Verharding

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Wegen kunnen qua verharding kan worden onderverdeeld in:

  • verhard
  • half-verhard (grind, steenslag)
  • onverhard (zand, etc.)

De verharding is het deel van het weglichaam waar het verkeer direct overheen rijdt. Ze bestaat uit één of uit meerdere lagen. De verharding kan bestaan uit een deklaag, een tussenlaag, een onderlaag en een fundering.

Verhardingen zijn onder te verdelen in drie hoofdtypen:

  • Asfaltverhardingen;
  • Betonverhardingen;
  • Elementverhardingen.

Asfaltverhardingen

Een asfaltverharding bestaat vrijwel altijd uit de reeds genoemde lagen en heeft doorgaans een gesloten karakter. Door het toepassen van het bindmiddel bitumen ontstaat een zekere flexibiliteit, waardoor een asfaltverharding in staat is om ongelijkmatige zettingen van de ondergrond op te vangen zonder te scheuren (in tegenstelling tot betonverhardingen). De vlakheid verandert wel. Bij langdurige belastingen onder hoge temperaturen kunnen plastische vervormingen van asfalt optreden.

Bekende toepassingen van asfaltverhardingen zijn onder andere:

Daarnaast zijn er nog diverse andere typen asfaltverharding. Zie de categorie Verhardingen.

Betonverhardingen

Wegen met een betonverharding zijn gesloten en hebben een stijf of star karakter en verschillen daarmee van de asfaltverhardingen. Betonwegen zijn doorgaans gewapend, maar mogen ook ongewapend zijn. Een belangrijke eigenschap van een betonverharding is het elastische gedrag onder belasting en de grote spanningsreductie in de ondergrond. Bij overbelasting treedt echter (directe) scheurvorming op.

De verkeersbelasting wordt door de hoge elasticiteitsmodulus verdeeld over de ondergrond, waardoor de belasting grotendeels door de verharding zelf wordt opgenomen. Het nadeel hiervan is dat bij holtes in de ondergrond (of de onderlaag) er een meer ongunstige spanningsverdeling in het beton optreedt. Daarmee ontstaat het risico van sterke scheuren of zelfs breken. Betonwegen kunnen daarom alleen op een ondergrond met goede draagkracht worden aangelegd.

Bij het storten in het werk (cementbeton) dient het beton circa vier weken uit te harden in verband met het chemische verhardingsproces. Bij het gebruik van betonplaten worden de platen doorgaans af fabriek geleverd, waardoor uitharden op de locatie niet nodig is. Beton is verder gevoelig voor temperatuurschommelingen (lengteverandering). Door uitzetten en krimpen kunnen scheurtjes en openingen (met name bij betonplaten) ontstaan.

Elementverhardingen

In tegenstelling tot voorgaande verhardingen is de elementverharding een open verharding. Deze is opgebouwd uit naast elkaar gelegen elementen, zoals betonstraatstenen of straatklinkers, betontegels, grasbetonstenen, kinderkopjes, kasseien enzovoort. Tussen de elementen wordt de ruimte opgevuld met zand, vaak voegzand of brekerzand. Een fundering is aanwezig indien de verharding belast kan worden door zwaar verkeer.

Het grote nadeel van elementverhardingen is het feit dat de elementen ten opzichte van elkaar kunnen verschuiven en individueel kunnen verzakken. Hierdoor ontstaat sneller onvlakheid door spoorvorming of gaten. Met name ook (ondergrondse) waterstromen hebben een grote invloed op elementverhardingen. De eigenschappen van een elementverharding ten aanzien van stroefheid, comfort en geluidsoverlast zorgen ervoor dat dit type doorgaans alleen wordt toegepast op wegen met een snelheid onder de 50 tot 60 km/uur.

Met name in verblijfsgebieden (erftoegangswegen) wordt vaak een elementenverharding toegepast. Enerzijds doordat de eigenschappen daar prima geschikt voor zijn en anderzijds doordat de esthetische waarde van klinkers of keien hoger wordt gewaardeerd dan asfalt- of betonverhardingen.

In andere talen

  • Duits (Deutsch): Schutter/Kies (steenslag), Steine (straatklinkers), Beton (beton), Asphaltbelag (asfalt deklaag), Spurillen/Spurinnen (spoorvorming)
  • Engels (English): gravel/dirt (steenslag), stones (straatklinkers), concrete (beton), Asphalt (asfalt), track formation (spoorvorming)
  • Pools (Polski): bardzo otwarty asfalt betonowy (ZOAB), koleiny (spoorvorming)
  • Vlaams: fluisterasfalt (ZOAB)

Bron

Handboek Verkeer & Vervoer, 2000, deel E.