Wet bereikbaarheid en mobiliteit

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Wet bereikbaarheid en mobiliteit (Wbm) was een wet uit 2002 die de basis vormde voor de invoering van de kilometerheffing. De kilometerheffing is echter nooit ingevoerd en de wet is in 2016 ingetrokken.

Doel van de wet

De Wet bereikbaarheid en mobiliteit (Wbm) regelde het tegen betaling rijden met een motorvoertuig op de weg. Dit voorstel is totstandgekomen naar aanleiding van de discussie rond het ingetrokken wetsvoorstel Wet op het rekeningrijden (25.816) en het pakket van maatregelen van het Bereikbaarheidsoffensief Randstad (BOR). Met de Wbm worden twee mobiliteitstarieven (expresbaantarief en toltarief) ingevoerd, de vorming van regionale mobiliteitsfondsen bevorderd en de Nationale wegencompagnie ingesteld. Een derde tarief ten behoeve van het voorziene rekeningrijden haalde het destijds niet; wel bood de wet de mogelijkheid om deze later alsnog te incorpereren. De Wbm is op 2 juli 2002 door beide kamers van het parlement aangenomen.

Wijzigingsvoorstellen

In 2006 is bij de Tweede Kamer een wijzigingsvoorstel (30 615) ingediend, om de verschillende tarieven van de kilometerheffing in te kunnen voeren. Deze wijziging is echter nog niet doorgevoerd in de wetgeving. De Tweede Kamer heeft op 2 juli 2008 positief geoordeeld over de wetswijziging, maar behandeling in de Eerste Kamer heeft nog niet plaatsgevonden.

Op donderdag 4 september 2008 stond een wijziging van de Wbm ten gevolge van EU-richtlijn 1999/62/EG, tezamen met een aantal andere wijzigingen in wetgeving van Verkeer en Waterstaat, op de agenda van de Tweede Kamer (31 340). In de EU-richtlijn is een aantal beperkingen vastgelegd t.a.v. tolheffing voor vrachtverkeer. Daardoor is het niet toegestaan – behalve op een brug of in een tunnel – om op een TEN-weg tol te heffen voor zware vrachtwagens die reeds een Eurovignet voeren. De heffing van een toltarief en/of een versnellingstarief is door de richtlijn in beginsel wél toegestaan op bruggen en in tunnels, op andere wegen dan TEN-wegen en op andere voertuigen dan zware vrachtwagens.

Intrekking

De Wbm is met het vaststellen van de Wet tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15 per 15 maart 2016 ingetrokken.[1]

Verschillende tarieven

In de Wbm is geregeld dat er voor nieuwe wegen tol geheven kan worden om de aanlegkosten te financieren; het zgn. toltarief. Tevens was voorzien dat er op de A5 Verlengde Westrandweg en de A4 door de Beneluxtunnel een proef zou komen met een Espresbaantarief. Beide wegvakken zijn echter opengesteld zonder dat betaaltarief te implementeren, omdat het laatste kabinet Kok viel. Srebenica speelde daarbij een rol, maar de situatie rond het rekeningrijden had de verhoudingen binnen het kabinet reeds op scherp gezet. In het wijzigingsvoorstel van 2006 is voorzien in de invoering van het kilometertarief, alsmede een versnellingstarief. Het kilometertarief staat algemeen bekend als de kilometerheffing, waarbij voor het gebruik van de weg met een voertuig per afgelegde kilometer moet worden afgerekend, en de motorrijtuigenbelasting (MRB) en de toelatingsbelasting BPM komen te vervallen. Het versnellingstarief is bedoeld om op plaatsen met veel congestie versneld maatregelen te kunnen bieden, waarbij wegverkeer op specifiek deze locaties een surplus bovenop het kilometertarief moeten betalen. Het versnellingstarief mag in tegenstelling tot het toltarief ook aangewend worden voor investeringen in OV-infrastructuur. In de Nota Mobiliteit is wel aangegeven dat het versnellingstarief alleen mag worden geheven als er een gratis alternatief voorhanden is.

Externe links

Referenties