Spitsstroken Zwolle

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
A28 plusstrook Zwolle.jpg

Op de A28 door Zwolle zijn in 2004 spitsstroken (plusstroken) in gebruik genomen.

Plusstroken Zwolle

Door de sterk toegenomen hoeveelheid verkeer op de A28 tussen Knooppunt Hattemerbroek en Knooppunt Lankhorst ontstonden problemen met de verkeersafwikkeling. Verschillende locaties stonden tussen 2000 en 2003 in de File Top 50. De weg telde in 2000 op de drukste stukken 76.000 tot 98.000 voertuigen op slechts 2x2 rijstroken. Het aantal filemeldingen steeg van 250 in 1998 naar 400 in 1999. Naast filegevoelig was de weg ook relatief onveilig. De kans op een ongeluk lag 30% hoger dan gemiddeld op vergelijkbare wegen. Vooruitlopend op een MIT-verkenning werd in 1999 begonnen met een voorverkenning naar dit traject die in oktober 2000 gepubliceerd werd.[1] Uit de voorverkenning kwam naar voren dat de congestiekans op het stuk Zwolle Zuid-Nieuwleusen boven de norm van 5% lag volgens het SVV-II. In de avondspits trad vooral filevorming op bij de oprit van Zwolle-Centrum richting noorden. In de ochtendspits trad vooral filevorming op bij de opritten Ommen en Nieuwleusen richting zuiden. Met name bij de oprit Nieuwleusen gebeurden veel ongelukken. Bij niet ingrijpen zouden in 2010 op alle stukken tussen Zwolle-Zuid en Knooppunt Lankhorst problemen met de verkeersafwikkeling optreden. De congestiekans zou dan tussen Zwolle-Zuid en Nieuwleusen in het drukste uur van de avondspits tussen de 10 en 15% liggen waar 5% toegestaan is.

Om de knelpunten op korte termijn op te lossen waren twee benuttingspakketten opgesteld die betrekking hadden op de A28 zelf en het onderliggend wegennet.

1e-fasebenuttingspakket over 2000-2005

Het 1e-fasebenuttingspakket bestond uit het aanleggen van plusstroken tussen Zwolle Zuid en Ommen met bij openstelling een verlaagde maximumsnelheid van 70 km/uur. Verder kwam hier een verbod voor het vrachtverkeer om de twee linkerste rijstroken te gebruiken en als test werd de oprit Zwolle-Centrum in de avondspits afgesloten. Het verkeer wordt hierbij omgeleid naar Zwolle-Noord. Na één jaar zou besloten worden of de proef doorgezet werd of niet. Daarnaast zou bij de oprit Nieuwleusen richting zuiden toeritdosering in gebruik genomen worden. Verder waren er nog kleine wijzigingen voor het OWN. Dit benuttingspakket zou tot minstens 2010 de problemen op het stuk Zwolle Zuid-Ommen doen verdwijnen. De problemen op het stuk Ommen-Nieuwleusen zouden hiermee echter niet aangepakt worden. Via het tweede benuttingspakket zou ook dit stuk aangepakt worden waarmee de congestiekans naar 0 tot 5% zou worden verminderd. Bij het uitvoeren van het eerste benuttingspakket zou de berekende vertraging in de spits tussen Zwolle-Zuid en Nieuwleusen gemiddeld 6 minuten zijn tegenover bijna een half uur bij het niet uitvoeren. In het drukste uur van de avondspits zou de congestiekans hier tussen Hattemerbroek en Ommen tussen de 2 en 5% liggen en op 10% tussen Ommen en Nieuwleusen. Het eerste benuttingspakket zou in totaal 43,4 miljoen gulden moeten kosten (prijspeil 2000). Vanwege hoge kosten, gebrek aan financiering en relatief beperkte effectiviteit werd het deel Ommen-Nieuwleusen niet aangepakt in fase 1. Niet deel van de voorverkenning was het aanleggen van weefstroken in 2002 tussen Zwolle-Noord en Ommen.

  • 2e-fasebenuttingspakket, afhankelijk van de verkeersgroei, ongeveer 2010

Het 2e-fasebenuttingspakket was afhankelijk van de verkeersgroei en bestond uit het verlengen van de plusstroken tot Knooppunt Hattemerbroek. Daarnaast zouden er verlichting, verkeersignalering en spitsstroken komen tussen Ommen en Knooppunt Lankhorst. Verder zouden er maatregelen komen op het OWN bij Zwolle-Noord en Zwolle-Zuid. Ook zou er een verbindingsweg komen bij Knooppunt Lankhorst. Na uitvoering van dit tweede pakket zou de congestiekans tussen Hattemerbroek en Nieuwleusen op 0% liggen in het drukste uur van de avondspits, behalve tussen Zwolle-Zuid en Ommen waar deze 2 tot 5% zou bedragen. De kosten van het tweede benuttingspakket zouden minimaal 50 en maximaal 80 miljoen gulden bedragen (prijspeil 2000).

In navolging van de in 2000 gepubliceerde voorverkenning was het traject Zwolle-Meppel inclusief Knooppunt Lankhorst opgenomen in het MIT voor het jaar 2000. In december 2000 is een tussenrapportage gepubliceerd en in het voorjaar van 2001 de rijstrokenschema's en de kostenbepaling. In oktober 2001 is de hele verkenning A28 Zwolle-Meppel gepubliceerd.[2] Waar in de voorverkenning naar de situatie tot 2010 werd gekeken, werd in de verkenning gekeken naar de situatie na 2010 tot 2020 afhankelijk van verschillende groeiverwachtingen van het verkeer. Daarnaast werd gekeken naar verschillende oplossingsrichtingen voor de bestaande problemen van de verkeersafwikkeling.

In de voorverkenning werd duidelijk dat bij het 1e-fasebenuttingspakket de problemen tussen Knooppunt Hattemerbroek en Ommen verholpen zouden worden, maar dat deze tussen Ommen en Knooppunt Lankhorst bestaan zouden blijven en verergeren. Voor de periode 2010-2020 zijn twee mogelijke groeiverwachtingen van 1 en 2% van het verkeer aangehouden. Bij 1% groei per jaar zou alleen het stuk Zwolle-Centrum tot Ommen maar net aan aan de 5% congestienorm voldoen, bij 2% groei per jaar zouden op het hele traject zich weer grote problemen voordoen met een congestiekans van meer dan 10%. Na het duidelijk worden van de bestaande knelpunten waren drie oplossingsrichtingen mogelijk: het 0-alternatief, het benuttingsalternatief en de de verbredingsalternatieven. Het benuttingsalternatief en de verbredingsalternatieven hebben het meeste zicht op een verbeterde verkeersafwikkeling. Niet uitgewerkte alternatieven waren een dubbeldeks autosnelweg, aparte vrachtwagenstroken, plusstroken van Ommen tot Lankhorst, een tunnel, wisselstroken en parallelbanen tot Ommen.

0-alternatief

In het 0-alternatief zou alleen het 1e-fasebenuttingspakket uitgevoerd worden en de toen in uitvoering zijnde maatregelen in het kader van wegonderhoud. Dit 0-alternatief zou in 2010 alleen voldoende zijn voor het traject ten zuiden van Ommen. Het traject ten noorden van Ommen zou in 2010 een flinke toename van problemen zien en in 2020 zouden weer grote problemen met de verkeersafwikkeling optreden over het hele stuk tussen Hattemerbroek en Lankhorst.

Benuttingsalternatief

In het benuttingsalternatief zou het 2e-fasebenuttingspakket uit de voorverkenning uitgevoerd worden. Dit zou betekenen dat er plusstroken, een inhaalverbod voor vrachtwagens en een snelheidsbeperking zouden komen tussen Hattemerbroek en Zwolle-Zuid. De maximumsnelheid zou 70 km/uur worden bij opengestelde plusstrook. Tussen Ommen en Staphorst zouden spitsstroken en verkeerssignalering komen en tussen Staphorst en Lankhorst zou één nieuwe rijstrook aangelegd worden. De spitsstrook tussen Ommen en Staphorst zou hier overgaan in een weefvak tussen Staphorst en Knooppunt Lankhorst. Tussen Lankhorst en Staphorst zou er een extra rijstrook bij komen waarbij de A32 met een taper zou invoegen op de A28. In dit benuttingsalternatief zouden de problemen in 2010 en 2020 tussen Ommen en Lankhorst en tussen Hattemerbroek en Zwolle-Zuid verdwenen zijn. In 2020 zou de congestiekans de norm overschrijden voor het stuk Zwolle Zuid-Ommen. Voor het benuttingsalternatief zouden de kosten 280 ±25% miljoen gulden zijn (127 miljoen euro).

Verbredingsalternatieven

De vier verbredingsalternatieven met varianten waren: 1. Uitbreiding naar 2x3 rijstroken (zonder/met plusstrook) 2. Uitbreiding naar 2x4 rijstroken 3. Uitbreiding naar 4x2 rijstroken 4. Uitbreiding naar 2x3 rijstroken en parallelstructuur op maaiveld (Zwolse parallelstructuur) Voor het stuk Ommen-Lankhorst is alleen gekeken naar een uitbreiding naar 2x3 rijstroken en het benuttingsalternatief omdat dit voldoende probleemoplossend is tot 2020.

Bij uitbreiding naar 2x3 rijstroken over Hattemerbroek-Lankhorst zou er een nieuwe IJsselbrug moeten komen ten westen van de huidige brug. De rijstroken op de bestaande IJsselbrug zouden anders ingedeeld worden en de toeleidende wegen naar de brug aangepast. Voor 2010 zouden alle problemen opgelost zijn, maar in 2020 zouden zich weer problemen voordoen tussen Zwolle-Zuid en Ommen doordat de congestiekans hier dan boven de 5% ligt. Voor mogelijke problemen in 2020 is een alternatief op de verbreding naar 2x3 rijstroken ontwikkeld. Tussen Hattemerbroek en Ommen zouden vier versmalde rijstroken komen waarvan de smalste een plusstrook zou worden. Dit zou passen op de nieuw gebouwde IJsselbrug. In totaal zouden de kosten 617 ±25% miljoen gulden zijn, wat neerkomt op 278 miljoen euro. De kosten voor 2x3 met plusstroken zijn niet uitgewerkt maar de extra kosten zijn relatief gering.

Een andere variant is de uitbreiding naar 2x4 rijstroken tussen Hattemerbroek en Ommen. Met deze variant komt er ook een nieuwe IJsselbrug en wordt de rijstrookindeling aangepast. Bij 2x4 rijstroken tussen Hattemerbroek en Ommen zouden in 2020 nergens meer problemen ontstaan tussen Hattemerbroek en Lankhorst. Bij een verbreding naar 2x4 rijstroken zouden de kosten 799 ±27% miljoen gulden (363 miljoen euro) zijn.

Vanwege het hoge aandeel lokaal verkeer op de A28 door Zwolle is ook gekeken naar een uitbreiding naar parallelstructuur met 4x2 rijstroken. Om het lokale verkeer van het overige verkeer te scheiden zou de parallelstructuur aangelegd worden tussen de IJsselbrug en Zwolle-Noord. Er zouden twee nieuwe IJsselbruggen moeten komen aan beide kanten van de huidige IJsselbrug. Ook hier zou de rijstrookindeling aangepast worden. De parallelbanen zouden als autosnelweg met vluchtstroken vormgegeven worden met een ontwerpsnelheid van 90 km/uur. De verkeersintensiteiten zouden afhankelijk van de lengte en uitvoering van de parallelbanen afnemen met 10 tot 30%. In 2010 zouden hier geen problemen ontstaan. In 2020 zou de capaciteit nog maar nét voldoende zijn. De totale kosten zouden 802 ±29% miljoen gulden (364 miljoen euro) zijn.

Een andere optie met parallelstructuur is door de gemeente Zwolle voorgesteld en behelst een uitbreiding naar 2x3 rijstroken op de hoofdrijbaan en een parallelstructuur op maaiveld. Ook hier zouden twee nieuwe IJsselbruggen moeten komen met een andere rijstrookindeling dan huidig. De parallelstructuur zou onderdeel moeten worden van het onderliggend wegennet en een maximumsnelheid van 70 km/uur kennen. Hierdoor zouden meer en krappere aansluitingen en kruisingen kunnen passen op de parallelstructuur in vergelijking met de 4x2 situatie. Ook hier zou het verkeer met 10 tot 30% afnemen. De congestiekansen zouden hierdoor dalen tussen Zwolle-Zuid en Zwolle-Noord (eventueel Ommen). Door de 2x3-situatie op de hoofdrijbaan zouden geen problemen ontstaan in 2020. De kosten van dit plan zouden 944 ±21% miljoen gulden (428 miljoen euro) bedragen.

Uitvoering

Op 8 maart 2004 begon de aanleg van plusstroken in beide richtingen door Zwolle, tussen de aansluiting Zwolle-Zuid en de aansluiting Ommen. In eerste instantie zou de maximumsnelheid bij geopende plusstroken 70 km/uur worden. Op een later moment is de snelheid aangepast naar 80 km/uur.[3] Op 11 december 2004 zijn plusstroken door Zwolle door minister Peijs opengesteld,[4] wat de files korter maakte, zodat terugslag op andere wegen verminderd werd, maar met name in noordelijke richting bleef het een knelpunt tussen Zwolle-Noord en Ommen. Normaal geldt 100 km/uur, maar als de plusstroken geopend zijn, dan geldt 80 km/uur. Verdere toename van de verkeersdrukte zorgt ervoor dat deze plusstroken regelmatig buiten de spits opengesteld zijn. De files waren hier richting zuiden verplaatst naar de IJsselbrug, en richting noorden naar de afslag Ommen. Na de openstelling van 3 rijstroken tussen Ommen en het knooppunt Lankhorst waren de dagelijkse files verdwenen.

Referenties