Wijzigingen

Naar navigatie springen Naar zoeken springen
143 bytes toegevoegd ,  16 nov 2019 13:12
De categorisering geldt in Nederland in beginsel alleen voor tunnels die vallen onder de [[Tunnelwet]]. Voor onderdoorgangen die, bijvoorbeeld vanwege hun beperkte lengte, niet onder de Tunnelwet vallen, zijn er in principe geen restricties voor het vervoer van gevaarlijke stoffen.
Welke categorie een tunnel krijgt wordt bepaald door de Minister van Infrastructuur en Waterstaat. De keuze van de tunnelcategorie is primair ingegeven door het belang van bescherming van de tunnel. Bij tunnels onder een waterweg, welke in Nederland meest gebouwd zijn via de [[afzinkmethode]], wordt standaard gekozen voor categorie C, omdat een grote of zeer grote explosie (en daarna het vollopen van de tunnel met water) zou kunnen leiden tot het volledig verloren gaan van de tunnel met grote maatschappelijke en financiële schade als gevolg. In het geval twee tunnels dicht bij elkaar liggen, in de nabijheid van een tunnel een alternatieve (doorgaande) verbinding is (zoals een andere tunnel of een brug) kan er, vanwege het nabije alternatief voor vervoerders van bepaalde gevaarlijke stoffen, soms voor worden gekozen om één van beide een tunnel de categorie D te geven. Een voorbeeld Voorbeelden hiervan is zijn de [[Velsertunnel ]] (D) die nabij de [[Wijkertunnel ]] (C) is gelegen en de [[Botlektunnel]] die nabij de [[Botlekbrug]] ligt. Bij landtunnels (overkapte wegen) is in de regel geen reden om beperkingen te stellen aan het vervoer van gevaarlijke stoffen, omdat de schade bij een explosie of brand wel kan worden gerepareerd. Deze tunnels kunnen daarom bijvoorbeeld met categorie A geclassificeerd worden. In Nederland zijn momenteel geen tunnels in de categorie B aangewezen.
De Nederlandse categorisering komt in hoofdlijnen op het volgende neer:
854

bewerkingen

Navigatiemenu