Portugal

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Flag of Portugal.svg
Portugal
Portugal.png
Hoofdstad Lisboa
Oppervlakte 92.345 km²
Inwonertal 10.487.000
Lengte wegennet 68.732 km
Lengte snelwegennet 3.089 km[1]
Eerste snelweg 1944
Benaming snelweg Autoestrada
Verkeer rijdt rechts
Nummerplaatcode P

Portugal is een land in Zuidwest-Europa. Het land telt 10,4 miljoen inwoners en is ongeveer twee maal zo groot als Nederland. De hoofdstad is Lisboa (Lissabon).

Inleiding

Geografie

Portugal beslaat het westelijkste deel van het Iberisch schiereiland en heeft alleen een landsgrens met Spanje. Het land meet circa 560 kilometer van noord naar zuid en maximaal 200 kilometer van oost naar west. Tot Portugal behoort Madeira, dat 900 kilometer ten zuidwesten van het vasteland in de Atlantische Oceaan ligt, en de Azoren, een eilandengroep 1.400 tot 1.900 kilometer ten westen van Portugal. De verste eilanden van de Azoren liggen ongeveer halverwege Portugal en Canada.

Het vasteland van Portugal bestaat voornamelijk uit heuvels tot lage bergen, alhoewel er ook kustvlaktes zijn. De hoogste berg op het vasteland is de 1.993 meter hoge Serra da Estrela. De hoogste berg van Portugal is het Montanha do Pico op de Azoren met een piek van 2.351 meter. Over het algemeen is het noordoosten van Portugal vrij bergachtig, met plateaus en diepe dalen. Het zuiden, bestaande uit de regio's Alentejo en Algarve, is vlak tot glooiend met slechts beperkt wat berggebieden.

De Tejo (Taag) is de belangrijkste rivier van Portugal en stroomt oost-west door het land en mondt bij de hoofdstad Lisboa (Lissabon) in een grote baai uit. De Douro is de belangrijkste rivier van het noorden van het land. De rivier de Guadiana vormt deels de grens met Spanje in het zuiden van Portugal. De Minho vormt deels de grens met Spanje in het noorden.

Portugal heeft een mediterraan klimaat klimaat met hete zomers en milde winters. Er zijn echter grote regionale verschillen, zo zijn de bergen in het noordoosten kouder, op de hoogste bergen valt in de winter regelmatig sneeuw. Het binnenland van het zuiden is in de zomer zeer heet. De neerslag is het grootst in het noorden en het laagst in het zuiden. Op de Azoren valt ook veel neerslag op sommige eilanden. De temperatuur van het zeewater is lager dan in de Middellandse Zee, ook langs de Algarve.

Economie

Portugal heeft een relatief ontwikkelde economie, alhoewel het inkomen het laagste is in West-Europa, met ook een duidelijk lager inkomen dan in buurland Spanje. De verschillen tussen de grote steden en het platteland zijn relatief groot. Vanaf 2009 beleefde Portugal een diepe recessie. De landbouw in Portugal is nog relatief kleinschalig. De visserij is een belangrijk exportproduct. Zoals de meeste ontwikkelde landen is de economie van Portugal grotendeels gebaseerd op diensten. De toeristensector is relatief groot in Portugal. Bekende toeristische trekkers zijn de hoofdstad Lisboa (Lissabon), de wijnstreken rond Porto en massatoerisme in de Algarve. Daarnaast trekt Madeira toeristen, en in mindere mate de Azoren, vanwege zijn geïsoleerde ligging en hoge transportkosten.

Het land heeft relatief weinig zware industrie. Er worden enkele aardmetalen gewonnen in Portugal, maar het land heeft weinig grondstoffen. Er zijn relatief weinig Portugese bedrijven die internationaal bekend staan. Eén van de bekendere Portugese bedrijven die internationaal opereren is het bouwbedrijf Mota-Engil. Portugal heeft van oudsher een emigratie van arbeidskrachten naar andere delen van Europa, van vroeger uit in de mijnbouw en staalbouw in bijvoorbeeld Luxemburg. De werkloosheid is relatief hoog, met name onder jongeren.

Demografie

Portugal heeft circa 10,5 miljoen inwoners. Het inwonertal groeide relatief langzaam na de Tweede Wereldoorlog, van 5,4 miljoen in 1900 naar 8,5 miljoen in 1950 en 10,3 miljoen in 2010. Madeira heeft 268.000 inwoners en de Azoren hebben 250.000 inwoners. In Portugal wonen relatief weinig buitenlanders vergeleken met veel andere westerse landen, het grootste aandeel komt uit de voormalige koloniën, zoals Kaapverdië, Angola en Guinea. Daarnaast wonen er veel Brazilianen in Portugal vanwege de gedeelde taal. In recente jaren is het aantal Roemenen, Oekraïners en Moldaviërs sterk toegenomen. Portugal heeft echter lang niet zoveel arbeidsmigranten als Spanje.

Ruim een kwart van de Portugezen woont in en rond de hoofdstad Lisboa (Lissabon). De tweede grootste agglomeratie is Porto in het noorden van het land. Daarnaast zijn er diverse kleinere agglomeraties. Portugal heeft maar 7 steden met meer dan 100.000 inwoners.

Geschiedenis

Portugal was één van de grootste wereldmachten in de geschiedenis, met kolonies in wat nu 53 landen zijn. Mede hierdoor wordt het Portugees door 250 miljoen mensen gesproken, ondanks Portugal zelf maar 10 miljoen inwoners telt. De wereldwijde invloed van Portugal nam fors af in de 19e eeuw nadat Brazilië onafhankelijk werd. Tussen 1933 en 1974 stond Portugal onder een autoritair bewindslied. Daarentegen bleef het buiten de Tweede Wereldoorlog. Daarna werden kolonies van Portugal geleidelijk onafhankelijk, met name in Afrika en Azië. In 1961 werden enkele kleine overzeese gebiedsdelen in India een onderdeel van dat land. In 1973 werd Guinea-Bissau onafhankelijk. In 1975 verkregen Angola, Kaapverdië, Mozambique en São Tomé and Príncipe de onafhankelijkheid. In 1999 werd Macau overgedragen als speciale administratieve regio van China. Als laatste kreeg Oost-Timor formeel de onafhankelijkheid in 2002.

Wegennet

De autosnelwegen van Portugal.

Zie ook autoestrada.

Portugal heeft een betrekkelijk uitgebreid netwerk van autosnelwegen, dat ruim 3.000 kilometer beslaat. Daarnaast is er sprake van een gedeeltelijk ontwikkeld secundair wegennet. De nationale wegen (estradas nacionais) hebben vergeleken met andere landen vaak erg lage ontwerpstandaarden, in de tijd dat dit het primaire wegennet was, waren de reistijden in Portugal bijzonder lang, waarbij het binnenland bergachtig is en de wegen kronkelig zijn, terwijl de vlakkere gebieden vaak veel bebouwing langs de weg kenden. In die periode waren de rijsnelheden alleen hoog in de dunner bevolkte en vlakkere streek Alentejo in Zuid-Portugal.

Portugal was één van de eerste landen in Europa met een autosnelweg, de A5 opende reeds in 1944. Maar het snelwegennet kwam pas vanaf de jaren '70 enigszins tot ontwikkeling, alhoewel de grootschalige uitbreiding vooral in de periode 1995-2010 plaats vond. Na 2010 zijn alleen nog lopende projecten afgerond, vanwege de economische crisis in het land zijn bijna alle projecten voor onbepaalde tijd uitgesteld. In de periode 2013-2020 zijn nog maar drie stukken autosnelweg geopend.

Sinds 2010 beschikt Portugal over een goed ontwikkeld en modern snelwegennet wat alle steden van het land verbindt. Het snelwegennet is 3.089 kilometer lang (januari 2020) en bestaat grotendeels uit tolwegen, alleen rond de grote steden zijn tolvrije snelwegen. De meeste autosnelwegen liggen langs de A1-as die vanaf Lissabon naar Porto en verder naar de Spaanse grens loopt. Hier liggen ook de meeste grote steden aan. In de periode 2000-2010 is het aantal kilometers snelweg in het binnenland gestaag gegroeid. In het zuiden is het snelwegennet beperkt tot de noord-zuid A2 en de Algarvesnelweg langs de zuidkust (A22). De stedelijke gebieden van Lissabon en Porto beschikken over een uitgebreid netwerk van autosnelwegen en expresswegen.

Portugal heeft naast de N-wegen en de A-wegen nog een categorie wegen, de via rápida, genummerd met een IP- of IC-nummer. Dit zijn beter uitgebouwde wegen die veelal uit één rijbaan met tegenverkeer en 2+1 rijstroken of super two kenmerken hebben. Deze wegen zijn in de regel volledig ongelijkvloers. Een groot deel van deze wegen zijn in de jaren '80-90 aangelegd, waarbij een aantal daarvan na 2000 weer zijn omgevormd tot autosnelweg. Hierbij zijn weer twee verschillende ontwikkelingen te onderscheiden, IC-wegen die een A-nummer kregen omdat ze al op autosnelwegprofiel waren aangelegd, of IC/IP-wegen die verbreed zijn naar een autosnelweg en daarna een A-nummer kregen.

Flag of Portugal.svg Autosnelwegen in Portugal Flag of Portugal.svg

A1-PT.svgA2-PT.svgA3-PT.svgA4-PT.svgA5-PT.svgA6-PT.svgA7-PT.svgA8-PT.svgA9-PT.svgA10-PT.svgA11-PT.svgA12-PT.svgA13-PT.svgA14-PT.svgA15-PT.svgA16-PT.svgA17-PT.svgA18-PT.svgA19-PT.svgA20-PT.svgA21-PT.svgA22-PT.svgA23-PT.svgA24-PT.svgA25-PT.svgA26-PT.svgA27-PT.svgA28-PT.svgA29-PT.svgA30-PT.svgA31-PT.svgA32-PT.svgA33-PT.svgA34-PT.svgA35-PT.svgA36-PT.svgA37-PT.svgA38-PT.svgA39-PT.svgA40-PT.svgA41-PT.svgA42-PT.svgA43-PT.svgA44-PT.svg


Wegbeheer

De nationale wegbeheerder is Infraestruturas de Portugal. Daarnaast zijn de meeste autosnelwegen onder concessie gebracht, de grootste spelers hierin zijn Brisa en Ascendi.

Geschiedenis

zie lijst van wegopeningen in Portugal voor het hoofdartikel.

Portugal was één van de eerste landen in Europa met een autosnelweg, namelijk de A5 in het westen van Lissabon die in 1944 werd opengesteld voor het verkeer. De tweede snelwegopening volgde echter pas in 1960, en was een stukje van de A1 in Porto. Vlak daarna volgde nog een stuk A1 bij Lissabon in 1961. De ontwikkeling van het snelwegennet van Portugal was erg traag gedurende de jaren '70 en '80, waarbij eigenlijk vooral de A1 werd aangelegd van Lissabon naar Porto, en een aantal korte snelwegtrajecten in de regio Lissabon. In de jaren '90 werden een aantal belangrijke assen tot snelweg uitgebouwd, maar meer dan een basisnetwerk was dit niet tegen eind jaren '90. In de jaren '90 groeide het netwerk desondanks vrij sterk vanwege een aantal lange trajecten die werden opengesteld. De snelle groei kwam vooral tusssen 2000 en 2011, toen op grote schaal snelwegen werden aangelegd in Portugal, waarbij het netwerk met name in een brede kuststrook erg dicht was. In het binnenland zijn desondanks niet zo heel veel snelwegen aangelegd, maar dit gebied is ook dunbevolkt. In 1998 groeide Portugal door de grens van 1.000 kilometer snelweg. De grens van 2.000 kilometer volgde al in 2004 en 2.500 kilometer in 2007, waarmee de ontwikkeling van het snelwegennet van Portugal in het eerste decennium van de 21e eeuw indrukwekkend genoemd mag worden.

De belangrijke oudere assen zijn als tolweg aangelegd met een gesloten ticketsysteem. Nieuwere snelwegen, met name na 2000, zijn met schaduwtol aangelegd, SCUT genaamd. Vanaf 2008 kwam Portugal in een ernstige economische crisis waarbij de overheidsfinanciën een probleem werden. In 2011 is daarom op veel snelwegen alsnog tol ingevoerd om het begrotingstekort kleiner te maken. Omdat deze snelwegen nooit voor fysieke tolheffing zijn ontworpen is een complex elektronisch tolsysteem gerealiseerd. Op veel van deze SCUT-snelwegen daalden de intensiteiten daarna fors, op sommige snelwegen werden in 2012 30 tot 50 procent lagere verkeersintensiteiten gemeten. Op de oudere tolwegen en de tolvrije snelwegen in de grote steden was geen grote daling geregistreerd.

Motorway development of Portugal.png

Plano Rodoviário Nacional

Zie ook Plano Rodoviário Nacional.

Het wegennet in Portugal wordt gepland in het Plano Rodoviário Nacional, waarvan de eerste in 1945 is opgesteld. Hierin kreeg een netwerk van 20.600 kilometer de status van nationale weg, opgedeeld in drie klassen. Pas 40 jaar later werd het opgevolgd door een tweede wegenplan in 1985. Dit werd weer opgevolgd door het huidige Plano Rodoviário Nacional van 2000. Hierin werd het nationale wegennet gereduceerd naar circa 16.500 kilometer en ontstond de wegklasse estrada regional voor voormalige N-wegen.

Het wegenplan van 1985 was een antwoord op de snelle economische groei en het sterk gegroeide autogebruik. In het plan van 1985 werd gedefinieerd dat verplaatsingen langer dan 10 kiloemter en wegen met meer dan 2.000 voertuigen per dag in 1975 een N-weg moesten worden. Ook moesten alle gemeenten worden verbonden met N-wegen.[2] In het wegenplan van 1985 werden reeds de IC- en IP-nummers vastgesteld.

In het wegenplan van 2000 werd het Rede Rodoviária Nacional (nationale wegennet) gedefinieerd, opgedeeld in het Rede Fundamental (basisnet), gevormd door de IP-wegen, en het Rede Complementar (aanvullend net), gevormd door de IC-wegen. Deze wegen zijn uitgebouwd als autoestrada, via rápida of een reguliere weg.

Europese wegen

Europese wegen in Portugal

E1E80E82E90E801E802E805E806


Verkeersintensiteiten

De verkeersintensiteiten zijn buiten Lissabon en Porto laag. De drukste autosnelwegen in deze twee steden tellen tot circa 180.000 voertuigen per dag. Daarbuiten is eigenlijk alleen de A1 van Lissabon naar Porto wat frequenter bereden, maar die telt ook veelal niet meer dan 30.000 voertuigen buiten de invloedsgebieden van Lissabon en Porto. Andere trajecten zijn vaak rustiger; intensiteiten liggen veelal lager dan 20.000 voertuigen. Op nieuwere plattelandstrajecten worden regelmatig intensiteiten beneden de 10.000 voertuigen gemeten. Op enkele trajecten rijden zelfs minder dan 5.000 voertuigen per etmaal, wat erg laag is voor een autosnelweg. Wel worden op deze snelwegen grote winsten geboekt met de verkeersveiligheid, op sommige trajecten is het aantal ongevallen met 80 procent afgenomen nadat een snelweg gereedkwam.

Files

Filevorming komt in Portugal met name voor op de drukste invalswegen en rondwegen van Lissabon en Porto en dan vooral rond de stadscentra. In de voorstedelijke gebieden is minder frequent congestie, mede doordat recent vrij veel voorstedelijke snelwegen zijn aangelegd. Verder kan het druk zijn tijdens vakantie-uittochten, maar congestie is in Portugal zeldzaam buiten de grootste steden, mede door het goed uitgebouwde wegennet.

Wegnummering

In Portugal bestaan verschillende wegnummersystemen, met daarbij twee typen wegen die uniek zijn voor Portugal.

De autosnelwegen worden genummerd met een A-nummer, oplopend van A1 t/m A44. Een aantal van deze A-nummers is gereserveerd voor wegen die reeds op snelwegprofiel zijn aangelegd, maar nog niet de status van autoestrada hebben gekregen. Dit geldt vooral voor de wat hogere A-nummers in de regio Lissabon. Er bestaan ook enkele A-nummers met een suffix, bijvoorbeeld A13-1 en A26-1, dit zijn aftakkingen van de hoofdroute.

De nationale wegen (estradas nacionais) hebben een N-nummer. De belangrijkste N-wegen zijn genummerd van N1 t/m N18, met daarboven de resterende N-wegen van de eerste klasse met een nummer tussen de N101 en N125. Ook de N-nummers hebben aftakkingen met een suffix. In het verleden werd ook wel de prefix 'EN' gebruikt, maar dit is tegenwoordig niet meer gangbaar.

Ook bestaan er regionale wegen, de estradas regionais genaamd. Deze hebben een ER-nummer. Dit zijn vaak voormalige N-wegen.

De gemeentelijke wegen (estradas municipais) hebben een M-nummer. Deze worden niet altijd bewegwijzerd. Ze hebben soms twee namen, een Estrada Municipal (EM) en een Caminho Municipal (CM).

Daarnaast heeft Portugal een uniek systeem van IC- en IP-wegen. Het is feitelijk vergelijkbaar met het E-nummeringssysteem in Europa, maar dan voor binnen Portugal. De Itinerários Principais zijn hoofdwegen en verbinden belangrijke economische centra en zijn vaak internationale verbindingen. Veelal lopen deze nummers over snelwegen en expresswegen. De IC-wegen zijn de Itinerários Complementares, die het IP-net aanvullen. Veel IP- en IC-routes zijn gedeeltelijk uitgebouwd tot via rápida. Een aantal zijn de-facto autosnelwegen waar een A-nummer voor gereserveerd is.

Daarmee is de wegnummering in Portugal betrekkelijk complex met veel lagen die in andere landen als overbodig wordt gezien. Zo zijn er E-nummers, A-nummers, IP-nummers, IC-nummers, N-nummers, R-nummers en M-nummers. Daarnaast hebben stedelijke autosnelwegen vaak een lokale afkorting, zo wordt de "Circular Regional Interior do Porto" ook wel de CRIP genoemd, vergelijkbaar met de "Circular Regional Exterior de Lisboa", de CREL. Deze afkortingen staan ook op wegwijzers.

Bewegwijzering

Bewegwijzering op de N103 in Noord-Portugal.

De bewegwijzering is redelijk simpel en is in details niet zover doorontwikkeld als in buurland Spanje. Het wegnummer staat doorgaans in platte tekst op blauwe borden op de snelwegen, met daaronder een aantal doelen en pijlen die veel op die van België lijken. Tussen de doelen en de pijlen voor de rijstrookindeling zit een witte horizontale streep. Overige wegen hebben witte borden met zwarte letters. Op afstandsborden heeft het A-nummer wel een kader. De vorkborden zijn vergelijkbaar met die in Groot-Brittannië. Indirecte wegnummers worden tussen haakjes aangegeven, indirecte doelen soms ook. Wegen met een IP-nummer hebben groene borden waarbij het IP-nummer in een rood vak staat. Handwegwijzers zijn vergelijkbaar met die in Spanje. Het snelwegsymbool wordt vanaf het OWN gebruikt. Afritnummers staan met zwarte letters in een geel vak en vallen niet heel erg op. Voor toeristische bestemmingen worden bruine borden met witte letters gebruikt. Naar doelen buiten Portugal wordt niet verwezen, men ziet alleen de aanduiding ESPANHA. Esthetisch gezien kan de Portugese bewegwijzering tot de lelijkste van Europa gerekend worden, maar het functioneert wel.

Veel snelwegnummers in stedelijke gebieden, met name die niet onder het primaire snelwegennet vallen (zoals de nummers tussen 20 en 44) worden niet altijd aangegeven. Soms hebben deze afkortingen, zoals CRIL, CREL, CREP wat bypasses zijn, andere worden alleen met het oudere IC of IP-nummer aangegeven. Lange-afstandssnelwegen met hogere nummers worden doorgaans wel bewegwijzerd.

Tolwegen

Zie ook Tolwegen in Portugal.

   Tolvrij
   Handmatige tol
   Elektronische tol

Brisa

De oorspronkelijke concessionair in Portugal was Brisa, die voor 2010 de enige tolwegen van Portugal in het beheer had. Dit waren voornamelijk de lange-afstandswegen langs de kust, de tolwegen in het oosten van Portugal waren tot 2010 traditioneel tolvrij, evenals rond de grote steden. Het bedrijf is in 1972 begonnen en is verdeeld over zes concessiegebieden; Brisa, Brisal, Douro Litoral, Atlântico, Baixo Tejo en Litoral Oeste. In 2009 had het bedrijf zo'n 1.500 kilometer tolweg in beheer, wat neerkomt op bijna de helft van het Portugese snelwegennet.

Ascendi

Ascendi werd in 1999 opgericht die vooral ten taak had om tolwegen in het noorden en midden van Portugal te exploiteren. Later zijn daar ook twee tolwegen bij Lissabon bijgekomen. Ascendi heeft zes concessiegebieden;[3] Costa de Prata, Grande Porto, Beiras Litoral e Alta, Interior Norte, Pinhal Interior en een stukje A4. Later kwamen daar Grande Lisboa en Norte bij. Dit waren oorspronkelijk tolvrije autosnelwegen onder het SCUT-regime. Sinds 2010 en 2011 wordt hier fysiek tol geheven, waarmee Ascendi naast Brisa een grote naam werd in Portugal.

Elektronische tol

Sinds 2010 en 2011 wordt op bijna alle voormalige tolvrije snelwegen tol geheven. Deze tolwegen zijn niet in het beheer van Brisa, maar in het beheer van de Portugese overheid. Oorspronkelijk waren dit snelwegen met een SCUT-regime, een systeem van schaduwtol die betaald werd uit inkomsten van wegenbelasting en brandstofaccijns. Om het overheidstekort terug te dringen wordt hier sinds 15 oktober 2010 en april 2011 met een elektronisch systeem tol geheven. Omdat deze wegen nooit zijn gebouwd om tolwegen te worden ontbreken fysieke tolstations, men heet hier een elektronische tolheffing geïntroduceerd. Portugal was het eerste land in Europa dat op dermate grote schaal volledig elektronische tolheffing had geïmplementeerd.

Betalingsmogelijkheden

Er zijn diverse mogelijkheden om op de elektronische tolwegen tol te betalen. Voor buitenlanders geldt dat Easy Toll de beste optie is, waarbij men bij een terminal aan de grens het kenteken aan de creditcard koppelt, waarna de tol automatisch wordt afgeschreven. Een andere optie is de TOLLCard, een debetkaart die vooraf geladen wordt. Frequente gebruikers kunnen de bestaande Via Verde gebruiken, een transponder in het voertuig die ook op de reguliere tolwegen met tolpoorten gebruikt kan worden. Een vierde mogelijkheid is TOLLService, een prepaid kaart van € 20 met onbeperkt gebruik voor 3 dagen.[4]

Verkeerseffecten

Na de invoering van de elektronische tol op voormalige SCUT-snelwegen is de verkeersintensiteit op deze snelwegen sterk gedaald, met name die in de periferie laten in het eerste kwartaal van 2012 een daling van 30 tot 50 procent zien ten opzichte van het eerste kwartaal van 2011.[5]

Opbrengsten

In 2012 bedroegen de opbrengsten van de voormalige SCUT-tolwegen met een elektronisch tolsysteem een relatief geringe € 153 miljoen. Dit komt omdat de hoeveelheid verkeer op veel voormalige SCUT-tolwegen gehalveerd is. De operationele kosten van het systeem bedragen bijna 30% van de inkomsten, namelijk € 50 miljoen.[6]

Verkeersveiligheid

jaar verkeersdoden
2010 937
2011 891
2012 718
2013 637
2014 638
2015 593
2016 565
2017 624
2018 704

In 2010 vielen 80 verkeersdoden per 1 miljoen inwoners in Portugal, een daling van 49 procent ten opzichte van het jaar 2001. Portugal behoort daarmee nog steeds tot de minder veilige landen in de Europese Unie.[7] Portugal is één van de weinige EU-landen waar tussen 2010 en 2015 het aantal verkeersdoden elk jaar afnam. In veel EU-landen steeg het aantal verkeersdoden vanaf 2013. In 2015 vielen 60 verkeersdoden per 1 miljoen inwoners, enigszins boven het EU-gemiddelde.[8] Het verschil met buurland Spanje is wel markant en ligt bijna twee keer zo hoog.

Zie ook

Referenties

Wegen van Europa

AlbaniëAndorraArmeniëAzerbeidzjanBelgiëBosnië-HerzegovinaBulgarijeCyprusDenemarkenDuitslandEstlandFinlandFrankrijkGeorgiëGriekenlandHongarijeIerlandIJslandItaliëKazachstanKosovoKroatiëLetlandLiechtensteinLitouwenLuxemburgNoord-MacedoniëMaltaMoldaviëMonacoMontenegroNederlandNoorwegenOekraïneOostenrijkPolenPortugalRoemeniëRuslandSan MarinoServiëSloveniëSlowakijeSpanjeTsjechiëTurkijeVaticaanstadVerenigd KoninkrijkWit-RuslandZwedenZwitserland

in cursief landen die deels in Europa liggen of met Europa geassocieerd worden