Vraaguitval

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

De vraaguitval in de context van tolwegen geeft aan hoeveel verkeer wordt afgeschrikt door het heffen van tol. De hoeveelheid verkeer dat er minder over een tolweg gaat dan als het geen tolweg zou zijn wordt vraaguitval genoemd.

Kenmerken

De mate van vraaguitval is afhankelijk van de beschikbaarheid van tolvrije alternatieven. Ook als er geen (redelijke) tolvrije alternatieven beschikbaar zijn kan tolheffing nog steeds een vraaguitval veroorzaken, met name op verbindingen waar voornamelijk incidentele ritten op afgelegd worden. Het effect is minder bij grootschalige tolheffing of een congestieheffing, omdat hier geen goede alternatieven zijn en sprake is van meer ritten met een noodzakelijk karakter (zoals woon-werkverkeer en vrachtverkeer).

De mate van vraaguitval is niet constant, het effect is het grootst bij de initiële invoering van tolheffing, of significante verhogingen van tolheffing. Na enige tijd treedt een gewenningsperiode op, of komt men erachter dat alternatieven zoals reizen per openbaar vervoer of via sluipwegen teveel extra tijd kost.

Het bepalen van vraaguitval is van belang om de effecten van tolheffing in kaart te brengen. Tolheffing kan soms noodzakelijk zijn om een investering uit te voeren, maar kan ervoor zorgen dat doelstellingen voor congestievermindering en leefbaarheid niet gehaald worden. Tolheffing en vraaguitval op de tolweg kan juist betekenen dat de overlast van sluipverkeer toeneemt. Hierdoor kan de verkeersveiligheid afnemen, bijvoorbeeld wanneer vrachtverkeer massaal op secundaire wegen gaat rijden in plaats van de veel veiligere tolwegen.

Bewuste vraaguitval

Er zijn twee vormen van bewust gecreëerde vraaguitval.

Een politiek gewenste vraaguitval omvat het doelbewust verminderen van verkeer op bepaalde routes of in bepaalde gebieden. Hiervoor wordt vaak een congestieheffing ingevoerd. Het kan ook sturend zijn, bijvoorbeeld door de vraag te verplaatsen naar de dalperiodes om het verkeer beter te spreiden. De Electronic Road Pricing in Singapore is hier een voorbeeld van. In Zwitserland wordt met zeer hoge toltarieven voor vrachtverkeer gepoogd om de hoeveelheid verkeer op transitroutes door de Alpen te verminderen.

Een verkeerskundig gewenste vraaguitval komt voor bij tolstroken met dynamische toltarieven. Wanneer de dichtheid van het verkeer een kritiek punt nadert wordt de tol verhoogd om nieuw aanbod af te schrikken om zodoende free-flow verkeer te garanderen. Dit is een gangbaar type tolheffing op express lanes in de Verenigde Staten. In Europa is dit (nog) onbekend. Het tonen van hoge toltarieven om verkeer af te schrikken kan ook averechts werken, omdat dit suggereert dat op de tolvrije stroken sprake is van ernstige congestie. Studies in de Amerikaanse staat Minnesota wezen uit dat hoge toltarieven om die reden juist verkeer aantrekt, en dat men bereid is het equivalent van $ 100 per uur te betalen om congestie te vermijden.

Nederland

In Nederland was tolheffing gepland op de A13-A16-verbinding bij Rotterdam. Vanwege de grote geprojecteerde vraaguitval is besloten af te zien van tolheffing op deze verbinding. De tolheffing zou dermate veel vraaguitval veroorzaken dat de doelstellingen op bereikbaarheid en leefbaarheid niet meer gehaald konden worden. Studies wezen uit dat zelfs een relatief lage tol van € 1,18 (personenauto's) en € 2,37 (vrachtwagens) een forse vraaguitval van 40.000 voertuigen zou betekenen. De vraaguitval op de A15 tussen Bemmel en Zevenaar is geprojecteerd op 25.000 voertuigen per dag en de vraaguitval op de A24 in de Blankenburgtunnel op 35.000 voertuigen per dag.[1]

Frankrijk

In Frankrijk moet op veel autoroutes tol betaald worden. Met name vrachtverkeer wijkt dan uit naar tolvrije wegen omdat tolwegen vrachtverkeer minder tijdswinst bieden dan personenauto's. Om dit tegen te gaan is overwogen tol in te voeren op alternatieve wegen.

Portugal

In Portugal was op veel snelwegen die tussen 1995 en 2010 zijn aangelegd sprake van schaduwtol, wat ter plaatse SCUT heet. Vanwege de begrotingstekorten is besloten om op deze snelwegen een elektronische tolheffing in te voeren. Dit veroorzaakte een zeer hoge vraaguitval, op veel snelwegen daalde de verkeersintensiteit na invoering met 30 tot 50 procent. Dit verkeer verplaatste zich grotendeels naar de oude estradas nacionales.

Spanje

Spanje is bekend vanwege de hoge vraaguitval van met name vrachtverkeer bij tolwegen. Op sommige parallelle wegen die op het oog nauwelijks enig belang hebben worden soms zeer hoge vrachtintensiteiten gemeten, bijvoorbeeld de vraaguitval op de AP-2 tussen Zaragoza en Lleida is dermate hoog dat de parallelle N-II een aandeel vrachtverkeer tot 90% heeft. Op de tweestrooks N-232 door La Rioja rijdt soms meer verkeer dan op de parallel verlopende AP-68. Met kortingsprogramma's probeert men de vraaguitval van vrachtverkeer te beperken.

Zweden

In Zweden zijn weinig tolwegen, waardoor bestuurders niet gewend zijn om tol te betalen. Op de Motalabrug in Motala was een tolheffing van 10 kronen gepland, maar uit studies bleek dat dit dermate veel vraaguitval zou veroorzaken dat de lokale bereikbaarheids- en leefbaarheidsproblemen op de oude route niet genoeg zou verminderen. Daarom is besloten de tolheffing te reduceren tot 5 kronen.

In Göteborg is in 2013 een congestieheffing ingevoerd. Dit had een tijdelijke vraaguitval tot gevolg. In januari 2013 reden dagelijks gemiddeld 480.000 voertuigen door het tolcordon, vergeleken met gemiddeld 590.000 voertuigen per dag in januari 2014. Het verkeersaanbod was na ongeveer 4 maanden gestabiliseerd.

Referenties