Weense conventie 1968

Uit Wegenwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Weense Conventie en het Verdrag van Wenen zijn verkorte omschrijvingen van de Convention on Road Signs and Signals, ondertekend in Wenen op 8 november 1968. Het verdrag is tot stand gekomen onder auspiciën van de Verenigde Naties (Economic and Social Council) en is ondertekend in de Engelse, Franse, Spaanse, Chinese en Russische taal. De versies in deze talen zijn officieel; daarnaast circuleren nog de nodige onofficiële vertalingen.

Met het verdrag is gepoogd om verkeerstekens verregaand te uniformeren, zodat ook ter plaatse onbekend verkeer deze eenvoudig kan begrijpen. Dit doel van uniformering was al nagestreefd in eerdere verdragen en conferenties, onder meer op het Internationale Wegencongres van 1908 in Rome en in het Verdrag van Genève van 30 maart 1931.

Inhoud

In het verdrag wordt een onderscheid gemaakt tussen een aantal soorten verkeerstekens, namelijk:

Van al deze soorten borden geeft het verdrag enkele algemene principes, terwijl de verdragsstaten verder min of meer vrij zijn deze borden in te vullen. Een vastgelegd algemeen principe is dat een waarschuwingsbord de vorm heeft van een driehoek met de punt naar boven, dat dit een rode rand heeft en een witte of gele achtergrond. De inhoud van de waarschuwingen is echter maar zeer beperkt vastgelegd. Voor dat laatste zijn de waarschuwingen ook te divers; van ijsberen op Spitsbergen tot apen in Gibraltar. Een ander in het verdrag vastgelegd principe is de vormgeving van verbodsborden als ronde borden met een rode rand en een witte of gele basiskleur. Ook het bord om het einde van het verbod aan te geven is in het verdrag vastgelegd.

Op bewegwijzering gaat het verdrag maar nauwelijks in. Er worden een paar voorbeelden gegeven van wegwijzers, maar er wordt geen vorm vastgelegd. Als enige regel is vastgelegd dat wegwijzers in het algemeen moeten zijn uitgevoerd met een lichte basiskleur met daarop donkere leestekens, of juist met een donkere basiskleur met daarop lichtgekleurde leestekens. De kleur rood mag slechts bij uitzondering worden gebruikt en mag nooit domineren. De basiskleuren geel en oranje zijn voorgeschreven voor tijdelijke situaties: wegwerkzaamheden en omleidingen. Voor autosnelwegen is tenslotte de basiskleur groen of blauw voorgeschreven.

Deze beperkte uniformering heeft ertoe geleid dat landen in Europa grotendeels hun eigen plan hebben getrokken bij het ontwerpen van hun bewegwijzering, waardoor ieder land niet alleen zijn eigen manier van doelenkeuze heeft, maar ook verschillende betekenis toekent aan de verschillende kleuren op de bewegwijzering.

Tenslotte gaat het verdrag nog in op markeringen op de weg. Als algemene regel bepaalt het verdrag dat de verdragsstaten de verkeerstekens als vastgelegd in het verdrag dienen te implementeren. Waar het verdrag een keuze laat tussen meerdere varianten (verschillende kleuren, verschillende verkeerstekens), dient de verdragsstaat een keuze te maken en slechts één van de gelaten mogelijkheden te gebruiken.

Het verdrag geeft daarbij enkele algemene principes omtrent leesbaarheid, plaatsing van wegwijzers en taalgebruik op wegwijzers. Het bepaalt wat dat laatste betreft onder meer dat in landen die het Romeinse alfabet niet gebruiken borden tevens ook een transcriptie van de tekst in Latijns schrift dienen te bevatten.

Verdragsstaten en nut

Het Verdrag van Wenen is zowel binnen Europa als daarbuiten door een groot aantal staten ondertekend. Veel andere staten hebben ervoor gekozen het verdrag niet te ondertekenen, al houden zij zich wel grotendeels aan de beginselen die door het verdrag worden gegeven, of hebben geratificeerd met zogenaamde voorbehouden gemaakt. Zij achten zich aan een of meerdere bepalingen in het verdrag niet gebonden. Het verdrag laat ook toe dat dergelijke voorbehouden worden gemaakt.

Door deze voorbehouden moet het erop worden gehouden dat het Verdrag van Wenen niet kan worden gezien als een serie harde volkenrechtelijk afdwingbare verplichtingen. Niet voor niets hebben de Verenigde Naties voor zover bekend nog nooit een verdragsstaat aangesproken vanwege niet-nakoming. Het verdrag kan wellicht beter worden gezien als grensoverschrijdende richtlijn omtrent vorm en inhoud van verkeerstekens, waar landen zich wel of niet aan kunnen houden - of zij nou verdragspartij zijn of niet. In deze laatste zin kan het verdrag als een groot succes worden beschouwd. Op het Europese continent en ver daarbuiten houden landen zich aan het Verdrag van Wenen.

De verdragsstaten op dit moment (al dan niet met voorbehouden) zijn:

Nederlandse ratificatie met voorbehouden

Reeds in 1974 is Nederland begonnen met de voorbereiding van de goedkeuring en de uitvoering van de Verkeersverdragen. Deze behelsden een flinke aanpassing van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens uit 1966. Vandaar dat men de ratificatie opschoof tot in elk geval een nieuw RVV zou zijn vastgesteld. Nadat op 1 november 1990 het nieuwe RVV een feit was, is in 1991 een ontwerp van rijkswet opgesteld ter goedkeuring van de Verdragen van Wenen van 1968, de aanvullende Europese Overeenkomsten van 1991 en het Protocol van 1974. Over dit ontwerp van wet heeft de Raad van State van het Koninkrijk op 19 april 1993 advies uitgebracht. Daarna heeft het verdere wetgevingstraject geruime tijd stilgelegen. Dit had te maken met de ontwikkeling van de "duurzaam veilige weginrichting". Naast deze inhoudelijke ontwikkeling wilde Nederland ook tot de nadere verkeersverdragen toetreden, en het oorspronkelijke ontwerp van rijkswet had daarop geen betrekking. Dit leidde ertoe dat een geheel nieuwe procedure werd gestart om goedkeuring te krijgen voor alle verkeersverdragen. Uiteindelijk heeft Nederland op 8 november 2007 na bijna 40 jaar het verdrag alsnog ondertekend. Daarbij is wel een groot aantal voorbehouden gemaakt, die in hoge mate betrekking hebben op de "Essentiële Herkenbaarheids Kenmerken" vanuit "Duurzaam Veilig" en de inrichting van spitsstroken.

De voorbehouden betreffen:

  • artikel 8, lid 1bis, inzake de rode rand bij maximumsnelheden getoond op dynamische signaalgevers
  • artikel 16, 1e lid, inzake links voorsorteren en verandering van richting
  • artikel 16, 1e lid, inzake enkele of dubbele doorgetrokken strepen op het wegdek, in verband met de inrichting van spitsstroken
  • artikel 26, 1e lid, inzake doorsnijding van legercolonnes, geleide rijen schoolkinderen en andere optochten
  • artikelen 26, 2e lid, 29, 2e lid en bijlage 2, inzake voorschriften over de markering van wegen, inclusief de kleur ervan
  • artikel 27, 3e lid, inzake regels voor het vervoer van passagiers door (brom)fietsers en motorrijders
  • artikel 35, inzake het verbod om zodanig stil te staan of te parkeren dat het zicht op verkeerslichten, verkeerstekens of langzaam verkeer wordt ontnomen
  • teken E13b, inzake het gebruik van het rode kruis om een ziekenhuis aan te duiden

Europese aanvulling van het verdrag

  • artikel 10 van onderdeel 9, inzake de mogelijkheid voor wegbeheerders om bepaalde weggebruikers bij uitzondering toch gebruik te laten maken van bepaalde weggedeelten.

Wijzigingsverdrag van 1 mei 1971

  • onderdeel 19, inzake inrijverboden voor voertuigen die ontvlambare, dan wel verontreinigende stoffen vervoeren

In andere talen

  • Duits (Deutsch): Wiener Straßenverkehrskonvention
  • Engels (English): Vienna Convention on Road Traffic
  • Spaans (Español): Convención sobre la Circulación Vial de 1968
  • Frans (Français): Convention sur la circulation routière
  • Pools (Polski): Konwencja wiedeńska o ruchu drogowym
  • Russisch (Русский): Венская конвенция о дорожном движении
  • Zweeds (Svenska): Konvention om vägtrafik

Externe links

Overzicht verdragen

Tekst verdrag

Nederlandse ratificatie met voorbehouden

Raad van State advies