Zuidasdok

Uit Wegenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Zie ook Tunnel Zuidas.

De Zuidas voor reconstructie.
Het eindbeeld van het Zuidasdok.

Het Zuidasdok is een gepland project in Amsterdam, dat de uitbreiding en het deels ondergronds brengen van de A10-zuid omvat. Tevens omvat het de uitbreiding van het station Amsterdam-Zuid. De doelen zijn een betere verkeersdoorstroming, vergroting van de spoorcapaciteit en verbetering van de leefbaarheid van de Zuidas.[1]

Kenmerken

De A10-zuid wordt in het plan uitgebreid van 2x3 rijstroken plus spitsstroken naar 2x4 rijstroken voor de hoofdrijbaan en 2 rijstroken per richting op de parallelrijbaan. Het aantal rijstroken bedraagt dan 12, alhoewel er richting Knooppunt Amstel op de parallelbaan maar één rijstrook is ter hoogte van de aansluiting Oud-Zuid. De A10-zuid wordt over circa 1.100 meter ondergronds aangelegd, met daar bovenop het station Amsterdam-Zuid. De tunnel krijgt vier tunnelbuizen. De A10-zuid wordt in totaal over 5 kilometer verbreed tussen het knooppunt De Nieuwe Meer en het knooppunt Amstel.

Geschiedenis

De A10-zuid is gefaseerd tussen 1972 en 1981 opengesteld voor het verkeer. Het station Amsterdam-Zuid is in 1978 geopend.

De oorspronkelijke plannen voor het Zuidasdok bestonden uit het volledig ondergronds brengen van zowel de weg- als spoorinfrastructuur. De A10-zuid zou dan 4x3 rijstroken tellen, deels dubbeldeks. Dit zou gepaard moeten gaan met grootschalige vastgoedontwikkeling in de Zuidas. De kosten van deze plannen bedroegen circa € 3 - 3,3 miljard. Dit plan is teruggeschaald vanwege de aanhoudende slechte vastgoedmarkt en de economische crisis vanaf 2008.

Ontwerp

In de structuurvisie is het ontwerp in de planMER uitgewerkt en vervolgens in het ontwerp-tracébesluit. De A10 wordt over 1.100 meter ondergronds gelegd in de tunnel zuidas. Deze begint net ten westen van de Parnassusweg en eindigt ter hoogte van de Antonio Vivaldistraat. Er komt een parallelstructuur tussen de knooppunten De Nieuwe Meer en Amstel, waarbij de parallelbanen aan de buitenzijde komen te liggen. Daarvoor zijn extra bruggen over de Schinkel en de Amstel noodzakelijk. Het knooppunt De Nieuwe Meer wordt van extra verbindingswegen voorzien voor de parallelstructuur, maar blijft in hoofdlijnen min of meer hetzelfde als het huidige knooppunt. Ook de configuratie van het knooppunt Amstel wordt niet significant veranderd. De A10 krijgt 2 rijstroken per richting voor verkeer van en naar de aansluitingen aan de A10-zuid, en 4 rijstroken per richting voor doorgaand verkeer tussen de knooppunten De Nieuwe Meer en Amstel. De parallelbanen worden met weefstroken uitgevoerd, waardoor deze slechts één doorgaande strook per richting tellen; de maatgevende capaciteit van dit wegvak is dan ook 10 rijstroken (1+4+4+1).

Render Zuidasdok.jpg

Toekomst

In maart en april 2011 lag de notitie reikwijdte en detailniveau ter inzage. Op 9 februari 2012 is overeenkomst bereikt tussen het Rijk en de regionale overheden met betrekking tot de financiering en zijn de structuurvisie en planMER ter inzage gelegd. Op 12 maart 2015 is het ontwerp-tracébesluit ter inzage gelegd[2] en op 18 maart 2016 is het tracébesluit ondertekend.[3] Op 18 maart 2016 is het definitieve tracébesluit vastgesteld. Het project is op 19 januari 2017 voorlopig gegund aan het consortium 'ZuidPlus', waarin Fluor, Hochtief & Heijmans deel uitmaken. Het betreft een design & construct-contract met een waarde van € 990 miljoen.[4] Op 21 februari 2017 is het project definitief gegund.[5] De werkzaamheden moeten in medio 2019 beginnen en de tunnels moeten in 2023 gereed zijn, waarna de spoorinfrastructuur wordt aangepakt. In 2028 moet het gehele project afgerond zijn.

Kritiek

Het plan Zuidasdok wordt op een aantal punten bekritiseerd. Het ondergronds brengen van de A10-zuid wordt bekritiseerd omdat de vrij te komen ruimte niet benut zal worden voor vastgoedontwikkeling en de Zuidas feitelijk verandert van een snelwegomgeving in een spooromgeving, wat nauwelijks meerwaarde biedt ten opzichte van het kantorenpark bij het station Sloterdijk. Daarnaast worden de hoge kosten bekritiseerd; met een investering van € 280 miljoen per kilometer is het één van de duurste wegenprojecten ooit, terwijl het ondergronds brengen van de A10-zuid niet noodzakelijk is om aan de wettelijke eisen voor geluidhinder en luchtkwaliteit te voldoen. Langs het deel dat ondergronds gebracht zal worden staan nauwelijks geluidsgevoelige bestemmingen, maar vooral kantoren, bedrijven en sportparken. Daarnaast is er rond de Zuidas voldoende ruimte aanwezig voor eventuele nieuwe kantorenpanden.

Een tweede punt van kritiek was de uitvoering van de A10-zuid. In het oorspronkelijke model was uitgegaan van 4x3 rijstroken. In het ontwerp-tracébesluit was sprake van weliswaar vier tunnelbuizen, maar zou de maatgevende capaciteit op de parallelrijbaan richting knooppunt Amstel slechts één rijstrook bedragen. Met een verwachte verkeersintensiteit van 250.000 tot 300.000 voertuigen per etmaal op de A10-zuid werd dit niet robuust geacht. De reistijdverhouding voldoet met name in de avondspits nauwelijks aan de norm en de autosnelweg zal na de uitvoering van het plan niet filevrij worden, met een reistijdverhouding van 1,5 tot 2,0. Dit kritiekpunt is aangepakt in het definitieve tracébesluit, waarin twee doorgaande rijstroken op de parallelbaan zijn opgenomen. Ook de lange bouwtijd van de tunnel is een punt van kritiek, de bouwtijd bedraagt zo'n 8 jaar.

Een derde mogelijk knelpunt is eventuele dosering van het verkeer bij congestie in de tunnel. Bij de Leidsche Rijntunnel leidt dit vaak tot extreme congestie op de A2.

Kosten

De kosten van het huidige geplande project bedragen € 1,4 miljard. Hiervan neemt het Rijk € 979 miljoen voor haar rekening, de gemeente Amsterdam € 201 miljoen, de stadsregio Amsterdam € 130 miljoen en de provincie Noord-Holland € 75 miljoen. Van de € 979 miljoen was in het MIRT € 627 miljoen gereserveerd, waarvan € 301 miljoen voor de aanpassingen aan het wegennet en € 326 miljoen voor de aanpassingen aan het spoor. Dit bedrag is verhoogd naar € 979 miljoen uit het verlengde MIRT na 2020.

Referenties