Wijzigingen

Naar navigatie springen Naar zoeken springen
k
=Geschiedenis=
Veel provincies in [[Nederland]] ontvouwden in de jaren '20 van de 20e eeuw plannen om doorgaande wegen aan te leggen vanwege de vele problemen die er ontstonden in het wegverkeer buiten de [[bebouwde kom]]. Het was in die tijd een hele opgave om je te verplaatsen met een gemotoriseerd voertuig. De vele veren, [[tol]]gelden, smalle en slechtverharde wegen waren een doorn in het oog voor velen. Het [[Rijk]] beheerde een Rijkswegennet dat in die tijd nog niet samenhangend was en de provincies vonden het daarom onafhankelijk van elkaar benodigd dat er ook goede wegen tussen belangrijke provinciale centra, met [[Rijksweg]]en en met andere provinciale [[wegbeheerder]]s moesten komen. De provinciale wegennetten die hieruit moesten ontstaan zouden in veel gevallen met provinciale belastingen moeten worden bekostigd. Op die manier kon elke provincie zijn eigen provinciale net aanleggen.
In 1927 verscheen het eerste Rijkswegenplan. Voor de aanleg van wegen werd daartoe op 30 december 1926 de Wegenbelastingswet ingevoerd waarvoor van elke houder een vaste jaarlijkse bijdrage werd verlangd. Alle inkomsten zouden aan de uitbreiding van het Nederlandse wegenstelsel worden besteed. Uit de opbrengsten die verkregen werden uit de motorrijtuigen- en rijwielbelasting vermeerderd met extra-bijdragen uit de Rijksmiddelen werd een wegenfonds opgesteld. Er werd een verdeelsleutel bepaald die de verschillende wegbeheerders konden besteden aan de verbetering van het provinciale wegennet.
16.855

bewerkingen

Navigatiemenu