome regio, de exacte benaming hiervan verschilt per regio, maar bestaat vaak uit het red básica (basisnetwerk) en red complementaria (aanvullend netwerk) of red comarcal (secundaire netwerk).

In veel autonome regio's vallen de carreteras autonómicas onder twee wegklassen, de hoofdroutes en secundaire routes. Deze hebben vaak allemaal een driecijferig wegnummer, maar wordt er vaak een afwijkende kleur gebruikt, zoals oranje wegnummerschilden voor de hoofdroutes en groen voor de secundaire routes. Daarnaast zijn de gele wegnummerschildjes vaak secundaire wegen.

Bijvoorbeeld in de Comundidad Valenciana zijn de tweecijferige CV-routes eindigend op een 0 de belangrijkste autonome hoofdwegen, en eindigend op een ander cijfer de secundaire hoofdwegen. Driecijferige wegen vormen dan het secundaire wegennet.

Het wegnummer zegt echter niks over de uitbouwstandaard, sommige hoge wegnummers zijn een autovía, terwijl sommige lage nummers enkelbaans wegen zijn. Autovías worden vooral op basis van verkeersintensiteiten en belang aangelegd. Sommige korte routes met een klein regionaal belang kunnen toch veel verkeer verwerken.

Bewegwijzering

Zie ook bewegwijzering in Spanje.

Spanje gebruikt blauwe borden op snelwegen met witte letters. Het lettertype is Interstate, één van de meest gebruikte lettertypes voor wegwijzers ter wereld. Het is daarnaast bijvoorbeeld in Nederland en de Verenigde Staten terug te vinden. Op het onderliggend wegennet staan witte borden met zwarte letters. Wegnummers worden consequent aangegeven, wat ervoor zorgt dat rond grotere steden vaak veel nummers op de borden staan. Een voordeel is dat rond steden als Madrid, Sevilla, Barcelona of Zaragoza geen talloze doelen vermeld staan, maar vooral de wegnummers van uitstralende wegen. Op borden worden twee lettergroottes gebruikt, een groter type voor hoofddoelen en een kleiner type voor de wat onbelangrijkere doelen, waardoor het makkelijk navigeren is aan de hand van grote steden. De doelenkeuze is over het algemeen logisch. Wel is het belangrijk om een recente wegenkaart te gebruiken in verband met de grote nummerwijzigingen tot aan 2008.

Maximumsnelheid

wegtype Vmax
Znak d42.svg 50 km.svg
Znak d43.svg 100 km.svg
Znak D7.svg 100 km.svg
Znak D9.svg 120 km.svg

De maximumsnelheid in Spanje is 120 km/h op autovías en autopistas. Tot 1 juli 2011 was de maximumsnelheid tijdelijk naar 110 km/h verlaagd.[7] Vrachtwagens mogen 90 km/h op snelwegen. De maximumsnelheid is 90 km/h buiten de bebouwde kom, soms hoger op goed uitgebouwde wegen. Vrachtwagens mogen 80 km/h buiten de bebouwde kom. Binnen de bebouwde kom geldt 50 km/h.

Op wegen buiten de bebouwde kom wordt onderscheid gemaakt tussen hoofdwegen en overige wegen. Op wegen met een geslotenverklaring voor langzaam verkeer en een vluchtstrook van minimaal 1,50 meter breedte mag 100 km/h gereden worden. Op andere hoofdwegen buiten de bebouwde kom mag maximaal 90 km/h gereden worden.[8]

Verkeersveiligheid

Het aantal verkeersdoden per jaar.
jaar verkeersdoden
2010 2.478
2011 2.060
2012 1.903
2013 1.680
2014 1.688
2015 1.689
2016 1.797

In 2010 vielen in Spanje 53 verkeersdoden per 1 miljoen inwoners. Het land heeft daarmee de op twee na grootste reductie in verkeersdoden sinds 2001 gehaald, vergeleken met andere EU-landen, met een daling van 55 procent. Spanje behoort nu tot de meest veilige landen van de EU en is ruimschoots het veiligste land in Zuid-Europa.[9] In 2015 vielen 36 verkeersdoden per 1 miljoen inwoners, vergelijkbaar met Nederland.[10]

Verkeersdoden per wegtype

Bron[11]

wegtype 2014 2015
autovía/autopista 264 213
carretera convencional 868 913

Verkeersdoden naar vervoerswijze

vervoerswijze 2014 2015
auto 591 569
motor 170 219
voetganger 114 113
bestelbus 92 68
vrachtauto 54 59
fiets 48 42
bromfiets 17 28
bus 23 1
overige 23 27

Gebruik van veiligheidsmiddelen

Aantal verkeersdoden dat geen gebruik maakte van veiligheidsmiddelen.

type 2005 2014 2015
zonder autogordel 763 164 141
zonder kinderzitje 26 3 4
zonder helm (motor) 27 3 9
zonder helm (brommer) 73 0 4
zonder helm (fiets) 30 15 17

Autonome regio's

Spanje is opgedeeld in autonome regio's (Comunidades) die hieronder in detail beschreven staan. Voor de ligging van de regio's zie de afbeelding hieronder.

Autonome regio's (comunidades) in Spanje

Andalucía · Aragón · Asturias · Cantabria · Castilla-La Mancha · Castilla y León · Catalunya · Extremadura · Galicia · Islas Baleares (Balearen) · Islas Canarias (Canarische Eilanden) · La Rioja · Madrid · Murcia · Navarra · País Vasco (Baskenland) · Valenciana


Autonome regio's in Spanje.

Statistieken

Een overzicht van de snelwegen in Spanje.[12][13]

Stand: 1/1/2016

Totaal

  • autopistas de peaje: 3.040 km
  • autovías: 12.296 km
  • carreteras multicarril: 1.686 km

Overzicht per wegbeheerder

Red de carreteras del estado

Wegen in het beheer van de nationale overheid (RCE):

  • autopistas de peaje: 2.539 km
  • autovías: 8.841 km
  • carreteras multicarril: 563 km

Red de carreteras de Comunidades Autonómas

Wegen in het beheer van de autonome regio's:

  • autopistas de peaje: 329 km
  • autovías: 2.882 km
  • carreteras multicarril: 756 km

Red de carreteras de las Diputaciones y Cabildos

Wegen in het beheer van lokale overheden:

  • autopistas de peaje: 171 km
  • autovías: 573 km
  • carreteras multicarril: 367 km

Zie ook

Referenties

  1. stand 01-01-2017 (voorlopig cijfer)
  2. Capítulos del anuario estadístico 2015 (Capítulo 7, p8) | fomento.gob.es
  3. Ana Pastor presenta los Presupuestos de 2016 del Ministerio de Fomento | fomento.gob.es
  4. Ana Pastor presenta los Presupuestos de 2014 del Ministerio de Fomento | fomento.gob.es
  5. TomTom Traffic Index | tomtom.com
  6. Catálogo y evolución de la red de carreteras | fomento.gob.es
  7. El Gobierno decide establecer nuevamente el límite de velocidad a 120 | elpais.com
  8. Normas básicas de referencia | dgt.es
  9. Verkeersveiligheid: aantal verkeersdoden EU met 11% gedaald in 2010 | europa.eu
  10. 10th Annual Road Safety Performance Index (PIN) Report | etsc.eu
  11. Balance de Seguridad Vial 2015 | www.dgt.es
  12. Evolución desde 1970 | fomento.es
  13. Capítulos del anuario estadístico 2015 (Capítulo 7, p8) | fomento.gob.es
Wegen van Europa

AlbaniëAndorraArmeniëAzerbeidzjanBelgiëBosnië-HerzegovinaBulgarijeCyprusDenemarkenDuitslandEstlandFinlandFrankrijkGeorgiëGriekenlandHongarijeIerlandIJslandItaliëKazachstanKosovoKroatiëLetlandLiechtensteinLitouwenLuxemburgMacedoniëMaltaMoldaviëMonacoMontenegroNederlandNoorwegenOekraïneOostenrijkPolenPortugalRoemeniëRuslandSan MarinoServiëSloveniëSlowakijeSpanjeTsjechiëTurkijeVaticaanstadVerenigd KoninkrijkWit-RuslandZwedenZwitserland

in cursief landen die deels in Europa liggen of met Europa geassocieerd worden